Strijders op het wad

Je kunt het zo gek niet bedenken of er bestaat een club van. Wereldreizigers, bonsai-fans of biografen, allemaal hebben ze zich verenigd. Deel 12 in een serie: de Wadvaarders.

Wadvaarders, de naam roept iets op van strijd en een heilig doel. In de praktijk vaart de wadvaardersvereniging behoedzaam een middenkoers. De ongeveer duizend leden willen, gehinderd door zo min mogelijk regeltjes, met hun boten van het wad genieten. `Vrij en verantwoord', is het devies.

De Wadvaarders vinden dat zij de natuur zo weinig verstoren dat verdere regelgeving niet nodig is. De vereniging is in voor elk overleg, maar ontpopt zich tot actiegroep als zij vindt dat de overheid doorschiet. Als die het ankeren of droogvallen van schepen ergens op de Wadden wil verbieden, wil de vereniging graag weten of er feiten zijn die zo'n besluit rechtvaardigen of dat de maatregel een politiek modieuze slag in de lucht is.

Deze kritische houding leidt soms tot burgerlijke ongehoorzaamheid. Traditiegetrouw vallen de Wadvaarders elke Hemelvaartsdag droog op de Dellewal bij Terschelling, waar een gemeentelijke verordening dit nou juist verbiedt. Het gemeentebestuur verdedigt zich door te wijzen op horizonvervuiling.

,,Horizonvervuiling?!'' De schipper van de `Stella Maris' stikt op de jaarvergadering bijna in zijn woorden. ,,Die schuit van mij is eeuwenoud. Da's dan dezelfde horizonvervuiling die je op de doeken van Mesdag vindt. Hou toch op, die verordening is alleen bedoeld om die jachthaven daar economisch te beschermen, da's publiek geheim.'' Ondanks jaren protesteren – boetes werden broederlijk uit de verenigingskas betaald – moesten de Wadvaarders in een bodemprocedure en tienduizenden guldens armer het onderspit delven tegen Terschelling.

Tijdens de boerenkool-met-worst op de jaarlijkse bijeenkomst komen de wadkaarten op tafel en worden de laatste gegevens uitgewisseld. Het wad verandert voortdurend en als er ergens een nieuwe geul ontstaat, is een Wadvaarder niet te beroerd om bij een laag laagwater wat prikken te zetten, precies zoals de eilandbewoners dat vroeger deden. Echt nodig is dat beprikken niet meer. Nu veel jachtschippers satellietontvangers aan boord hebben, kun je de posities van de routeknikpunten elektronisch opslaan en als virtuele bakens aan elkaar doorgeven. ,,Zal je zien dat tegen de tijd dat jij er gebruik van maakt, die rotgeul zich weer verlegd heeft en je toch nog omhoog vaart.'' Want als het wad iets biedt, is het wel de gelegenheid tot blunderen en menige schipper heeft al eens beteuterd een afgerukt en wegdrijvend roer nagekeken.

Op de jaarvergadering wordt stevig gedebatteerd. Als de gemoederen verhit dreigen te raken over de overheidsregels, grijpt de penningmeester de accordeon en worden alle oneffenheden gezamenlijk weggezongen met liederen uit de Wadvaardersbundel. Triomfantelijk wordt vastgesteld dat de zeehondenpopulatie zeven keer zo groot is als twintig jaar geleden en dat de dieren zich er kennelijk niets van aantrekken of jij nou langsvaart of niet. ,,Natuurlijk niet'', meent een struise schipperse, ,,we zijn toch zoogdieren onder elkaar?!'' Een stevig behaard en bebaard lid stelt dat, gezien de vele gebieden die afgesloten zijn, de mens de meest bedreigde soort op het wad is. Het is het oude dilemma: hoeveel mensen kun je in de natuur toelaten, wil het natuur blijven en wat heb je aan natuur die je niet kunt ervaren? De Wadvaarders propageren een verantwoord medegebruik. Bestuurslid Maarten Snel geeft een voorbeeld: ,,Op het Rif, een plaat tussen Ameland en Schiermonnikoog, wordt door droogvallers wel eens gewandeld. Dat heeft een kolonie Noorse sterns niet belet er zich te vestigen en er ontstond een broedplaats voor zo'n honderd sternpaartjes. Als je dan het Rif tot verboden gebied maakt, zet je de wereld op zijn kop. Onze oplossing: hou het gebied open en loop voortaan langs de laagwaterlijn.'' Schipperen dus.

De Wadvaarders zijn via hun website te bereiken. http://members.tripod.lycos.nl/wadvaarders