Broodje beendermeel

DE BSE-CRISIS begint Nederland nadrukkelijk te naderen. Sinds de gekkekoeienziekte medio jaren negentig in met name Groot-Brittannië woedde, is de Nederlandse consument jarenlang gerustgesteld door de autoriteiten van de rijksoverheid en de vleesbranche. Daar was het mis gegaan doordat er vóór 1996 wegens gebrek aan toezicht misschien wel een miljoen zieke koeien bij de slager waren terechtgekomen. Hier was alles onder controle, zo luidde de boodschap. Maar nu er, na Frankrijk, ook in Duitsland paniek is uitgebroken, is deze houding niet meer vol te houden. Aan de vooravond van Kerstmis hebben de ministers van Volksgezondheid en van Landbouw dan toch een ban uitgesproken over Duitse rundvleesproducten van dieren die voor 1 oktober zijn geslacht.

Deze maatregel lag voor de hand. In Duitsland zelf, een vleesnatie bij uitstek waar de overheid zich jarenlang op de borst had geklopt omdat de koeien er absoluut veilig zouden zijn, werd het eigen vlees immers ook uit de schappen gehaald. De beslissing van de ministers Borst en Brinkhorst om het voorbeeld van hun collega's in Berlijn te volgen, leek van daadkracht te getuigen.

Maar de kerstdagen waren nog niet voorbij, of er bleken adders onder het gras te zitten. In Nederland zijn nog steeds vlees en vleeswaren te koop uit landen als Italië, Spanje en Griekenland die formeel BSE-vrij zijn. Net als in Duitsland is ook in deze lidstaten van de Europese Unie (EU) het gebruik van hersenen, ruggenmerg en ander risicodragend veevoeder niettemin tot zeker 1 oktober geoorloofd gebleven. Omdat de autoriteiten daar nog geen maatregelen hebben genomen, kan Den Haag ook niets doen.

Minister Borst (Volksgezondheid) bijvoorbeeld weet al ruim een jaar dat ook vleeswaren uit deze landen niet gegarandeerd veilig zijn. De Tweede Kamer is daarvan ook op de hoogte. Tenminste als de parlementariërs de brief hebben gelezen die de minister hun in oktober 1999 stuurde. Ze schreef daarin dat ,,niet uitgesloten kan worden'' dat er in Nederland vlees wordt geïmporteerd dat is gevoed met risicomateriaal. Maar ,,een verbod is niet realistisch en waarschijnlijk niet afdwingbaar'', aldus Borst toen, uit angst dat een verbod door de getroffen EU-lidstaten juridisch zou worden aangevochten.

DIT IS DES poedels kern. De gekkekoeienziekte is niet alleen een kwestie van de keuringsdienst van waren. De BSE raakt het Europese beleid in zijn hart. Toen de crisis zich in Groot-Brittannië in volle omvang aandiende, hebben de EU-landen vooral geprobeerd eerst hun eigen belangen veilig te stellen. Terwijl in Groot-Brittannië een minister zijn dochter voor de camera's in een hamburger liet happen om het publiek gerust te stellen, susten zijn collega's op het continent de consument dus met mededelingen dat ze de vinger continu aan de pols hadden.

De inmiddels gekannibaliseerde voedselketen is immers een politiek-economisch probleem. Overal hebben veehouders zich in de schulden gestoken om meer vlees te produceren. De ministers van Landbouw hebben op hun beurt door de decennia heen geleerd dat ze deze achterban alleen met de grootst mogelijke voorzichtigheid kunnen benaderen. Ook in Nederland had niet de minister van Volksgezondheid maar zijn collega op Landbouw het voortouw. Dat de gekkekoeienziekte zich niet veel aantrekt van grenzen en daarom een internationaal probleem zou kunnen worden, werd aldus over het hoofd gezien. De meeste burgers liet het aanvankelijk koud, omdat hun boterham met beendermeel alleen maar goedkoper was geworden.

Pas nu Duitsland in rep en roer is, durft minister Borst voorzichtig het roer in handen te nemen. Het werd om meer dan één reden tijd. De gekkekoeienziekte is namelijk niet louter een probleem dat de veeteelt en de voedselindustrie raakt, maar zal vermoedelijk in toenemende mate ook de gezondheidszorg belasten. Wetenschappelijk zijn nog lang niet alle vragen rond BSE en de menselijke variant Creutzfeldt-Jakob opgelost. De verwachting is niettemin gerechtvaardigd dat het aantal ziektegevallen de komende jaren zal toenemen. Zelfs als de keuring van vlees vanaf vandaag waterdicht is, zal Creutzfeldt-Jakob om zich heen blijven grijpen omdat de ziekte een lange incubatietijd heeft. Paniek zaaien heeft geen zin meer en is bovendien contraproductief. Maar als het waar is dat de Nederlandse gezondheidszorg tot de beste ter wereld behoort, zoals Borst niet nalaat te beweren in haar jacht op extra financiële middelen, dan is alertheid en openheid nu geboden. Elke arrogante suggestie dat Nederland een veilig eiland is, is misleidend en wordt bovendien door de consument toch niet geloofd.