Betoging in Kiev leidt tot veel geweld

Duizenden betogers hebben gisteren in Kiev, in een van de grootste protestbijeenkomsten sinds de onafhankelijkheid van de Oekraïne, opnieuw het aftreden geëist van president Leonid Koetsjma.

Bij gewelddadigheden tijdens de demonstratie zouden volgens ooggetuigen ten minste twee agenten en één demonstrant zwaar gewond zijn geraakt.

Betogers eisen nu al twee maanden het vertrek van Koetsjma omdat die volgens hen betrokken was bij de dood van de kritische journalist Georgi Gongadze. Op in het geheim gemaakte bandopnamen is de stem van de president te horen, die de geheime dienst opdracht geeft ,,met Gongadze af te rekenen''. Koetsjma ontkent iedere betrokkenheid en zegt dat de opname niet echt is.

De ongeregeldheden begonnen gisteren toen een kleine groep demonstranten probeerde in de buurt van Koetsjma te komen, die een krans legde bij een monument voor de dichter Taras Sjevtsjenko. Terwijl de politie trachtte de betogers met traangas op afstand te houden groeide hun aantal snel – geholpen door het mooie weer en het feit dat veel mensen een extra vrije dag hadden in verband met wereldvrouwendag op donderdag.

Nadat de kranslegging was beeindigd drongen de demonstranten door tot het standbeeld en vernielden de krans, om, zoals leden van de oppositie zeiden, het monument `symbolisch te reinigen van de president'. De demonstranten trokken daarop, gooiend met eieren, flessen en enkele molotovcocktails, op naar het ministerie van Binnenlandse Zaken en het kantoor van de president. De politie arresteerde ten minste honderd demonstranten van een ultra-rechtse partij, die zich in het verzet tegen de president heeft aangesloten bij de linkse oppositie.

Koetsjma was intussen afgereisd naar het westen van de Oekraïne, waar hij een ontmoeting had met slachtoffers van de watersnood in het gebied. Tegen het persbureau interfax noemde de president ,,de verleiding om de macht te grijpen via openbaar geweld in plaats van via verkiezingen'' een gevaarlijke ontwikkeling.