De hemel blikt tevreden neer op Blue Highways

De twee Cash Brothers openden zaterdag het Utrechtse Blue Highways Festival, typisch Amerikaans-bescheiden aangekondigd als `The Ultimate Americana Music Fest', met een uit grunge, gitaarrock en soepele zangharmonieën opgebouwde set. Lichtvoetig als de Byrds en dynamisch als Nirvana, en geholpen door een transparante zaalversterking leken ze niet te worden gehinderd door hun positie als openingsact, eerder verheugd met het vooruitzicht na afloop zelf ook van alle muziek te kunnen genieten. En als ze niet hadden verteld dat de ritmesectie bestond uit drie hier ingehuurde Nederlanders, was het niemand opgevallen.

De Byrds spookten wel vaker rond, deze dag: bij Jon Dee Graham met zijn melodieuze fluisterstem en bij het messcherpe powertrio van Bill Mallonee. Geen spoken bij Chris Gaffney & The Guilty Men, maar uitbundige feestmuziek van een zesmans-orkest, thuis in zowel progressieve country als in tex-mex, en met een knipoog naar dat authentieke gevoel van optimisme uit de jaren vijftig.

Het was wat al te veel van het goede en te luid voor de kubieke inhoud van het zaaltje, zo vroeg al op de dag, zodat de keus moest vallen op het optreden van Kristi Rose & Pulp Country. Rose en haar echtgenoot, multi-instrumentalist Fats Kaplin, maken muziek met een onwaarschijnlijke maar aanstekelijke mix van countryrock en Berlijnse nachtclubmuziek, zonodig met een flinke schep zigeunersaus. Daarbij heeft de zangeres een stem met volume en allure, en het postuur en de uitstraling van Bette Midler. Ze wond er de zaal moeiteloos mee om haar vinger. Zoals met een in Tammy Wynette-stijl gezongen smartlapwalsje, door Rose aangekondigd met het motto: `For All The Right Reasons/ I Did The Wrong Thing'.

Dat kon al niet meer stuk en echt onbetaalbaar werd het in het ook op de uitstekende verzamel-cd van het festival verschenen Johnny Guitar. Daarin ging een schijnbaar uit de Driestuiversopera ontvreemd lied dit keer voor de gelegenheid halverwege natuurgetrouw over in Jefferson Airplane's White Rabbit om tenslotte weer in de jaren dertig terug te keren. Vooral de dramatisch gedoseerde castagnetten lieten een onvergetelijke indruk achter.

Na deze Pulp Country was het de beurt aan Jimmie Dale Gilmore. Met zijn wapperende domineesgalm speelt hij het al jaren klaar om zelfs de oudste clichés gevoelvol en aangrijpend te zingen. Daarbij werd hij vooral geholpen door de uitnemende Rob Gjersoe op Fender Stratocaster. Spaarzaam, maar elke noot raak. En terwijl Gilmore onder luide bijval zijn grootste hits zong, keken vanuit de hemel Roy Orbison en Willy Alberti gezamenlijk toe en zagen dat het prachtig was.

Oudgediende David Olney, uit dezelfde school als John Prine en Townes van Zandt, had de ondankbare opgave te moeten concurreren met de hier in Nederland via internet ontdekte Mary Gauthier, die voor een afgeladen grote zaal haar leven en verleden van zich af zong. Indringend en aangrijpend was het, ze kreeg de zaal doodstil. Gauthier schrijft verfrissend recht voor haar raap: `I hated highschool. Goddamn HIV.'

Grootste naam van het festival was Buddy Miller. Diens echtgenote, de zangeres en songschrijver Julie Miller, was ziek thuis gebleven en op het laatste moment vervangen door een onvoorbereide Joy Lynn White. Ontspannen en opgewekt speelde en zong Miller een selectie van zijn drie cd's. Zijn fabuleuze gitaarspel maakte duidelijk dat wat op de plaat soms twee verschillende partijen lijken, door deze achteloze virtuoos in zijn eentje gelijktijdig wordt gespeeld.

Two Dollar Pistols had een zanger met Elvis-bakkebaarden en zowaar een cowboyhoed. De groep werkte zich enthousiast door een na de blues van Buddy Miller verfrissend werkende verzameling drieminutenliedjes. Het laatste hoogtepunt kwam van Slaid Cleaves, die met zijn trio van bas, gitaar en accordeon niet voor de eerste keer in Nederland indruk maakte met een verzameling doorzichtige songs. Daar konden in de grote zaal Dave Alvin en Robbie Fulks en, als allerlaatste de geslepen Hollisters, niet tegenop. Niet alleen doordat het publiek, (met een gemiddelde leeftijd van 45 jaar minstens vijftien jaar ouder dan de optredende muzikanten) na acht uur muziek vermoeider was dan de artiesten en zijn biezen pakte. Maar ook doordat de zaalmixer het geluid in de betonnen mini-arena zòver had opgedraaid dat de muziek grotendeels verdween in een krijsende herriekolk van rondkaatsende vervorming. Het was de enige smet op een feilloos georganiseerd en met een overdaad aan talent eigenlijk te overladen evenement.

Blue Highways. Gehoord: 10/3 Vredenburg, Utrecht.