Te vervangen door een standaardwerk

Er zijn maar weinig boeken waarvan ik alvorens één letter te lezen de literatuurverwijzingen doorneem. Klaus Wallers Lexicon van historische vergissingen. Van Adam & Eva tot Zeppelin is zo'n boek. Ik stelde me voor dat Waller een plankvol onderkasttitels zou noemen, rubriek 'stupiditeiten allerhand' en blijk me niet te hebben vergist. We zien Tabori's Natural History of Stupidity (1993) vermeld, Lebe's War Karel der Kahle wirklich kahl? (1969), Henscheids Kulturgeschichte der Misverständnisse (1997), Steinbergs Complete & Utter Failure (1994), Schotts Chronik der Medizin (1993), Welles' Story of Stupidity (1988), Boschke's Wahrheitssucher (1984), Bürgins Irrtümer der Wissenschaft (1997), Pike's Nieten ohne Ende (1993), et cetera. Inderdaad een hele onderkastplank vol.

We wrijven ons in de handen, aan dit boek lijkt niets te mankeren. Wellicht alleen de omvang: een bloemlezing uit de bewijzen van het menselijke dwalen die slechts 236 bladzijden telt, is wel een hele dunne keuze.

Uit die keuze geef ik hier een keuze.

Columbus kwam op de gedachte dat de aarde niet plat was, maar `een ronde bal die aan één kant als de borst van een vrouw gevormd was, met als hoogste punt een tepelvormige verhoging, die het dichtst de hemel nadert'. Columbus situeerde dan ook op de tepeltop het paradijs.

Ik moet nu onmiddellijk aan een titel denken, aanwezig elders in mijn onderkast – de serie zondagschoollessen How Dante climbed the mountain (1922).

De chemie van Wallers Lexicon is hiermee vastgesteld. Als men van het ene boek in het andere komt, kan dat ene boek bijna niet meer stuk.

Klaus Wallers Lexicon van historische vergissingen is als een rijk gevulde tafel: men weet niet wat eerst of laatst te proeven, alles is even lekker. Dat de aanhangers van de l'Homme Machine-theorie zover gingen de menselijke maag als een mechanische voedselvernietiger te beschouwen, wist ik nog niet. Schitterend ook de pogingen van de Duitse alchemist Hennig Brand om in 1692 goud uit urine te winnen, of de opvatting van de Griekse arts Dioskorides dat een oplossing van 0,6 gram bevertestikels in azijn winderigheid kon verdrijven. Leuk is wat Waller meldt over de blanke benadering van het feit dat de negerslaven wegliepen: omdat zij leden aan de infectieziekte drapetomanie (ontvluchtingszucht). Wat te denken van het medisch aforisme `Stront reinigt de maag' uit Paullini's Neu-vermehrte heylsame Dreck-Apotheke (1696)? En tenslotte: de Engelsen verbaasden zich over het feit dat de Duitse wetenschappers in de Eerste Wereldoorlog vrijwel zonder uitzondering meewerkten aan de krijgsinspanningen, maar bedachten een verklaring. Vijfentachtig procent van alle Duitsers (ook de wetenschappelijke) leed aan syfilis, met zwakzinnigheid als gevolg.

Ik voel me hier als radio-boekenreporter Martin Ros, struikelend over mijn enthousiasme voor dit lexicon, meters achter de adem aan. Verrukkelijk, al die stupiditeit, al dat `héle erge'.

Ik herinner me nu de befaamde Doctor Woodward, door Swift, Pope en vrienden uitgelachen om diens zondvloedtheorie: deze zou alle gesteenten op aarde hebben opgelost, ergo: de bestaande stratificatie der aardlagen is een gevolg van sedimentatie. Helaas noemt Klaus Waller Woodward niet.

Hiermee komen we op een tweede bestanddeel van de chemie, die de fraaiste werken teweeg brengen: het verlangen naar een dikker boek, liefst het definitieve werk, over precies hetzelfde onderwerp.

Toch biedt Wallers Lexicon van historische vergissingen niet alleen maar juich- en jubelstof. Bij het lemma over Duits veldmaarschalk Erwin Rommel die op basis van informatie over ongunstige landingsgetijden aan de Normandische kust (waar hij toen bevelhebber was) enkele uren vóór de geallieerde invasie rustig voor vakantie naar huis vertrok, aarzel ik. Ik zou de feiten moeten nazoeken, er was toch ook een soort connectie met Stauffenberg, de man die een aanslag op Hitler zou plegen? Ging Rommel zomaar op vakantie?

Het lemma `Ribben' (de middeleeuwse aanname dat mannen er eentje minder hebben dan vrouwen, in verband met de Adam en Eva-geschiedenis) is bovendien wel een beetje verschrikkelijk dun. Klaus Waller voegt slechts de vraag toe: `Was er dan niemand die dat even had kunnen natellen?'

Er gebeurt iets merkwaardigs bij dit lexicon. Hoe meer lemma's men heeft gelezen, hoe schameler Wallers collectie lijkt.

Opnieuw blader ik in de bronnenlijst. Zou Tabori's Natural History of Stupidity niet veel méér bieden, Henscheids Kulturgeschichte der Misverständnisse, of Steinbergs Complete & Utter Failure?

De chemie lijkt uitgewerkt. In plaats van door dit ene boek naar een dikker werk te verlangen, begint me spijt te bekruipen, en ergernis over Wallers gemakzucht. Het vermoeden dat dit Lexicon snel maakwerk betreft, een haastig boekje voor de handel.

Zodat dit Lexicon van historische vergissingen uiteindelijk niet op de onderkastplank `stupiditeiten allerhand' terechtkomt, maar belandt in de afdeling `te vervangen door standaardwerken op dit gebied', een boekenrij met een hoge omloopsnelheid, gedicteerd door verschepingstijd en termijn van levering.

Klaus Waller Lexicon van historische vergissingen. Van Adam & Eva tot Zeppelin. Vertaald door Bert Bakker.

Prometheus, 240 blz. ƒ39,50