Tussen Croesus en Calvijn

Nog nooit zat Nederland er met de kerstdagen zo warmpjes bij. Op de golven van acht jaar onafgebroken economische groei, stijgende aandelenkoersen en huizenhoge woningprijzen voelen we ons zo rijk als koning Croesus. En zijn we verwender dan ooit. De levensgenieter kan bij de groothandel kiezen uit 238 soorten whisky, en belandt met zo'n enorme keuzevrijheid op de rand van de besluiteloosheid. De jeugd is rijk, kleedt zich dwangmatig volgens de laatste trends en is radeloos zonder eigen mobiele telefoon. Voor paps en mams is vijf miljoen geen uitzondering meer voor een rietgedekte villa in het Gooi. Zelfs de kwaliteit van ons huisvuil is toegenomen.

Maar de welvaartsstijging is niet gelijk verdeeld. Wie bezit had, zat goed. Maar wie nieuw op de huizenmarkt komt subsidieert nu de woekerwinst van anderen. Die genieten van een rijkdom die niet is bijeengespaard, maar hen in de schoot is geworpen. Voor zolang het duurt. Want de beurzen zijn nerveus, en de huizenmarkt wankelt. Zodat we dit jaar maar beter nog ten volle kunnen genieten van de voorspoed. Er is maar één klein probleem: wat doen we met Calvijn met de kerstdagen?