GPRS

Wie met zijn mobiele telefoon wil bellen, moet eerst een nummer draaien. Daarna kun je spreken. En aan het eind van het gesprek verbreek je de verbinding. Zo gaan die dingen. Voor ons is dat handig, maar voor een computer lastig. Als een computer verbinding heeft met een andere computer, houdt hij vaak lange tijd zijn mond. Alleen als het nodig is, wordt er informatie overgeseind. Soms maar een halve seconde per uur. Het is dus onhandig als je een mobiele telefoon gebruikt voor een computerverbinding. Gedurende het zwijgen van de computer blijft de verbinding in stand en loopt de kostenteller door.

Daarom worden de GSM-netten op dit moment geschikt gemaakt voor GPRS (General Packet Radio Service). Een GPRS-toestel zorgt ervoor dat computers efficiënter mobiel kunnen communiceren. Er wordt alleen ruimte in de ether gebruikt op het moment dat informatie overgezonden wordt. Zodra dat klaar is, is het kanaal weer beschikbaar voor anderen. Dat maakt dat verschillende gebruikers hetzelfde kanaal kunnen delen, zonder dat ze dat van elkaar in de gaten hebben. Het lijkt op die manier alsof je 24 uur per dag verbonden bent.

In Japan is een soortgelijk systeem (iMode) een groot succes. Op elk moment kan een e-mail in je telefoon binnenkomen of een spoedeisend beursbericht. In Nederland worden de eerste GPRS-telefoons nu getest.