Hoogeveners koesteren `oerlelijke' fabriek

Het platteland wordt gesaneerd. Wat gaat er op de schop in naam van de vooruitgang? Deel vier van een serie over verdwijnend Nederland.

Voor de gemeente is het niet meer dan een hinderlijke puist aan het spoor. Vijftien jaar leegstand heeft van de oude aluminiumfabriek een somber bouwsel gemaakt. Een bakstenen gevaarte van ingestorte daken en ingegooide ruiten met een lelijke schoorsteen. Het pand gaat in februari tegen de vlakte, maar veel Hoogeveners verzetten zich tegen de sloop. ,,Het is lelijk. Maar ja, je weet niet wat je terugkrijgt, hè?'', vat een oude man in een aangrenzend moestuintje de gevoelens samen.

De oude aluminiumfabriek is in Hoogeveen een laatste herinnering aan het veenkoloniale tijdperk. Precies honderd jaar geleden werd het pand als turfstrooiselfabriek gebouwd om de teruglopende handel in dit product nieuw leven in te blazen. Al snel bood de fabriek plaats aan tientallen werknemers, de turfindustrie bloeide weer op in Hoogeveen.

Toen de turfstekers zich in de jaren '20 steeds dieper het veen in verplaatsten en er rond Hoogeveen geen markt meer was voor het strooisel, ging de fabriek over in andere handen. In 1927 begon de productie van aluminium keukengerei. Het aluminiumbedrijf verhuisde in 1985 naar het industrieterrein, de achtergelaten fabriek werd een niemandsland midden in de stad, waar aan de grafitti te zien Panky, Mydiatari en Smokey nu de baas zijn.

De gemeente is blij binnenkort van de fabriek af te zijn. ,,Het is oud, het is lelijk. Hoog tijd dat het pand tegen de vlakte gaat'', aldus woordvoerder Rien Cardol. Projectontwikkelaar Arcadis heeft het terrein gekocht om langs het spoor een groot bedrijvencomplex te bouwen, met op de plek van de fabriek een vestiging van de Kamer van Koophandel. ,,We hebben grote plannen'', zegt A. Masteling van Arcadis. ,,Dat gebouw wordt vier bouwlagen hoog.'' Het gehele project kost ruim zestig miljoen gulden, maar er zullen nog meer kosten worden gemaakt, omdat de bodem onder de aluminiumfabriek vervuild is met ontsmettingsmiddelen.

Stadshistoricus Lammert Huizing denkt heel anders over de fabriek. ,,Het gebouw is niet lelijk, het is lelijk gemáákt. Doodzonde om een pand met zo'n historie eerst vijftien jaar te zien vervallen en dan te zien verdwijnen. De gemeente had er beter aan gedaan de fabriek vijftien jaar geleden wat op te knappen. Nu is een gebouw met historie een ruïne geworden.''

Ook de buurt heeft zich fel verzet tegen de sloop. ,,De fabriek is oerlelijk, maar de hoogbouw die de gemeente wil, wordt nóg lelijker'', denkt M. Sloover, die verderop in de straat woont. ,,Ik kijk liever tegen een oude schoorsteen aan dan tegen een nieuw kantoorgebouw.'' Dankzij een vertragingstactiek van bezwaarschriften is het de buurt, tot ergernis van gemeente en Arcadis, gelukt de sloop keer op keer uit te stellen.

Sloover: ,,De gemeente heeft het pand laten verloederen en ons nooit bij de bestemming ervan betrokken. Het had van ons best een museum of een monument kunnen worden.'' De actie van de buurt is daarom een principekwestie, vindt hij. ,,Het gaat er niet om of de fabriek wel of niet mooi is, wij willen geen hoge kantoorbouw naast de deur. En de omgeving van de fabriek is best mooi verwilderd. Er staan prachtige bomen, waar uilen broeden.''

Een recent ingediend bezwaar moet de sloop opnieuw uitstellen. De gemeente is niet onder de indruk. Rien Cardol: ,,Wij gaan ervan uit dat de fabriek in februari toch echt verdwijnt.''

Eerdere afleveringen van deze serie verschenen op 23, 27 en 28 december.