Van der Hoeven langs de feministische meetlat

Langs de feministische meetlat van maandblad Opzij heeft president C. van der Hoeven van Ahold, eigenaar van onder meer supermarktketen Albert Heijn, nog niet gelegen.

Hoofdredacteur C. Dresselhuys van Opzij wil hem graag de maat nemen, belt naar eigen zeggen regelmatig met Zaandam, maar zij heeft een beetje het gevoel dat zij door de voorlichtingsafdeling wordt afgepoeierd.

Dresselhuys is een doorzetter en zij put moed uit het feit dat C. Boonstra, president van Philips, onlangs wel wilde. Boonstra is sinds mei vorig jaar commissaris bij Ahold. Sinds W. Duisenberg enkele jaren geleden in Opzij onthulde dat hij niet een hele termijn van acht jaar bij de Europese Centrale Bank zou volmaken geldt het maandblad in de financiële wereld als need to read.

Van der Hoeven moet het voorlopig doen met een ,,haantje'' in de volgende Opzij, jargon voor een afkeurenswaardige opmerking. ,,Er is geen enkele vrouw in dit land die ik in mijn raad van bestuur wil hebben'', zei de Ahold-president vorige week in de Wall Street Journal. Nederlandse vrouwen missen volgens hem de brede nationale en internationale ervaring in de detailhandel. Ahold heeft één vrouw bij de top 100 managers.

De diskwalificatie door Van der Hoeven kwam wel goed uit. Geen enkele in Nederland actieve zakenvrouw haalde de Wall Street Journal lijst met de 30 invloedrijkste vrouwen in het Europese zakenleven. Zelfs oprichtster N. Brink van internetdienstverlener World Online ontbrak.

Datzelfde geldt voor vermogensbeheerder A. Kemna, die binnenkort als topbelegger bij ING enkele honderden miljarden guldens onder haar hoede krijgt, en voor de twee vrouwen die vorig jaar secretaris-generaal bij ABN Amro werden, het hoogste echelon onder de raad van bestuur.

Van der Hoevens standpunt is een bijdrage aan een kip-of-ei discussie. Geen gekwalificeerde vrouw, geen benoeming, en andersom. Al zijn klanten en medewerkers van Ahold in meerderheid vrouwen, waarom zou de top van een concern dat moeten weerspiegelen?

Zeep- en voedingsbedrijf Unilever heeft ook louter mannen in de directie, maar in elk geval nog een vrouw in de raad van advies, die bij Unilever ook een controlerende taak heeft.

Ahold is succesvol, never change a winning team. Van der Hoeven mag graag filosoferen over de vrouwelijke eigenschappen die de manager van de 21-ste eeuw moet bezitten, maar moet je daarvoor meerdere vrouwen onder je topmanagers hebben? Of doet het concern zichzelf zonder topvrouwen juist tekort?

Onderschat zijn invloed niet. Van der Hoeven leidt een van de machtigste Nederlandse bedrijven, dat liever niet als zodanig te boek staat. Wat Nederland eet wordt in belangrijke mate bepaald door wat marktleider Albert Heijn in de schappen heeft, en zelfs waar zij het in schappen legt. Op ooghoogte of net boven de grond. Welk gemeentebestuur wil niet graag een supermarkt van Albert Heijn als publiekstrekker voor een nieuw of gerenoveerd winkelcentrum? Welke krant maakt voor de losse verkoop niet gretig gebruik van de schappen, die nu veelal tot acht uur 's avonds open zijn? Is Albert Heijn niet de favoriete stek onder de supermarkten voor verkopers van daklozenkranten?

De inkoopmacht van Ahold wekt hier en daar wrevel, en dat wekt weer wrevel bij Ahold. Nederlandse bioboeren exporteren hun producten liever naar het buitenland, waar de consument meer wil betalen en supermarkten langerlopende contracten durven aangaan.

Zijn de afpingelende supermarkten mede verantwoordelijk voor BSE en andere plagen doordat zij met hun lage prijzen boeren dwingen grootschalig te produceren? Grote bullshit zei Van der Hoeven, afgelopen week bij de presentatie van een recordwinst van Ahold. Hij vond de aantijging een belediging voor de detailhandel.

Draai de rollen om. Dan is duidelijk dat Van der Hoevens diskwalificatie van het vrouwelijk potentieel in Nederland een vergelijkbare belediging inhoudt.

Hij gaat er kennelijk vanuit dat alleen mensen met bewezen internationale detailhandelservaring in de Ahold-top benoemd mogen worden. Strookt dat met de werkelijkheid, of meet hij nu met twee maten? Met uitzondering van nieuwkomer Th. de Raad had geen van de bestuurders uitgebreide nationale en internationale detailhandelservaring toen zij werden benoemd.

De twee Amerikanen zijn zeer bekwaam op hun thuismarkt, maar hadden zij in de top meegedraaid bij bedrijven buiten de Verenigde Staten? De anderen hebben zich opgewerkt op de Nederlandse markt of in specifieke activiteiten, zoals financiën, en hebben gaandeweg hun kennis en ervaring verbreed.

Van der Hoeven zelf is het beste voorbeeld hoe je kunt groeien in je baan. Hij werd in 1985 in de raad van bestuur van Ahold geparachuteerd. Hij kwam als financiële uitblinker bij Shell vandaan. Op basis van de normen die hij zelf in de Wall Street Journal aanlegt, had hij bij Ahold nooit zo snel zo ver kunnen komen.