Bosnisch-Kroatische president blij met ontslag

Het ontslag van de Bosnisch-Kroatische president Ante Jelavic haalt de druk van de ketel, maar lost niets op. Het echte probleem is, dat Bosnië geen land is.

Ante Jelavic heeft er zelf op aangestuurd. Maandenlang heeft hij de internationale bestuurders van Bosnië de voet dwarsgezet. Afgelopen najaar nog, hielden de Bosnische Kroaten onder zijn politieke leiding een illegaal referendum over meer zelfstandigheid. En afgelopen weekeinde organiseerde hij een partijcongres, ook illegaal. Daar gaf hij de internationale gemeenschap vijf tien dagen om een omstreden verkiezingswet te veranderen. Zo niet, dan zouden de Bosnische Kroaten een eigen regering en eigen parlement oprichten.

Wolfgang Petritsch, de vertegenwoordiger van de Verenigde Naties in Bosnië, had hem al eerder gewaarschuwd. ,,Ik hou Jelavic persoonlijk verantwoordelijk voor de provocaties'', zei hij opnieuw na het partijcongres. Petritsch hield woord en ontsloeg Jelavic gisteren als president van het Bosnische staatspresidium, bestaande uit een Bosnisch Kroatische, een Bosnisch Servische en een Bosnische moslim president. Ante Jelavic deed het niets. Hij had onlangs nog verklaard zich `vereerd te voelen' met een ontslag.

De gebeurtenissen tekenen de onvrede van de Bosnische Kroaten. Bosnië is gesplitst in twee delen: de Servische Republiek en de moslim-Kroatische Federatie. De Bosnische Serviers wonen in `hun' republiek, maar de Bosnische Kroaten moeten `hun' federatie delen met de Bosnische moslims, die ver in de meerderheid zijn.

Dat steekt. De meeste Bosnische Kroaten willen daarom een eigen `entiteit'. Mar dat is onmogelijk. In een reactie op het partijcongres liet de Europese Unie weten niet aan het vredesakkoord van Dayton te tornen. In dat akkoord zijn de huidige grenzen vastgelegd.

Jelavic' capriolen zijn volgens een internationale waarnemer in de Bosnische hoofdstad Sarajevo niet meer dan de `stuiptrekkingen van een dinosaurus'. Want de tijden zijn veranderd: de nationalistische regimes in Kroatië en Joegoslavië hebben plaatsgemaakt voor democratische regeringen. Die nieuwe regeringen willen vooral rust in het voormalige Joegoslavië.

Maar de dinosaurus, Jelavic en zijn Kroatische Democratische Gemeenschap (HDZ), lijkt dat niet door te hebben. Bij de Bosnische parlementsverkiezingen afgelopen najaar stemde de meerderheid van de Bosnische Kroaten op de HDZ. Maar uit Kroatië zelf krijgt de partij amper nog steun. De HDZ is de partij van Franjo Tudjman, voormalig oorlogsheld, voormalig president maar inmiddels overleden. Na zijn dood in december 1999 liet hij de partij in grote verwarring achter. In de daarop volgende parlements- en presidentsverkiezingen in Kroatië verloor de HDZ smadelijk.

Sinds een jaar telt Kroatië een nieuwe regering van sociaal democraten en sociaal-liberalen. Zij moet weinig van de Bosnisch-Kroatische aspiraties hebben. De premier van Kroatië, Ivica Racan, heeft verklaard dat het illegale partijcongres `niet bijdraagt' aan de normalisatie van de betrekkingen tussen Kroatië en Bosnië.

Toch zijn de stuiptrekkingen van Jelavic niet zonder belang. Want in een land vol onvrede (over de paternalisatie van Bosnische politici, over de desastreuze economie, over de geringe terugkeer van vluchtelingen) kan de afgunst van de Bosnische Kroaten het internationale bestuur nog lelijk parten spelen.

De onvrede van de Bosnische Kroaten toont het opnieuw aan: Bosnië is geen land. Bosnië is een verzameling mensen, die zich knarsetandend binnen de grenzen van het opgelegde Dayton Vredesakkoord ophouden. De meesten moeten niets van Bosnië hebben. Zo weigeren de Bosnische Kroaten in hun woongebieden met de Bosnische munt te betalen, maar betalen zij met de Kroatische kuna. En zo beschouwen de Bosnische Serviërs het woord Bosniër als een scheldwoord.

De politieke leiders van de Bosnische Serviërs, de `regering' van de Servische Republiek, gingen deze week zelfs een `warme vriendschapsband' met de nieuwe autoriteiten in Joegoslavië aan. In de toekomst wordt de samenwerking met Belgrado intensiever. De contacten met de echte buren, de moslims en de Kroaten in Bosnië, zullen daarentegen op een laag pitje blijven staan.