GESCHEURDE ZENUW GENEEST SNEL DOOR OPLOSBARE HECHTSOK

De aloude toepassing van oplosbaar materiaal voor het hechten van weefsel is het resorbeerbare naai- en bindgaren catgut, dat als `darmsnaar' ook op een viool zit. Met opzet onderbroken zenuwen van ratten groeien weer aan elkaar en herkrijgen gedeeltelijk hun functie als er een elastisch, afbreekbaar kunststoffen buisje omheen wordt gelegd. De Groningse klinisch onderzoeker M. Meek promoveerde onlangs op een een onderzoek naar deze buisjes.

Meek deed zijn onderzoek in een al bestaand samenwerkingsverband van plastische chirurgen (Academisch Ziekenhuis Groningen) en polymeerchemici van de Rijksuniversiteit Groningen. Meeks voorganger W. den Dunnen had de eerste versie van de afbreekbare buisjes bij ratten onderzocht. Die bleken te zwellen bij de afbraak, waardoor zenuwstompen bekneld raakten. Meek halveerde daarop de wanddikte van het buisje. En hij stopte gedenatureerd spierweefsel overlangs in het buisje. Daartoe werd een spier van de proefrat bevroren, in azijn geloogd en in vacuüm gedroogd. De spiereiwitten en de basaalmembranen bleven zo intact, wat de groei van zenuwvezels bleek te versnellen.

Het functieherstel van de zenuw met deze oplossok werd vergeleken met de klinische standaardtechniek: het autologe zenuwtransplantaat (een elders uit het lichaam gehaald stukje gevoelszenuw dat als verbindingsstukje wordt gebruikt). De dunwandige sok gaf een snellere doorgroei en een beter herstel van de functie van de zenuw die over een lengte van 1,5 cm is onderbroken. Het defect sluit met een snelheid van zo'n 1,5 mm per dag vanuit de zenuwstomp die uit het ruggenmerg komt. Langere hiaten werden bij de rat niet onderzocht. Bij patiënten komen die wel voor, bij cirkelzaag- en glasletsels bijvoorbeeld. Het overbruggen hiervan gaat moeilijker. De niet-groeiende en afstervende stomp geeft groeifactoren af die het uiteinde met groeivermogen moet stimuleren, maar als de afstand tussen beide breukeinden te groot is bereiken die groeifactoren hun doel niet. Als de natuurlijke situatie wordt nagebootst, door het kweken van bijvoorbeeld Schwann-cellen (die zenuwvezels omhullen) en het toevoegen van groeifactoren op en in de wand van het buisje, kunnen ook langere hiaten zich herstellen.

Meek denkt dat de oplossende buisjes korte lichaamseigen zenuwoverplantingen van enkele centimeters kunnen vervangen. De polymeerchemische structuur van het afbreekbare buisje dient, om zwelling te voorkomen, wel aangepast te worden. Die buisjes kunnen dan klinisch getest worden. Het voorspel daartoe is in gang gezet.