Zure moeders, zure dochters

Bestaat de perfecte moeder? Die vraag bleek voor veel lezers een stap te ver. Ze worstelen met de vraag of ze het als moeder goed genoeg doen. `Een ideale moeder is nog geen ideale vrouw.'

De vraag of de ideale moeder bestaat, is niet relevant en irriteert zelfs', schrijft Inge Wallage uit Amsterdam. `Deze vraag suggereert een onhaalbare perfectie.'

Een groot aantal van de achtentwintig mensen die reageren op het artikel `De ideale moeder' (Z, 16 december) verwerpt het idee `ideale moeder'. De moeder die anno 2000 volgens promovenda Carine Ex goed voor haar kinderen zorgt, maar ook zelfstandig is en eventueel een baan heeft. Wouter Stapel uit Amersfoort schrijft: `Laten de moeders zich vooral niet te druk maken of ze wel ideaal zijn. De ideale moeder twijfelt niet continu. Zij doet regelmatig wat verkeerd, is wel eens bitchy en kan ook lachen om haar `tekortkomingen' – net een mens. Je zal maar een moeder hebben die alles perfect doet. Niet te evenaren. Dat moet traumatisch zijn. Zo'n moeder wordt waarschijnlijk nooit oma.' Een ideale moeder is niet ideaal, dus.

Toch bevatten de brieven één overheersend element: een goede moeder is `beschikbaar'. Chris van der Grinten, moeder van twee kinderen, schrijft: `De ideale moeder gebruikt als centraal thema in haar opvoeding van haar kinderen `laat ze maar klungelen' – dit in tegenstelling tot de verre-van-ideale moeder die fulltime achter haar kroost aanhobbelt en roept `kijk uit, blijf af, kom hier, niet doen'. Kinderen hebben niet continu een opvoeder naast zich nodig, maar wel op de achtergrond. De ideale moeder voelt precies wanneer haar kind haar nodig heeft, maar zit niet boven op zijn lip. Haar kind dondert dus wel eens van de trap, valt languit in de modder en brandt zijn vingers aan de kachel, maar hij valt natuurlijk niet uit het raam en hij loopt ook niet onder een auto. De ideale moeder is niet echt altijd aanwezig, maar wel altijd beschikbaar. Dat moet ook wel, want op de meest onverwachte momenten is een moeder absoluut onmisbaar. Door er op dat soort momenten te zijn, kweek je vertrouwen.'

Sommigen zijn strenger in de leer: `De constante aanwezigheid als trooster en aanhoorder is onschatbaar', schrijft Désirée Joustra. `Vooral als de kinderen de middelbareschoolleeftijd bereiken, dient de hoofdverzorger zo goed als altijd beschikbaar te zijn.' Dat ook dit voorschrift niet zaligmakend is, blijkt uit de brief van Brid Peeck. Onvoorwaardelijke toewijding eist haar tol. `Voor mezelf benader ik het beeld van waar een moeder in elk geval aan moet voldoen, namelijk `een moeder is aanwezig'. Dat ik hiermee een geweldige carrièrebreuk heb gepleegd, komt, nu de kinderen wat ouder zijn, pijnlijk aan het licht. Een ideale moeder, maar geen ideale vrouw. Die heeft immers een flitsende carrière en is financieel onafhankelijk.'

Anderen zijn van mening dat een carrière en het goed opvoeden van kinderen wel degelijk kunnen samengaan. Al blijft het etiket `ideaal' dan meestal buiten bereik. Pien van Erp Taalman Kip uit Amsterdam, moeder van twee kleine kinderen, werkt vier dagen per week, haar man fulltime. Hoewel ze betreurt dat het haar niet is gelukt haar kinderen zo vlekkeloos groot te brengen als haar fulltime werkende moeder haar opvoedde, is ze tevreden. `Misschien ben ik geen ideale moeder,' schrijft ze, `maar ik ben op deze manier vast een veel leukere moeder dan als ik niet zou werken.'

Saskia Aalbers uit Den Haag heeft een hectisch bestaan van passen en meten. Een werkweek van zestig uur op dit moment, een drukbezette man en twee dochters dwingen een strak weekschema af. `En zondag reserveren voor de meisjes. En voor mijn man, en voor mijn moeder. Belachelijk natuurlijk. Maar de wetenschap dat aan zo'n drukke periode ook weer een eind komt, houdt je overeind. En anders: keuzes maken. Ander werk. Minder werken. Maar niet zeuren. En nooit dromen opgeven. Als er dromen worden opgegeven voor de kinderen, krijg je zure moeders. Moeders die indirect hun kinderen de schuld geven van onvervulde wensen. En van zure moeders komen zure dochters – die later ook weer moeder worden.'

Je zou bijna uit het oog verliezen dat kinderen zelf ook de vervulling van een wens kunnen zijn. Pety Oprinsen, nu fulltime moeder, had zich als student voorgenomen later de opvoeding te combineren met deeltijdwerk. `Als ik toen eerlijk had durven zijn, had ik toegegeven dat dat niet zozeer mijn ideaal was als wel dat van de tijdgeest. Ik voelde eigenlijk al dat ik een kind het einde zou vinden.' Die tijdgeest is weinig veranderd. Zo schrijft Annemiek Buijs: `Er wordt zo eenzijdig nadruk gelegd op buitenshuis werken, het lijkt wel een nieuwe religie.'

Een veeleisende religie, die bij sommigen schuldgevoelens oproept. Zolang de kinderen ideaal zijn, kan de moeder ook een gooi naar deze titel doen, aldus Antoinette Moorman uit Wassenaar, maar `met een moeilijk of ziekelijk kind gaat het organiseren van een baan buitenshuis niet zonder spanning en schuldgevoelens.' Annet Boom schrijft: `Door mijn werk heb ik minimaal contact met buurtgenoten en andere moeders, wat niet gunstig is voor de sociale contacten van de kinderen.'

Een aantal ouderparen is er in geslaagd hun werk en kinderen functioneel te integreren. Brigitte Jacobs runt met haar vriend Duco, de vader van hun twee kinderen, en haar schoonvader een architectenmaatschap. Het kantoorpand is naast het woonhuis, met een binnendoorgang. De kinderen kruipen rond onder de tekentafels, of zijn vlakbij, onder het toeziend oog van een oppas. Beide ouders zijn altijd beschikbaar, zonder hun ambities op te offeren. `Voor onze kinderen is het heel normaal dat zowel hun vader als moeder de hele dag bij hen in de buurt is, maar ook dat zij hen niet de hele dag kunnen bezighouden. Duco en ik zijn voor hen volkomen uitwisselbaar, hetgeen mij altijd voor ogen heeft gestaan. Een kind heb je samen.'

Samenstelling Vera Spaans