CRACK

Eigenlijk niet meer dan de rookbare variant van cocaïne. Maar met veel intensere werking. Kwam in de jaren tachtig gelijktijdig in de VS en Europa in omloop. Het middel is waarschijnlijk afkomstig uit het Caraïbische gebied. Qua `drugsmarketing' ideaal. Maakte cocaïne betaalbaar voor smalle beurs, want het kan in rotsjes ter waarde van bijvoorbeeld vijf gulden of een tientje worden verkocht. Maar, nog sterker dan gewone cocaïne, werkt het roken van crack een sterke craving in de hand. Het roken van crack is slecht voor de longen en kan een zogenaamde cracklong veroorzaken.

Wordt gerookt (basen) via een `basepijp', waar fijngehakte crack op een bedje van sigarettenas wordt gelegd om doorlekken van de smeltende crack uit de pijpenkop te voorkomen. Vroeger ook met waterpijpen, gevuld met sterke drank. Prijs per gram ruwweg gelijk aan gewone cocaïne.

Zeer verslavend, brengt gebruikers snel in grote problemen. Vergroot de werking van cocaïne als het ware uit. Zeer heftige gevoelens van euforie, die enkele minuten duren. Dan overgevoelig voor geluid, beweging of andere impressies. Na deze flash een snelle val in wanhoop en depressie. Wekt daardoor bingegedrag in de hand, dwangmatig, geobsedeerd gebruik tot de crack en het geld op is. Na zo'n binge vaak agressief, obsessief, gedesoriënteerd en paranoïde gedrag, soms hallucinaties. Crackjunks zijn al snel psychische wrakken. Ervaren verslaafden matigen de werking van crack met heroïne.