`Ik wil niet die jongen van de reclame zijn'

Door zijn optredens in een reclamespot werd trampolinespringer Alan Villafuerte een bekende Nederlander. Maar zijn naamsbekendheid hield geen gelijke tred met zijn prestaties. ,,Ik wil niet die jongen van de reclame zijn.''

Soms voelt Alan Villafuerte priemende ogen in zijn rug als hij over straat loopt. Je kunt meteen zien dat het gedrongen mannetje met die guitige ogen geen basketballer of voetballer is. Dan komt de onvermijdelijke vraag. ,,Ben jij niet die jongen van die reclamespot?'' Glimlachend erkent de 23-jarige trampolinespringer de schaduwzijde van zijn optredens voor Ben, één van de aanbieders van mobiele telefonie. ,,Ik ben bekender door de reclame dan door mijn prestaties.''

En dat was toch niet de bedoeling, toen het trampolinespringen zijn olympische debuut beleefde in Sydney. `Ik Ben voor Alan', was de leuze van de opgeklopte reclamecampagne. Maar de pionier van het `zweefvliegen voor turners' beleefde een echec op de Spelen door in de olympische finale naast de trampoline te belanden. Nu wil hij niet langer ,,die jongen van de reclame'' zijn, al constateert Villafuerte fijntjes dat hij zijn sport wel op de landkaart heeft gezet. Toch hebben de beelden in Sydney hem nog lang achtervolgd.

Villafuerte: ,,Natuurlijk heb ik het moeilijk gehad, nadat ik uitgerekend in de olympische finale naast de trampoline belandde. Duizenden sprongen in twee jaar voorbereiding waren voor niets geweest. Binnen twintig seconden was het doel verdwenen, waarvoor ik twee jaar heb geleefd. Ik had net als de meeste Nederlandse atleten moeten zeggen dat ik tevreden zou zijn met een finaleplaats. Dan zou mijn zevende plaats als een prima resultaat zijn uitgelegd. Maar ik stond vierde op de wereldranglijst en ik wilde me niet verschuilen voor de Spelen. Ik kwam voor een medaille en ik eindigde op mijn kont naast de trampoline, een leerzame ervaring.''

Om die pijnlijke gedachten te verwerken, hield Villafuerte zichzelf voor dat op die dag in Sydney de voorbereidingen op de volgende Olympische Spelen alweer waren begonnen. ,,In het vliegtuig op weg naar huis werden de bijzondere momenten van de Spelen getoond, daar zat mijn val ook bij. Trampolinespringen is in motorisch opzicht een verfijnde sport, waarin de kleinste fout fataal kan zijn. Bij het turnen mag je van de evenwichtsbalk vallen en na aftrek van een halve punt de oefening hervatten. Als ik met mijn haren de blauwe rand van de trampoline raak, is mijn oefening afgelopen.

,,Misschien was mijn val het gevolg van overconcentratie. Eerlijk gezegd besefte ik na de Spelen dat ik mentaal niet sterk genoeg was geweest. Ik heb altijd beweerd dat ik geen mentale training nodig had, daar denk ik nu anders over. Zelfs als het maar één procent helpt, kan dat het verschil uitmaken tussen een gouden medaille en een zevende plaats. Onbewust sloop ook de angst voor een nieuwe val bij me naar binnen. Ik was opgelucht dat ik bij de finale van de World Cup niet naast de trampoline sprong, want bij de Europese kampioenschappen viel ik ook.''

Villafuerte wijt zijn val op de EK vooral aan een gebrekkige voorbereiding. Hij was een week ziek geweest en overwoog het evenement zo kort na de Spelen te mijden. Desondanks bereikte Villafuerte de finale, waarin hij een nieuwe oefening demonstreerde. ,,En dat ging dus mis.'' Waarna de angst even zijn grootste vijand werd. ,,Maar een gezonde angst zorgt er ook voor dat je je sport veilig bedrijft'', stelt Villafuerte. Soms voelt hij zich een automobilist die na een aanrijding eerst de vrees voor een nieuwe crash moet overwinnen alvorens weer achter het stuur te kruipen.

