Luxe, ruimte en zuinigheid

De AutoRai ten spijt, de eerste autobeurs van het jaar waarvoor fabrikanten zich opdoffen is in Genève. De oogst bestaat uit meer dan veertig nieuwe modellen.

Gebrek aan internationale uitstraling, voorjaarsgevoel en skihellingen. Die drie tekortkomingen verklaren het verschil in allure tussen de autosalons van Amsterdam en Genève. Dat Nederland wél een autoproducerend land is en een veel grotere markt heeft dan Zwitserland, speelt geen rol.

De traditie wil dat de twee weken geleden gehouden AutoRai een lokale consumentenbeurs is met een handvol nieuwtjes. De Salon international de l'automobil van Genève daarentegen is een beurs met internationale uitstraling. De industrie doft zich ervoor op en niemand laat verstek gaan. 's Avonds in het café kan je Mercedes-topman Jürgen Schremp of Audi-baas Frans-Josef Paefgen zomaar tegen het lijf lopen. En op de salon komt de liefhebber ogen tekort: op de vandaag voor het publiek geopende tentoonstelling staan 41 auto's die nog nooit eerder te zien waren en beleven 14 auto's hun Europese première.

De Zwitserse beurs bevestigt de trends: nieuwe auto's zijn groot, luxueus en functioneel, ze hebben een alternatieve motor (hybride, aardgas, extreem zuinige diesel, brandstofcel) of de lol prevaleert. Om met het klapstuk van de laatste categorie te beginnen: in Genève debuteert de Aston Martin Vanquish. Deze uit koolstofvezel en aluminium gebouwde sportwagen brengt met zijn 450 pk sterke motor Formule I-techniek voor op de openbare weg. Een sprintje naar 100 kilometer gaat in minder dan vijf tellen.

Dat het plafond wat betreft extreme vermogens nog niet is bereikt, blijkt uit de plannen van Volkswagen. De Europese marktleider presenteert de Bugatti EB 16-4 Veyron. Deze bolide, die in 2003 in productie gaat, zal uit een zestiencilinder 8 liter-motor liefst 1.001 paardenkrachten halen. Met geschikte banden moet een topsnelheid van 400 kilometer mogelijk zijn.

Ook voor modale automobilisten komt steeds meer luxe binnen bereik. Zo lijkt Peugeot een sterke troef in handen te hebben met de 307, de opvolger van de 306. De Franse middenklasser, vanaf juni verkrijgbaar in een 3- en een 5-deursversie, is aanzienlijk groter dan de Volkswagen Golf en Opel Astra. Ook de standaarduitrusting van de 307 is met zes airbags en nuttige veiligheidsvoorzieningen als ABS en ESP ongewoon riant. In de populaire middenklasse heeft Fiat met de Stilo eveneens een kwaliteitssprong gemaakt. De opvolger van de Bravo/Brava is zoals alle recente Fiats fraai van vormgeving.

Mercedes heeft de A-klasse onder handen genomen. Naast allerlei technische verbeteringen komt van de kleine ruimtewagen vanaf april ook een 17 centimeter-langere versie beschikbaar. De kleinste Mercedes (vanaf 47.000 gulden) is door deze ingreep verrassend ruim, ruimer zelfs dan de aanzienlijk duurdere C- en E-klasse.

Ook in de top van de markt ligt het accent op luxe en ruimte. Lancia presenteert de wat protserige Thesis, de eerste grote Italiaanse limousine sinds de mislukte Kappa.

Renault steelt in Genève de show met de Vel Satis, die begin volgende jaar op de markt verschijnt. Het gedurfde Franse vlaggenschip, de opvolger van de Safrane, onderstreept nog eens dat Renault wat betreft avantgardistisch design de fakkel van Citroën volledig heeft overgenomen.

Dat het in autoland niet op kan, blijkt zelfs uit de plannen van Skoda en Lada. De Russische fabrikant van no-nonse auto's verbaast met een studie van een open sportauto. De Tjechische Volkswagen-dochter Skoda presenteert de Montreux, een limousine die vanaf eind volgend jaar zonder gêne naast een Passat of A4 geparkeerd kan worden.

Teleurstellingen zijn er eveneens in Genève. De Citroën C5 break oogt lomp. Net als de sedan heeft de stationwagen veel weg van de Ford Scorpio, de auto waarin koningin Beatrix en premier Kok zich tot voor kort lieten rondrijden.

De Jaguar X-type overtuigt evenmin. De vierwielaangedreven baby-limousine, bedoeld als alternatief voor jeugdige, meer status-zoekende BMW- en Audi-rijders, is een te heet gewassen versie van de andere Jaguar-modellen. Duitse autotechnici die het Engelse model aan een nauwgezet onderzoek onderwierpen, verbaasden zich over de matige afwerking van de tentoongestelde exemplaren.

De auto die op de persdagen in Genève misschien wel de meeste aandacht trok, staat op de Volkswagen-stand. Geen normale auto, maar een lichtblauw gelakt zespersoons busje. Oudere automobilisten herkennen in de Microbus de legendarische VW bus die zowel bij bakkers als hippies grote populariteit genoot.

Maar retrodesign? De Microbus ziet er zo oogstrelend uit dat beslist van een nieuw model gesproken kan worden. Op beurzen proeft Volkswagen de reacties op het studiemodel. Als de belangstelling in Genève maatgevend is, kunnen de ingenieurs in Wolfsburg snel aan de slag.