Briljant en bewogen

President Wahid bad vanochtend aan zijn doodsbed. Ze waren niet bevriend, maar Wahid was de enige van 's lands vier presidenten voor wie de overledene bewondering had, zij het niet kritiekloos. Sumitro (voor vrienden `Cum') Djojohadikusumo, de nestor van de Indonesische economen, heeft machthebbers nooit gespaard. Hij diende als minister onder Soekarno, maar koos in 1957 de kant van het rebellenkabinet op Sumatra, uit solidariteit met de door Jakarta uitgeknepen `buitengewesten'. Soeharto haalde Sumitro in 1967 terug uit ballingschap, en onder diens bewind was hij tweemaal minister. In 1969 weigerde hij in te gaan op een verzoek van mevrouw Tien Soeharto om een bevriende zakenman het importmonopolie op kruidnagelen te gunnen. Ze keek hem jaren niet meer aan. Over Soeharto zei hij in 1995 tegen deze krant: ,,Hij is een koning, weet u, en een Javaanse koning heeft nooit ongelijk.'' Soeharto's opvolger Habibie gaf hij, toen deze nog minister van Technologie was, regelmatig een lesje economie, wegens diens peperdure hightech projecten, zoals een nimmer concurrerende vliegtuigfabriek.

Sumitro, die vannacht op 83-jarige leeftijd aan een hartkwaal overleed, was een briljant en sociaal bewogen man. Hij stamde uit een oud geslacht van priyayi (Javaanse ambtsadel); een voorvader vocht in de Javaoorlog mee met de rebelse prins Diponegoro. Vader Margono Djojohadikusumo was een hoge functionaris bij de Volkskredietbank en nam de jonge Sumitro in de crisisjaren mee naar het platteland. ,,Mijn belangstelling voor economische vraagstukken'', zei hij eens, ,,werd gewekt in de dorpen van Java.''

Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog liep hij college bij Jan Tinbergen in Rotterdam, waar hij in 1942 promoveerde. Hij overleefde het bombardement op Rotterdam en sloot zich aan bij het verzet tegen de Duitsers. In 1945 zweefde hij na verwijdering van een tumor op het randje van de dood. ,,Ik werd gered door de Indonesische onafhankelijkheidsverklaring'', zei hij, ,,want daar moest ik bij zijn''.

Hij nam deel aan de guerrilla tegen de Nederlanders, waarin twee jongere broers het leven lieten, en vertegenwoordigde Indonesië bij de pas opgerichte Verenigde Naties, tot hij in 1949 als lid van de republikeinse delegatie aanschoof aan de Ronde Tafel in Den Haag. Na de soevereiniteitsoverdracht zette hij een ambassade op in Washington.

Sumitro grondvestte de Economische Faculteit van de Universitas Indonesia en zijn leerlingen hebben menige kabinetspost bekleed. Dat hijzelf vijfmaal minister was, noemde hij ,,historisch toeval''. ,,Mijn roeping is onderwijzen. Ik ben wat de Nederlanders noemen een stuurman aan de wal.''