`Ongebruikelijk moreel appèl' van Beatrix

De toespraak van de Koningin was het meest bekeken programma van de eerste Kerstdag.

De eerste koninklijke kerstboodschap die op televisie werd uitgezonden, is maandag door ongeveer 1,6 miljoen mensen te zijn bekeken, blijkt uit cijfers van de Dienst Kijk- en Luisteronderzoek van de NOS.

De meeste commentaren werden niet zozeer door de tekst zelf uitgelokt, maar door het Molukse kerstliedje dat er aan vooraf ging. Volgens woordvoerder J. Wattilete van de Molukse regering in ballingschap (RMS) is dat in zijn kring opgevat als een blijk van belangstelling van het koninklijk huis voor de Molukse gemeenschap. ,,De koningin laat zien solidair te zijn''. Wel vindt de RMS het jammer dat in de toespraak zelf niet werd ingegaan op de situatie op de Molukken. ,,Het had wat concreter en uitdrukkelijker gekund''.

De kersttoespraak van koningin Beatrix bevatte versluierde verwijzingen naar de recente verloving van prins Constantijn, ziektegevallen in de koninklijke familie en de vuurwerkramp in Enschede - zonder dat evenwel in de tekst een eigennaam voorkwam. De eigenlijke toespraak werd in de ruim acht minuten durende uitzending, waarvan de vormgeving volgens een communiqué niet in handen was van een omroep maar van de Rijksvoorlichtingsdienst, voorafgegaan door, en afgesloten met levenloze beelden van de tuin van Paleis Huis ten Bosch in Den Haag. De gehele uitzending is nog te zien op de website www.koninklijkhuis.nl

In politiek Den Haag is positief gereageerd op de kersttoespraak, in aanmerking genomen dat deze geacht wordt een meer persoonlijke uiting van het staatshoofd zonder primaire politieke betekenis te zijn. Jan te Veldhuis (VVD) was `behoorlijk onder de indruk'. Hij meent dat de koningin een `ongebruikelijk moreel appèl' heeft gedaan op de samenleving om `goed bij de les'te blijven' bij ongewenste maatschappelijke ontwikkelingen en bij gerezen problemen niet al te vlug naar de overheid te wijzen en verbetering in de eerste plaats bij jezelf te zoeken.

Marja Wagenaar (PVDA) vindt dat de koningin `wel een aardige afweging heeft gemaakt tussen het persoonlijke in de toespraak en haar positie als staatshoofd'. Dat Beatrix de naam Enschede niet noemde, stoort Wagenaar niet: ,,dan had ze misschien ook Constantijn, Claus en Bernard moeten noemen, en dat was misschien iets teveel van het goede geworden''.

Hans Hillen (CDA) is aangenaam getroffen door het `tegenaccent tegen individualisme en fatalisme' dat de toespraak bevatte. Bert Bakker (D66) is vooral getroffen door de muzikale verwijzing naar het Molukse vraagstuk, die naar zijn mening aantoont dat `anders dan Molukkers vaak denken er geen sprake is van gebrek aan aandacht voor de Molukken in Nederland, maar wel van veel onmacht'. Paul Rosenmöller (GroenLinks) ziet het Molukse kerstliedje als een correctie op de Troonrede van september, waarin elke verwijzing naar de Molukken ontbrak.

Kritiek op de kersttoespraak heeft vooral betrekking op de vormgeving van de uitzending, waarbij de vorstin af en toe ongemakkelijk heen en weer keek tussen de tekst op papier die voor haar lag, en de autocue - een apparaat dat de tekst projecteert voor de cameralens. ,,Als voormalig televisiejournalist heeft mij dat verwonderd'', zegt Hillen. De Kersttoespraak was het meest bekeken televisieprogramma van de Eerste Kerstdag, meldt de Dienst kijk- en luisteronderzoek. Zo'n 650.000 kijkers hebben speciaal de televisie aangezet om hem te zien, een half miljoen kijkers heeft even voor het begin overgeschakeld van andere zenders. De waardering was 7.4, een gebruikelijk cijfer voor een `koninklijk' programma.