FNV worstelt met luxeprobleem

De FNV worstelt met een luxeprobleem. Werknemers worden met prestatietoeslagen in de watten gelegd. Dat lokt bij anderen acties uit voor meer loon. Maar de vakcentrale wil vasthouden aan een verantwoorde loonontwikkeling, om te voorkomen dat Nederland zich uit de markt prijst.

Je zult er maar mee zitten als vakcentrale. Werk is er in overvloed, werkers zijn er te weinig, en de economie floreert. En dan belijd je het adagium van loonmatiging. Je hebt jezelf opgelegd dat de loonsverhoging die je eist, niet hoger is dan de arbeidsproductiviteit en de afzetprijzen van producenten toelaten. Doe je dat wel, dan prijs je jezelf immers uit de markt en stijgt de werkloosheid.

Voor dit jaar schatte het Centraal Planbureau de toename van de arbeidsproductiviteit én de prijsstijging van producenten beide op 2,25 procent. Dat geeft een loonruimte van 4,5 procent. De FNV stelde de structurele looneis op 4 procent, en daarbovenop flexibele beloningen. Die nemen af als het economische tij keert, en hebben geen olievlekwerking.

Maar in de bouw nemen ze daar geen genoegen mee. De mannen in de keet hebben weinig fiducie in winstdeling en `resultaatafhankelijke bonussen'. Ze willen harde pegels, zes procent structurele loonsverhoging. De bouw is één van de sectoren waar het tekort aan arbeidskrachten het grootst is. Opdrachtgevers betalen dan ook al geregeld meer dan de CAO dicteert. Dat heet dan een prestatietoeslag. Lees: een marktconforme loonprijs. Want het werk moet af, en als er nauwelijks mensen te krijgen zijn, kost dat meer. De consument doet niet moeilijk, want ook op de huizenmarkt heerst krapte.

In de bouw zijn acties begonnen, net als in de kleinmetaal en in de touringcarsector. In de zorg wordt een dertiende maand geëist. Ineens blijkt de formule, die de afgelopen jaren voorspoed heeft gebracht, niet meer te voldoen. ,,Er is in deze tijd meer behoefte aan differentiatie tussen sectoren'', zegt FNV-voorzitter Lodewijk de Waal desgevraagd. ,,Bovendien is de arbeidsmarkt – terecht – niet opgenomen in de formule. Die bepaalt immers niet wat een verantwoorde loonontwikkeling is. Maar het leidt wel tot spanning bij de leden. In de praktijk blijkt de krapte op de arbeidsmarkt bepalend voor de loonontwikkeling.''

De FNV worstelt met een luxeprobleem, zo blijkt ook uit Ruimte voor de CAO, het Jaarboek 2000/2001 van FNV, dat deze week verschijnt. FNV-bestuurder Henk Van der Kolk geeft erin toe dat de term verantwoorde loonontwikkeling ,,ook altijd een beetje een bezweringsformule is''. En volgens beleidsadviseur Cor Inja is er met de huidige arbeidsmarkt ,,geen reden om krampachtig aan loonmatiging te doen''.

,,Niet dat we de formule nu dumpen'', zegt De Waal. In de oude formule werd de looneis bepaald door arbeidsproductiviteit en consumenteninflatie. ,,In dat geval zou nu iedereen meer dan zes procent loonsverhoging krijgen, met alle gevolgen voor de economie van dien.'' In plaats daarvan zoekt de FNV naar elegante manieren om de beschikbare loonruimte boven de vier procent die volgens de bonden in veel sectoren wel degelijk bestaat te verzilveren. Oók structureel, als dat moet. Bijvoorbeeld door de looneis zo te formuleren dat de zes procent van de bouw als ,,achterstallige prijscompensatie'' te boek komt te staan, zoals de bonden voorstellen.

Lodewijk de Waal zegt zich nog niet ongerust te maken over de acties in de bouw. De mogelijke achterstallige prijscompensatie is immers ,,sectorspecifiek'', en zou een ,,haasje-over-effect'' naar andere sectoren voorkomen. Maar, zegt hij, ,,ik heb nu tweemaal meegemaakt dat krapte op de arbeidsmarkt de lonen opdreef en een recessie veroorzaakte: eind jaren '70 en begin jaren '90. Dat kan nu ook gebeuren, en moeten we proberen te voorkomen.''

Een onverantwoorde loonstijging is bij de huidige arbeidsmarkt een reële dreiging, erkennen de FNV-beleidsmakers in het jaarboek. De enige veilige remedie daartegen is het opheffen van de krapte. Door te investeren in technologie en scholing, om zo de arbeidsproductiviteit te verhogen. Maar ook door de opleidingsfondsen van de bedrijfstakken open te gooien. Niet alleen voor werkenden in de eigen branche, maar ook voor werklozen, stelt FNV voor. Een andere onorthodox plan dat opdoemt uit het jaarboek is het aantal banen niet harder te laten groeien dan het arbeidsaanbod. ,,Zoiets zou kunnen'', zegt Van der Kolk. Maar De Waal moet er hard om lachen. ,,Da's een illusie.'' Hij ziet meer in maatregelen om herintredende vrouwen en andere inactieven tot werken te verleiden.

Langere werkweken, zoals bijvoorbeeld de ziekenhuisdirecties voorstelden in ruil voor een dertiende maand, zijn voor de FNV geen optie. Dat het oorspronkelijke doel van arbeidsduurverkorting, de bestrijding van de werkloosheid, inmiddels ruimschoots is behaald, doet daar niks aan af. Langere werkweken zouden de arbeidsparticipatie van vrouwen alleen maar terugdringen, denkt De Waal, en de personeelskrapte verhogen. Op vrijwillige basis kan het natuurlijk. Als mensen maar zeggenschap hebben over hun tijd. Dat is een speerpunt van FNV, en een van de breekpunten die in de kleinmetaal en de touringcarbranches tot de acties hebben geleid.

Arbeidsmigratie, is dat een optie om de krapte tegen te gaan? ,,Niet als maatregel voor werkgevers die een slecht personeelsbeleid vooeren'', zegt De Waal. Hij noemt het voorbeeld van de Ierse betonvlechters die naar Brabant werden gehaald omdat al het personeel bij een werkgever wegliep. Anderzijds is de arbeidsmobiliteit binnen Europa binnenkort een feit, stelt hij vast. Zijn collega Van der Kolk zou het ,,volstrekt bezopen'' vinden om ,,een ijzeren gordijn'' om de arbeidsmarkt te zetten.

Alle plannen ten spijt, voorlopig is de krapte op de arbeidsmarkt niet opgelost, denken ze bij FNV. Dus gaan bouwvakkers, buschauffeurs en machinebankwerkers voort met hun acties. En broedt de vakcentrale op een formule om de loonprijs te bepalen in tijden van krapte.