Vooral hoge nood

Peter staart met zwarte irissen voor zich uit. Zo nu en dan mompelt hij hoe goed zijn pilletje `zit'. Intussen houd ik de ingang van het toilet in de gaten. We zitten in een grootstedelijk café waar de housemuziek hard aanstaat. Om ons lawaai, in ons een nieuwe designerdrug. Peter surft op golven van genot. Op mij werkt de nieuwe pil vooral als laxans.

In het café dreigt een stoeipartij voor de tap uit te lopen op een vechtpartij. De mannen zijn zo dronken dat aan ieder waarschijnlijk speels bedoeld handgemeen door derden een eind gemaakt moet worden. Het getrek en geduw golft eindeloos voort. Lachen verandert in schreeuwen, geschreeuw eindigt in lachen. We kijken er naar als een speciaal voor ons afgespeelde amateurfilm. Wat een pil ook doet, je maakt altijd een onverwachte reis tussen de oren.

Het inmiddels al weer bijna drie jaar verboden 2-CB was een van mijn favoriete drugs. Je kon er heerlijk mee naar muziek luisteren. Je zag het golvend web van klanken dat door de componist was uitgeworpen. Je hoorde het eerste afgemeten getik van een nieuwe ritmelijn langzaam uit de boxen kruipen, lang voordat hij de alles dwingende beat zou worden. Door 2-CB spatte de muziek in kleurrijke fractalen achter de oogleden uiteen.

,,Je geld of je leven'', zegt een lange, magere jongen met blond piekhaar. We staan samen in het smalle halletje voor het mannentoilet. Het toilet is bezet en tussen mij en de deur naar het café staat de blonde jongen. Hij heeft een verwilderde blik in zijn ogen. ,,Geintje'', zegt hij terwijl hij staart naar een punt op de muur, kilometers achter mij.

Onder invloed van drugs is het slecht de motoriek coördineren. Jaren van intensieve gevechtstraining vlieden als een schaduw heen in de enge ruimte voor het herentoilet. Maar al zou ik willen denken aan kopstoot of knietje, er is slechts één gedachte die me nu bezighoudt: ik moet naar de wc en snel. De lange, magere jongen zegt opeens: ,,Hier kan ik godverdomme niet op blijven wachten'', en verdwijnt in de dames-wc.

Er klinkt gestommel achter de herendeur. Een verdwaasd kijkende man strompelt naar buiten. Wonderwel staat er nog een rol toiletpapier op de stortbak, zij het met een gezwollen, nat voetje aan de onderkant, maar zeker nog voor negentig procent bruikbaar. Geen kleurrijke fractalen dit keer, maar slechts nood, hoge nood. Volgende keer weer pils.