JETLAG

Reis je van Europa naar Amerika, dan hebben de meeste mensen er nauwelijks last van, maar neem je het vliegtuig terug, dan ben je dagenlang van slag. Jetlag is een probleem dat volgens S. Montag (18 november) schreeuwt om een verklaring.

Jetlag is het gevolg van een afwijkende stand van de interne klok in onze hersenen ten opzichte van de kloktijd waaraan de reiziger op de plaats van bestemming wordt blootgesteld. De zogenoemde biologische klok regelt onder andere de dagelijkse veranderingen in de activiteit van ons zenuwstelsel en reageert traag op verandering in de afwisseling tussen dag en nacht ontstaan als gevolg van de reis. De dagelijkse variatie in de activiteit van ons zenuwstelsel past zich langzaam aan. Dat geldt in veel mindere mate voor de dagelijkse activiteitspatronen van het hart en van de lever. Sinds kort weten we dat deze patronen respectievelijk afhankelijk zijn van de motorische activiteit en van de spijsvertering. Jetlag is op te vatten als het gevolg van de verwarring die in het lichaam ontstaat doordat die verschillende ritmes niet gelijklopen. Dat verklaart echter nog niet waarom de ernst van de jetlag afhankelijk is van de reisrichting.

Het is erg waarschijnlijk dat het verschil te maken heeft met de wijze waarop de biologische klok op licht reageert. Licht in de ochtend (vanaf een uur of vijf 's morgens) versnelt de biologische klok. In reactie op zulk licht blijkt een proefpersoon de volgende dag eerder op te staan, zijn inwendige wekker gaat eerder af. Licht in de avond en nacht (tot een uur of vijf 's morgens) doet juist het omgekeerde; het vertraagt de biologische klok. Reizen we van Amsterdam naar New York waarbij het tijdsverschil zes uur is, dan zal het omslagpunt (waar vertragingen van de biologische klok overgaan in versnellingen) om 5 uur in Amsterdam, dus om 23 uur New York-tijd liggen. Het meeste licht waaraan de reiziger wordt blootgesteld bereikt de biologische klok vóór 23 uur, en de klok zal dus vertragen. Sterker nog: het licht dat de reiziger gewend was in de vroege ochtend te zien, blijft nu achterwege, omdat de persoon ligt te slapen, en de bijbehorende versnelling van het ritme in de ochtend blijft uit. De klok vertraagt dus flink en past zich snel aan de nieuwe situatie aan. Na die aanpassing komt dan het moment van de terugreis. Het omslagpunt is om 5 uur 's morgens, New York-tijd, komen te liggen, wat correspondeert met 11 uur 's morgens in Amsterdam, waar het vliegtuig bij voorbeeld om 7 uur is geland. Vier uur lang krijgt het daglicht alle kans om de klok te vertragen, terwijl deze juist versneld had moeten worden. De versnelling van de klok in de uren daarna weegt daar niet voldoende tegen op, vooral niet als onze vermoeide reiziger tijdens de uren van de versnelling ook nog eens een middagdutje doet. De volgende dag is daardoor niet veel aan de stand van de klok veranderd. Dat kan dagen duren.

De remedie: Verzet de biologische klok. Daartoe moet die klok op de juiste momenten aan het licht worden blootgesteld, en op andere momenten juist niet. Ons advies aan Montag is daarom: Vermijd bij aankomst in Nederland uit Amerika zoveel mogelijk blootgesteld te worden aan licht tussen 21 uur en 5 uur, Amerikaanse tijd, en zoek het licht zoveel mogelijk op tussen 5 en 13 uur, Amerikaanse tijd. De jetlag zal een stuk minder zijn en vooral veel korter duren.