Maar de `hoogwerkers' van de turnsport laten zich vooral leiden door de staat van euforie, die zij met hun zweefsprongen van achtenhalve meter hoog bereiken. Dan lijkt elk gevaar bezworen en waant Villafuerte zich de stuntman in een film of de trapezewerker in het circus die het publiek in vervoering brengt. De trampolinespringer is een vogel die de ultieme vrijheid heeft gevonden. Maar de ontnuchterende werkelijkheid heeft Villafuerte niet alleen op de Spelen van Sydney ervaren. ,,De risico's van mijn sport worden manifest zodra ik een nieuwe sprong probeer. Als ik een viervoudige salto maak, in plaats van een drievoudige denk ik heus wel na over de mogelijke consequenties. Dan laat ik me niet leiden door hoogmoed.''

In zijn sobere flat in één van die grijze wijken van Zoetermeer verontschuldigt Villafuerte zich op voorhand voor de kwaliteit van de koffie. ,,Ik zet niet zo vaak koffie''. Een sociaal leven heeft hij nauwelijks gekend sinds hij als kind werd gefascineerd door de zweefvliegers op de trampoline. Zijn vader uit El Salvador overleed acht jaar geleden en alleen aan zijn temperament herkent Villafuerte soms de cultuur van het land waarmee hij nauwelijks affiniteit heeft. In Nederland heeft Villafuerte zijn isolement als trampolinespringer nog versterkt door na zes jaar de relatie met zijn vriendin te verbreken.

Villafuerte, aarzelend: ,,Ik zag haar toch al nauwelijks, de afgelopen twee jaar ben ik twee weken per maand in Nederland geweest. En dan was ik nog eens dagelijks van zes uur 's ochtends tot zeven uur 's avonds van huis. Dat is geen basis om een relatie in stand te houden. We zijn uit elkaar gegroeid. Het speelde al heel lang. Nee, ik voel me geen a-sociaal mens. Als ik later terugdenk over de breuk met mijn vriendin, zal ik me wel realiseren dat ik erg voor mezelf heb geleefd. Maar dat is vanzelfsprekend geworden. Ik heb als topsporter geen andere keuze dan egoïstisch mijn eigen weg te volgen.''

Ook zijn studie aan de Academie voor Lichamelijke Opvoeding lijdt onder de volgende olympische missie in Athene waarvoor hij momenteel de bouwstenen aandraagt. ,,Mijn voornaamste probleem is dat ik een eenling ben in de Nederlandse turnsport'', zegt Villafuerte. ,,Ik heb alles zelf moeten ontdekken. De Russische olympisch kampioen Moskalenko heeft niet alleen het voordeel dat hij acht jaar ouder is dan ik en dus meer trainingsuren in zijn lichaam heeft. Moskalenko profiteert in zijn land ook van de rijke traditie in het turnen. Ik heb in totaal vier maanden in Rusland getraind, op de beste trampolineschool van het land. De Russen bedrijven hun sport niet anders dan ik, de onderlinge concurrentie is vooral veel groter. Sinds mijn broer Lennard twee jaar geleden is gestopt, mis ik springers aan wie ik me kan optrekken.''

Het trampolinespringen was ook altijd een ondergeschoven kind bij de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU). ,,Ik behoor tot een grote bond met heel weinig geld'', zo omschrijft Villafuerte zijn dilemma. Hij brak onlangs met de gymnastiekvereniging Pro Patria in zijn woonplaats Zoetermeer – waar zijn broer als trainer werkt omdat die club hem onvoldoende trainingsfaciliteiten kon garanderen. Villafuerte voert momenteel onderhandelingen met diverse bedrijven om een commercieel team in het turncentrum van Alkmaar op te richten.

Het is vooralsnog een vaag avontuur. ,,Ik ben het gezicht geworden van het trampolinespringen in Nederland, maar alleen kan ik het niet'', stelt Villafuerte. ,,Met een minimaal budget willen we onze sport een duidelijke structuur geven, zodat ik niet opnieuw het wiel hoef uit te vinden. Nu het trampolinespringen ook in Athene op het olympische programma staat, moeten we de aandacht voor deze sport zien vast te houden. Aan mij de uitdaging ervoor te zorgen dat ik over vier jaar niet alleen bekend sta als uithangbord van Ben.''

Dit is de tweede aflevering in een serie over sportmensen voor wie 2000 teleurstellend is verlopen.