Op Amerikaanse wijze

Volgens Renate Dorrestein is haar Amerikaanse succes te danken aan de vrije vertaling van haar roman. Twee vertalers die origineel en vertaling vergeleken, hebben een andere verklaring.

A Heart of Stone, Renate Dorresteins vertaalde roman Een hart van steen, doet het goed in Amerika. Daarvoor zijn oprechte felicitaties aan de orde. Hier is sprake van een succesverhaal zoals in de vertaalwereld zelden voorkomt. Toch heeft de discussie tussen Renate Dorrestein en Rudi Wester over de Amerikaanse vertaling van Dorresteins roman ons aan het denken gezet. Is het waar, zoals Dorrestein stelt, dat het succes van haar roman in de VS te danken is aan de vertaling ervan, of hebben we hier eerder te maken met het beroemde (en vaak verfoeide) Amerikaanse talent voor marketing?

In Amerika worden boeken, cd's, films, frisdranken, sportschoenen en presidentskandidaten op deftige wijze gepositioneerd en verkocht. Schrijvers ook. Neem de volgende flaptekst: `Renate Dorrestein knows how to chill her readers with tragedy and then melt their hearts with forgiveness.' Of: `A moving, chilling, powerful read'. Barnes & Noble prijst het boek aan als `an emotional rollercoaster unlike any book you've read before' en de schrijfster Isabel Allende heeft het Amerikaanse lezerspubliek gesmeekt: `Please, please read this book, you MUST read this book!' Voor veel Nederlanders is de eerste reactie op zoveel superlatieven een lichte onpasselijkheid. Voor veel Amerikanen ook. Maar voor veel meer Amerikanen is dit reden genoeg om de roman (het liefst gesigneerd) onmiddellijk aan te schaffen.

Een schrijver mag natuurlijk zelf kiezen om zo'n behandeling wel of niet te ondergaan. Ook Dorrestein kent haar grenzen: ze is bereid om haar volgende roman aan Viking toe te vertrouwen, maar hun voorgestelde `five year megadeal' durft ze niet aan. Ze zou `van pure schrik' de rest van haar leven geen woord meer kunnen schrijven. Verstandig.

Iets minder verstandig zijn haar opmerkingen over het Nederlands Literair Produktie- en Vertalingen Fonds dat, op basis van een negatieve evaluatie, A Heart of Stone in eerste instantie niet wilde subsidiëren. Dorrestein vraagt zich af of de vertaling `wel juist beoordeeld is'. Evalueren van het werk van vertalers is standaard procedure bij het Produktiefonds en gebeurt, normaal gesproken, op basis van een ongeredigeerde vertaling. Ongeredigeerd, omdat je anders onmogelijk kan bepalen of een vertaler in staat is om, zonder hulp van buitenaf, een mooie vertaling te leveren. A Heart of Stone is ter beoordeling gepresenteerd als het werk van vertaalster Hester Velmans – noch het Fonds noch de adviseur wist dat de vertaling die zij onder ogen hadden gekregen al was geredigeerd door zowel de schrijfster als de Amerikaanse uitgever. (Wat dat betreft is het merkwaardig dat die vertaling, ondanks alle deskundige ingrepen, toch nog werd afgekeurd. Maar dat terzijde.) Ondanks die evaluatie, en wegens het feit dat Renate Dorrestein, haar agent en haar buitenlandse uitgever allemaal tevreden waren met de vertaling, is het Produktiefonds uiteindelijk toch tot subsidiëring overgegaan. Een royaal gebaar. Ook al was het misschien moediger geweest als het Fonds de beoordeling van hun adviseur had ondersteund en de vertaling definitief had afgewezen. Met, jawel, alle gevolgen van dien.

Efficiënt

Wat stond er nou eigenlijk in die gewraakte evaluatie? Rudi Wester heeft het als volgt samengevat: `Het Engels was weliswaar goed, maar er waren veel dingen aan toegevoegd of veranderd, kortom het was een vertaling die geen recht doet aan de oorspronkelijke Nederlandse tekst.' Dit kunnen wij, na de Nederlandse, Britse en Amerikaanse teksten gelezen en vergeleken te hebben, ten volle beamen. Hester Velmans vertaling is zeer redelijk, bruikbaar, efficiënt. Er is wel wat veramerikaniseerd, op grammaticaal en idiomatisch niveau, maar dit is niet bepaald ingrijpend en zeker niets nieuws in ons vak. Hier en daar heeft de vertaalster zelfs een geniale vondst gedaan. En toch, de toon van haar Engels schommelt een beetje – geniale vertaaloplossingen alleen zorgen niet voor een samenhangend geheel. De vertaalster zelf is te zeer aanwezig. Het boek is, naar onze mening, niet langer Dorrestein. Ook al vindt Dorrestein van wel. Dat is haar goed recht.

