Mussolini

De autorijders misgunnen ons onze gezellige verhalen over de treinvertragingen. Zij vervelen ons toch ook niet met verhalen over de files waarin ze moeten wachten? Nee, daar zouden ze zelf niet eens naar luisteren. Omdat ze toch iets willen vertellen, verveelden ze ons vroeger met hun aandelenwinsten, maar dat is nu gelukkig voorbij. De laatste tijd praten ze over wijn die ze hebben gekocht.

Wij blijven over de trein praten, want we houden van de trein. De Engelsen houden nog meer van hun trein en daarom hebben ze een systeem bedacht waarin het al een opwindend avontuur is om een kaartje te bemachtigen voor een reis waarin ze van verschillende treinmaatschappijen gebruik moeten maken. Zo ver zijn wij nog niet.

Ik moest van Amsterdam naar Breda, overstappen in Dordrecht. In de trein werden formulieren uitgedeeld voor een reizigersonderzoek en daardoor ontging het de reizigers die ijverig hun huiswerk maakten dat we verdacht lang op het station bleven staan. Toen werd er omgeroepen dat de trein naar Dordrecht was `opgeheven'. Op een ander perron stond de sneltrein naar Den Haag voor ons klaar.

We troffen er weer de dame die de formulieren had uitgedeeld. De meeste reizigers hadden ze in de haast in de vorige trein achtergelaten, maar zij had ze netjes verzameld en deelde ze nu opnieuw uit. Iedereen was blij dat hij zijn eigen proefwerk weer terug kreeg en er viel geen onvertogen woord.

In Leiden een moeilijke beslissing. Ik kon overstappen op een trein naar Dordrecht, of blijven zitten tot Den Haag, waar een rechtstreekse trein naar Breda zou gaan. Ik bleef zitten.

In de trein die uit Den Haag vertrok bleken gestrande reizigers uit alle delen van het land te zijn samengekomen. De gangen stonden vol met op elkaar geperste mensen.

,,Mijn man heeft een nierdialyse'', riep iemand. ,,Hij heeft al veel te hard moeten rennen om de trein te halen en hij hijgt.'' ,,Maar dit is eerste klas'', zei de patiënt bescheiden. Rangen en standen waren opgeheven, er stond al iemand voor hem op.

Even een kleine aarzeling. Voor een nierpatiënt sta je op, dat spreekt vanzelf, maar moet je dat ook voor de vrouw van een nierpatiënt doen? Laat de jeugd het voortouw nemen, dacht ik, en dat deed de jeugd inderdaad.

Er was een ander echtpaar dat al een heel lange reis achter de rug had. Ze kwamen uit Assen en moesten naar Vlissingen. Hoe waren ze dan hier tussen Den Haag en Rotterdam terecht gekomen? Er was iets mis geweest in de buurt van Zwolle, zeiden ze. Ik wist dat dat klopte, want de dag daarvoor was er ook al iets mis bij Zwolle, maar zelfs dan was het moeilijk te begrijpen hoe ze hier waren aangespoeld.

Ik stak een sigaret op. De vrouw van de nierpatiënt draaide het raampje open, waardoor een koude wind in mijn gezicht blies. Ja hoor eens, alles goed en wel met die nierdialyse, maar dat zit hier als niet-roker met een kaartje tweede klas in een eerste klas rookcoupé, terwijl ik geheel legitiem... Maar ik besefte wel dat ik met dit soort misselijke praatjes niet aan kon komen, nam nog een flinke trek om net te doen alsof ik me niet liet kennen en doofde toen mijn sigaret. Ze draaide het raampje weer dicht.

De vrouw uit Assen vertelde een leerzaam verhaal. ,,Laatst zaten we in een trein die niet kon vertrekken omdat er geen machinist was. Na een tijdje riepen ze om dat ze een machinist hadden gevonden, maar even later kwam er weer een ander bericht. De machinist en de conducteur konden het niet goed met elkaar vinden en wilden niet samen op dezelfde trein. Toen moesten we toch op de volgende wachten.''

Nou, nou, daar merk je aan dat je niet de directie van alles de schuld mag geven. Geen wonder dat gisteren een verslaggever van het televisiejournaal zo tekeer ging tegen een van de actievoerders van het spoorpersoneel. Die kreeg me er van langs! ,,Dit is toch een gewoon bedrijf en dan moet je toch gewoon doen wat de directie zegt'', snauwde de verslaggever, alsof hij de zweepslagen van zijn eigen directie nog voelde striemen. Die verslaggever had waarschijnlijk ook in een trein gezeten waar de conducteur en de machinist het niet met elkaar konden vinden.

Het gesprek in onze coupé werd geanimeerd. ,,Nu begrijp je wat die mensen in die gekaapte trein indertijd hebben moeten doorstaan.'' ,,Ja, dat weet ik nog goed, bij Wijster. En dan nog die angst die erbij kwam.''

En ja hoor, Mussolini kwam weer eens opdraven, die in Italië de treinen op tijd zou hebben laten rijden. ,,Het gevaar van deze vertragingen is dat men hier ook naar een Mussolini zou kunnen gaan verlangen'', zei een intellectueel bedachtzaam.

Braaf volk! Nog nooit heb ik iemand horen zeggen dat hij zelf een Mussolini wil om de treinen op tijd te laten lopen. Het zijn altijd de anderen van wie gevreesd wordt dat ze om een Mussolini gaan roepen. Van die anderen merk je niets, misschien omdat ze nog nooit van Mussolini gehoord hebben.

Ik deed ook een duit in het zakje. Het zou misschien goed zijn als er in het spoorboekje iets zou staan als `de opgegeven tijden gelden bij benadering en resultaten uit het verleden zijn geen garantie voor de toekomst'. Dat zou de roep om een dictator kunnen ondervangen.

Een slecht idee. ,,Maar dan kunnen we ook geen schadevergoeding meer claimen!'' zeiden de anderen terecht.

Drie kwartier te laat in Breda. Buiten het station trof ik een lid van mijn schaakteam. Hij had een heel andere reis gemaakt, van Hilversum naar Breda via Utrecht, en had toevallig dezelfde vertraging opgelopen.

's Avonds op de terugweg ging alles min of meer volgens de dienstregeling, maar wel hoorde ik onderweg omroepen dat de intercity naar Eindhoven `wegens logistieke problemen' was uitgevallen.

Afgelopen zaterdag was dat. Ik dacht dat er misschien iets in de krant zou staan over stremmingen van het spoorverkeer in het weekeinde, maar dat was niet zo, het was kennelijk een gewone dag geweest.