Duitsland en de Davis Cup

Een jaar of zeven geleden speelde Nederland voor de Davis Cup tegen Duitsland in Utrecht. Het was de tijd van Boris Becker en Michael Stich, die – hoewel niet bepaald hartsvrienden – zich lieten overhalen om samen te dubbelen. En hoe! Onze landgenoten waren kansloos, ondanks alle oranje sjaaltjes en dito petjes. Ondanks dapper verzet werd het 4-1 voor de Duitsers. Alleen Paul Haarhuis won zijn single en dat was een mooie prestatie, maar niet genoeg.

Vorige maand in Eindhoven klopte Nederland de Spanjaarden met dezelfde cijfers als waarmee Becker en Stich destijds ons versloegen. Een overwinning vooral behaald dankzij een ijzeren mentaliteit van alle Nederlanders, waarbij de ploeg gehandicapt aan de start verscheen vanwege een elleboogblessure van Richard Krajicek. Ik ga er vanuit dat hij ditmaal fit is en voor ten minste één punt zorgt door een van de twee enkelspelen te winnen, bijvoorbeeld tegen Nicolas Kiefer. Men kan een open strijd verwachten, waarbij we zo vrijpostig zijn om te rekenen op vaderlandse winst in het dubbelspel, waarin Haarhuis opnieuw een beslissende rol kan spelen.

Gemakkelijk zal het allemaal niet gaan. De Duitsers zijn minder eenzijdig op trage banen ingesteld dan de Spanjaarden. Zij zullen niet de fout maken ons te onderschatten. Narrow escapes, zoals debutant Raemon Sluiter vorige maand tegen Juan Carlos Ferrero beleefde (van 1-4 in de vijfde set naar 6-4!), zullen allicht niet voorkomen, maar een nieuwe victorie is mogelijk als de geest vaardig wordt en het geluk onze kant opkijkt.

Tien jaar geleden werd het 1-4. Maar Becker komt tegenwoordig om andere redenen in het nieuws en Stich is al langer gestopt met toptennis. Terwijl bij ons Paul Haarhuis aan zijn derde jeugd begonnen lijkt. Op 6, 7 en 8 april in de Brabanthallen in Den Bosch. Het kan zeer de moeite waard worden om die dagen vrij te houden.