Het zindert boven de noedelsoep

Het archetype van de romantische liefdesfilm, waarin een man en een vrouw besluiten het bij een platonische relatie te houden, is nog steeds David Leans Brief Encounter (1946). Trevor Howard en Celia Johnson zijn getrouwd, maar allebei met een ander. In een vreugdeloze en morsige Engelse stationsrestauratie spreken ze schuldbewust af, maar versagen de grote overspelige liefde, uit fatsoen.

Tussen de journalist meneer Chow (Tony Leung) en de directiesecretaresse mevrouw Chan (Maggie Cheung) ligt het probleem een nuance anders. Ook in Wong Kar-wai's superromantische In the Mood for Love krijgen we hun beider echtgenoten nooit te zien, alleen op de rug. Ongeveer tegelijkertijd, in het Hongkong van 1962, hebben de beide paren twee appartementen naast elkaar betrokken, als onderhuurders van tijdens het mahjong spelen druk roddelende hospita's uit Sjanghai. Het zindert tussen meneer Chow en mevrouw Chan, maar het is niet alleen uit angst voor hun reputatie dat ze hooguit een bakje noedelsoep met elkaar nuttigen. Meneer Chow draagt dezelfde das als meneer Chan, en mevrouw Chan heeft dezelfde tas als mevrouw Chow. Het blijken geschenken van beider wederhelften, die al enige tijd wel vreemd gaan met elkaar. Juist door die stap niet te zetten, door niet toe te geven aan hun impulsen, is de heimelijke liefde van meneer Chow en mevrouw Chan superieur. Bovendien is beheersing een groot goed, wanneer je het vergelijkt met meneer Chows collega Ping, een dronkenlap met gokschulden, die zijn laatste geld in het bordeel verbrast.

In the Mood for Love, verluchtigd door Spaanstalige ballads van Nat King Cole, is ook een exercitie in nostalgie, naar een verloren tijdperk, toen Hongkong nog gezellig was en verankerd in hechte sociale structuren. Het wonderlijke van de film, en vermoedelijk het geheim van het immense succes over de hele wereld, is dat de modieuze vormgevingskwaliteiten van cultregisseur Wong Kar-wai (Days of Being Wild, Happy Together) en zijn cameraman Christopher Doyle, geheel ten dienste staan aan het verheerlijken van de tijd dat geluk nog heel gewoon was. Zelden zal een film ascetisme zo nadrukkelijk gekoppeld hebben aan een barok design.

Alles wordt herhaald, uitvergroot en over the top gejaagd: het aantal verschillende jurken van Cheung, de slow-motion waarin we haar heupen zien wiegen, de broeierige blik van Leung, een tergend walsje, de belichting van de motieven op het behang. Het is een kwestie van smaak of zo'n overdaad aan veruiterlijkte gevoelens de emoties bij de toeschouwer versterkt of juist verhindert. Ik voel veel meer bij de opgekropte liefde in het sobere Brief Encounter dan bij de uit zijn voegen barstende onderdrukking van de emoties in Wongs exuberante film. Maar In the Mood for Love gaat ook over een verandering in zeden en gewoonten, over de glorieuze aspecten van onthouding door de bril van modern materialisme en onbegrensdheid. Voor het eerst is Wong Kar-wai erin geslaagd om met zijn verheviging van de filmtaal een breed publiek aan te spreken, dat zich door de eenvoud van het verhaaltje volledig met de personages kan identificeren. Daarom is In the Mood for Love een belangrijke film, die op een slimme manier tot nadenken stemt, over de vraag wat een romantisch filmgevoel eigenlijk is. Je zou kunnen zeggen dat In the Mood for Love zich verhoudt tot Brief Encounter als Pulp Fiction tot The Big Sleep.

In the Mood for Love (Fa yeung nin wa). Regie: Wong Kar-wai. Met: Tony Leung, Maggie Cheung, Rebecca Pan, Lai Chen, Su Ping-lam. In: 9 theaters.