Breuk in coalitie in Montenegro

In Montenegro heeft de regering gisteren haar definitieve voorstel voor de toekomst van de Joegoslavische federatie op tafel gelegd. Dat leidde onmiddellijk tot een regeringscrisis: een van de drie partijen is uit de regerende coalitie gestapt.

De Volkspartij (NS), die met een vice-premier en drie ministers in de Montenegrijnse regering is vertegenwoordigd, verliet de regering uit protest tegen de eisen van de Montenegrijnen aan het adres van Servië, die volgens haar veel te ver gaan. Het opstappen van de NS brengt de regering van president Milo Djukanovic op korte termijn overigens niet in gevaar, althans niet waar het de eisen aan Servië betreft, omdat ze in deze wordt gesteund door de oppositionele liberalen, voorstanders van volledige onafhankelijkheid van Montenegro. Maar ten aanzien van andere onderwerpen zouden de liberalen zich wel als de oppositiepartij kunnen gedragen die ze zijn, en de coalitie van sociaal-democraten en Djukanovic' Democratische Partij van Socialisten DPS is dus op termijn wel in gevaar.

De Montenegrijnse eisen over de toekomst van Joegoslavië voorzien in de vorming van twee volledig soevereine republieken, Servië en Montenegro, met elk een eigen zetel in de Verenigde Naties en eigen ambassades in het buitenland. De twee republieken zouden wel een gemeenschappelijke convertibele munt moeten hebben. Er zouden ook gemeenschappelijke strijdkrachten moeten blijven bestaan, zij het dat Servië en Montenegro wel de volledige zeggenschap zouden moeten hebben over de strijdkrachten op hun eigen grondgebied. Er zou ook een gemeenschappelijke markt moeten zijn en op buitenlands-politiek gebied zouden de twee republieken moeten `samenwerken'. De naam Joegoslavië zou moeten verdwijnen en plaats moeten maken voor de naam `Servië en Montenegro'.

Montenegro wil over dit eisenpakket met Servië onderhandelen zodra er midden januari een nieuwe Servische regering is gevormd – als resultaat van de Servische parlementsverkiezingen van vorige week zaterdag. Premier van die nieuwe regering wordt Zoran Djindjic, tot nu toe oppositieleider, een vriend van Djukanovic (die hem in Montenegro asiel verschafte toen Djindjic zich tijdens de NAVO-oorlog om Kosovo door het regime van de toenmalige president Milosevic bedreigd voelde). Djindjic heeft zich overigens steeds uitgesproken voor een handhaving van de federatie waar de Montenegrijnen van af willen.

Djukanovic wil ook de eigen bevolking het eisenpakket voorleggen in een referendum, dat waarschijnlijk in maart, maar in elk geval voor juni wordt gehouden. Volgens de jongste opiniepeilingen in Montenegro is 43,3 procent van de bevolking voor volledige onafhankelijkheid, wil 23,3 de handhaving van de bestaande federatie met Servië, wil zestien procent een lossere federatie en is 9,3 procent van de Montenegrijnen dat Joegoslavië een eenheidsstaat moet worden.