Verontrustender voor ons, als literaire vertalers, is Dorresteins visie op wat zij `mooie' vertalingen noemt. Op 16 februari schreef Dorrestein in het CS: ,,Ik wilde dat de Engelstalige editie zou lezen als een Engelstalig boek, en niet als een vertaald boek. Ik krijg nu nog slappe knieën bij het idee wat er gebeurd zou zijn als ik het advies van het Fonds zou hebben opgevolgd en de vertaling had afgewezen. Dan was A Heart of Stone misschien de zoveelste `mooi' vertaalde maar onleesbare uitgave geworden.' Dorrestein lijkt te menen dat het succes van haar boek in het buitenland grotendeels te danken is aan de vrijheid waarmee haar vertaalster te werk is gegaan. En dat de `Produktiefonds vertalers', met hun stugge, schoolse aanpak, allemaal `knarsproza' leveren dat geen enkele kans maakt op lezersliefde in het Engelstalige taalgebied. Want anders zouden die boeken toch veel beter verkopen?

Wrong. Wij zouden niet eens kúnnen vertalen als we onszelf niet ook een zekere mate van vrijheid permitteerden. Vertalen is niets anders dan aanpassen, maar dan in de geest van de schrijver. Een van de gouden regels die we aan onze vertaalstudenten doorgeven is: `Jullie hebben veel meer vrijheid dan jullie denken. Alleen, je moet met die vrijheid verstandig omgaan.'

Ook wij willen, net als Dorrestein en Velmans, dat Engelstalige edities als Engelstalige boeken lezen en niet als vertalingen. Dat is altijd ons streven geweest. Er is momenteel in Nederland een klein, hecht groepje Engelse en Amerikaanse vertalers die ideeën uitwisselen, elkaars vragen beantwoorden en prachtige vertalingen leveren, al zeggen wij het zelf. En wij zijn niet de enige die het zeggen.

In de afgelopen jaren hebben meerdere Engelse en Amerikaanse vertalingen van Nederlandse romans lovende recensies gekregen in zowel Kirkus Review als Publishers Weekly (met sterretje). De New York Times, de Los Angeles Times en de Boston Globe hebben deze vertalingen flink geprezen en een aantal zelfs op hun jaarlijkse Best Fiction List geplaatst. Booker Prize laureaat Roddy Doyle was erg gecharmeerd door Silent Extras, de Engelse vertaling van Arnon Grunbergs Figuranten en Don De Lillo had alleen goede woorden over voor The Happy Hunting Grounds, de vertaling van Nanne Teppers De eeuwige jachtvelden. Vorige week in New York heeft Marcel Mörings East Bergholt de prestigieuze Aga Khan Prize gewonnen, de eerste keer dat die prijs ooit aan een vertaling is toegekend. Op die manier kan een Nederlandse auteur, als hij dat zou willen, zich nu meten met eerdere prijswinnaars als Philip Roth, T. Coraghessan Boyle en Ben Okri. De vertaalster van het verhaal voelt zich ook vereerd, na het lezen van het juryrapport: `() East Bergholt is a remarkable story, translated from the Dutch in a manner which appears effortless, as if it were written in English from the very beginning.'

Maar ligt er ook voor Möring een kwart miljoen in het verschiet? En voor Claus, Krabbé, Mulisch, Nooteboom, De Moor, Palmen, Ruebsamen, Japin? Wat heeft Dorrestein dat zij niet hebben?

In de woorden van de Britse journalist Helen Jerome: `We weten allemaal hoe moeilijk het is om een uitgever te vinden. (...) In het geval van A Heart of Stone van Renate Dorrestein vergde het de vastbeslotenheid van een groepje invloedrijke vrouwen uit het boekenvak – een internationaal agente, een uitgeefdirecteur, twee redactrices en een vertaalster met een schrijvershart. Gegrepen door A Heart of Stone schaarden zij zich achter het boek en gaven niet meer op.'

Doelgericht, ongegeneerd, commercieel. Een literair dreamteam. Perhaps it's as simple as that.

De auteurs zijn vertalers Nederlands-Engels (Amerikaans). Stacey Knecht vertaalde o.a. `Verlangen' van Hugo Claus en `In Babylon' van Marcel Möring. Sam Garrett vertaalde o.a. `Figuranten' van Arnon Grunberg en `De eeuwige jachtvelden' van Nanne Tepper.