Pallets vol valse miljoenen

Voor de Utrechtse rechtbank staan acht verdachten terecht wegens valsemunterij. Ze worden ervan verdacht een record vals geld door een vernuftig kopieerapparaat te hebben gejast.

Lekker luieren was er de afgelopen zomer tijdens de verplichte bedrijfsvakantie niet bij. De vier werknemers van drukkerij Grafisch Centrum Utrecht in Maarssen hadden dag en nacht nodig om 173.000 vellen op A3-formaat door het vernuftige kopieerapparaat te jassen. Maar het resultaat mocht er zijn. Na twee weken hadden de drukkers ruim een miljoen goed gelijkende biljetten van 100 dollar en 454.000 flappen van duizend D-mark vervaardigd: een unieke hoeveelheid vals geld ter waarde van 750 miljoen gulden.

Lang hebben de valsemunters niet van het geld kunnen genieten. Op 8 augustus vorig jaar werd het openbaar ministerie in Utrecht door collega's in Brugge getipt uit te zien naar een aantal verdachten die met een bus met vals geld op weg zouden gaan. Het bleek geheel te kloppen. Een dag later reed de Nederlandse politie bij Gorinchem een gehuurde bestelauto klem. Achterin stond op vijf pallets in ondoorzichtig folie de astronomische hoeveelheid nepgeld. De aanhouding van de transporteurs en de vervaardigers was vervolgens een koud kunstje.

Dit alles staat vast. Maar voor de rest tast de Utrechtse politie en officier van justitie R. Eigeman voornamelijk in het duister. Zo is de belangrijkste vraag –wat waren de verdachten van plan met het valse geld – door geringe mededeelzaamheid van de verdachten en justitiële tipgever nog lang niet opgehelderd.

De eigenaar en oprichter van de drukkerij, de in 1971 in Paramaribo geboren Ashvin B., beroept zich voor de Utrechtse rechtbank tot nu toe, net zoals de meeste verdachten, vooral op zijn zwijgrecht. Zeker is evenwel dat hij met hulp van een rijke oom uit Suriname, George G., een paar jaar geleden een goed uitgeruste drukkerij kon oprichten. Het Grafisch Centrum, dat zich aanprees als `creatieve denkers', beschikte bijvoorbeeld over de ruim een miljoen gulden kostende Xerox DocuColour 100. Met die machine is het valse geld gemaakt.

Uit de beperkte verklaringen die betrokkenen hebben afgelegd, komen twee scenario's naar voren. Beide verhalen wekken de indruk dat de verdachten van plan waren te profiteren van de naderende omwisseling van valuta's in Euro's. Volgens een van de verdachten zou het geld in Zeebrugge worden omgeruild voor `oud' geld dat in een loods zou zijn opgeslagen in afwachting van vernietiging.

Een andere versie wil doen geloven dat een Belgische afnemer het valse geld eenvoudig dacht te kunnen inleveren bij wisselkantoren die door de naderende conversie van Europese valuta's in Euro's toch geen tijd hebben om alle biljetten goed te controleren. In beide scenario's zouden de Nederlandse valsemunters in sommige gevallen per persoon 28 miljoen gulden echt geld krijgen in ruil voor de valse biljetten.

De Nederlandse verdachten, die in niets lijken op gelouterde criminelen en voorzover bekend ook geen strafblad hebben, willen – zoals gezegd voorzover ze praten – de rechtbank doen geloven dat ze er in zijn geluisd door een Belgische infiltrant. Pas maanden na hun aanhouding heeft de Belgische justitie toegegeven dat hun concrete tip te danken was aan informatie van een Belgische informant die onderhandelde met de Nederlanders.

Die informant is een 56-jarige Belg die zich Jacques de Meester noemt. De 42-jarige verdachte Peter V. beschreef hem gisteren voor de rechters als ,,een gladde prater'' en ,,een linke vogel''. De Nederlander had hem zo eng gevonden dat hij uit angst had besloten als chauffeur van het vals geld-transport te fungeren.

De Meester is afgelopen maandag in Brugge door Nederlandse advocaten gehoord. Onzichtbaar in een andere kamer en voorzien van stemvervormer vertelde de informant dat hij al 32 jaar de kost verdient als professioneel bounty hunter, een premiejager. ,,Ik deins nergens voor terug'', aldus De Meester. Hij is naar eigen zeggen benaderd door de Nederlandse verdachten met de vraag of hij afnemers wist voor vals geld. De Meester speelde het spel mee en gaf ondertussen al zijn informatie aan zijn vaste begeleider bij de Belgische politie.

De advocaten van de verdachten noemen de Belgische operatie een schoolvoorbeeld van ontoelaatbare infiltratie. Dit klemt des te meer omdat De Meester heeft toegegeven ook regelmatig in Breda met de verdachten te hebben onderhandeld. ,,Een onaanvaardbare schending van de Nederlandse soevereiniteit'', aldus advocaat P. Bovens die de drukkerijbaas bijstaat.

Rechtbankpresident H. Koksma heeft nog niet laten doorschemeren hoe hij de Belgische operatie beoordeelt en of de informant ook voor de rechtbank moet verschijnen. Justitie kan een straf eisen van maximaal twaalf jaar cel.

Informant De Meester heeft verklaard dat hij ervan uitgaat dat de Nederlandse staat regelt dat hij een met de Belgen overeengekomen bedrag van tien procent tipgeld krijgt: 75 miljoen gulden. Officier van justitie Eigeman zegt desgevraagd dat de Belg geen cent tipgeld krijgt.