Burgemeester op de zeepkist

Hij vertrekt iets eerder dan verwacht, de Amsterdamse burgemeester Schelto Patijn. Drugsoverlast, zinloos geweld, rellen van Marokkaanse jongeren, hij maakte het allemaal mee in zijn ambtsperiode. Een stadswandeling langs de plekken waar het allemaal gebeurde. `Je weet dat als Gümüs was ondergedoken, hij nu was gelegaliseerd?'

Een middag met burgemeester Patijn door Amsterdam is als de intocht van Sinterklaas. Voortdurend handen schudden en vriendelijke praatjes. ,,Ik ben een beetje een Sinterklaas ja. Klopt. Of ik nu mijn schoenen wegbreng voor de reparatie of bij de slager in de rij sta voor twee ons worst. Iedereen spreekt me aan.''

De opdracht aan de burgemeester was: noem vijf plekken in de stad die typerend zijn voor uw ambtsperiode. Het is een selectie van `de menselijke maat' geworden. Dit is, in willekeurige volgorde, zijn top-vijf: 1) Het August Allebéplein; 2) Het monument voor Joes Kloppenburg in de Voetboogstraat; 3) Het `Gümüsplein' in De Pijp; 4) De Wallen; 5) De Amsterdamse Poort in Amsterdam Zuidoost.

Werd het typisch een keuze van een benoemde burgemeester in zijn rol van ceremoniemeester? ,,Volstrekt niet. Dit zijn de dingen waar ik voor sta. Hier ben ik over mijn eigen schaduw heen gesprongen.''

Het August Allebéplein ligt in stadsdeel Slotervaart/Overtoomse Veld in Amsterdam-West. Ongeveer de helft van de bewoners is van buitenlandse afkomst, de grootste groep is Marokkaans. Op 23 april 1998 raakte de politie hier slaags met honderdvijftig Marokkaanse jongeren. Het bleek de opmaat voor een reeks confrontaties tussen politie en allochtone jongeren. De Amsterdamse gemeenteraad wees een speciale coördinator voor het jeugdbeleid aan en er kwamen extra agenten in het stadsdeel. Patijn heeft de buurt daarna verscheidene malen bezocht.

Meteen wandelt burgemeester Patijn de Albert Heijn binnen. ,,Zie je wat een mooie supermarkt dit is?'' Zijn rechterhand is klaar voor wie hem maar schudden wil. Een Surinaamse beveiligingsbeambte is de eerste.

Burgemeester: ,,En, houden ze zich een beetje koest?''

Beveiligingsbeambte: ,,Ze proberen het wel, maar (hij wijst op de tekst op zijn button) ik ben een doorbijter!''

De burgemeester schatert en slaat de man op zijn schouders: ,,Een doorbijter. Ja, leuk.''

Een week na de beroemde rel was Patijn hier ook. Hij was naar de moskee gekomen, met een vraag aan de Marokkaanse gemeenschap: ,,Kom mij helpen.'' Nu staat het August Allebéplein voor Patijn symbool voor de omslag in deze buurt. ,,Drie jaar geleden hadden Marokkaanse ouders nog zo'n idee van: wij zijn verantwoordelijk tot de voordeur, de rest doet de politie. Nu hebben de surveillerende Marokkaanse buurtvaders de Hein Roethof-prijs voor criminaliteitspreventie gewonnen.'' Deze week kregen de vaders ook nog de Europese prijs voor Misdaadpreventie.

Een ouder echtpaar spreekt de burgemeester aan: ,,Gaat u er weer een beetje een mooi plein van maken, burgemeester?'' De burgemeester had hier vanochtend moeten zijn, zeggen de man en de vrouw, toen een groep jongeren de winkel van de Chinees vernielde en oude mensen aan het pesten was, terwijl verderop een agent in burger stond.

Burgemeester: ,,Zijn het nog steeds die Marokkaantjes?''

Man: ,,Het zijn klieren.''

Burgemeester schatert en klopt de man op zijn schouder: ,,Het zijn klieren, precies. Dat zijn het. Als het je zoon zou wezen hè, nou dan...''

Terug op weg naar de dienstauto roept een groepje Marokkaanse jongens Patijn van een afstand toe. ,,Nee, geen hand'', zegt een jongen vanaf zijn fiets. ,,Maak eerst maar eens een mooi plein. Doe eerst maar eens wat voor de buurt. Vuile jood.''

De burgemeester heeft het niet goed verstaan. ,,Zeiden ze nou jood?''

Winkelcentrum de Amsterdamse Poort ligt in stadsdeel Amsterdam-Zuidoost, beter bekend als de Bijlmer. Dit is het stadsdeel waar Patijn zich het meest mee heeft bemoeid. Met stadsdeelvoorzitter Hannah Belliot onderhield hij nauw contact. Patijn luisterde veel officiële gelegenheden op met zijn aanwezigheid. En toen Albert Heijn uit veiligheidsoverwegingen wilde vertrekken uit winkelcentrum Kraaiennest, slaagde Patijn er in de directie op andere gedachten te brengen.

,,Moet je zien wat een koopkracht hier rondloopt'', zegt Patijn. Op een steenworp afstand van winkelcentrum de Amsterdamse Poort bezocht hij zes jaar geleden een kelderbox onder een van de flats die werd verhuurd aan een Dominicaanse hoer. ,,Nu vechten aan de andere kant van de spoorlijn beleggers om elke vierkante meter grond.''

In hoog tempo worden in Zuidoost flats tot de grond toe afgebroken en wordt nieuwbouw uit de grond gestampt. Maar de bewoners blijven dezelfde. Kunnen zij het tempo van de wijk bijbenen? ,,Ik ben niet bezorgd'', zegt Patijn. ,,Kijk naar de artsen in opleiding van het AMC, naar het verpleegkundig personeel. De omslag gaat razendsnel. Mensen die hier eerst nog object van beleid waren, worden steeds meer initiator in dit gebied.'' Dan, rondkijkend over het plein: ,,Wat zijn er toch veel mooie mensen onder de nieuwe Amsterdammers. In alle schakeringen van kleur. Hier zijn de mensen trots op de multiculturele stad.'' Een Nederlandse man klampt de burgemeester aan.

Man: ,,Burgemeester, mag ik wat vragen. Ik woon in Venserpolder. Wat is er met de reiniging aan de hand?''

Burgemeester (aanmoedigend): ,,Ga naar het stadsdeelkantoor.''

Man: ,,Daar schuiven ze me af.''

Burgemeester: ,,Ik zou het wel weten. Een auto dwars op de straat en net zo lang blijven staan tot ze het vuil komen weghalen.''

Man: ,,Weet u wat het is meneer Patijn? Ik ben de enige Amsterdammer die hier woont. De Surinamers stappen er gewoon overheen, alsof ze er niet thuishoren.''

Patijn: ,,De reinigingspolitie! Die zou hier iets aan moeten doen.''

Man: ,,Weet je wat die doen? Die komen aanrijden, wijzen ernaar en rijden weer door.'' (Gelach, handen schudden, afscheid)

Later zal Patijn zeggen: ,,Als er burgemeestersverkiezingen zouden zijn, en ik zou meedoen, dan zou ik alle stemmen krijgen. Ik ga gewoon hier op een zeepkist staan. En tegen die meneer van het vuilnis, zou ik zeggen: Het is nu vijf uur. Om half zes bij u thuis. En de fotograaf gaat mee.''

Het `Gümüsplein' ligt in de Amsterdamse Pijp. Twee jaar geleden moest de kleermakersfamilie Gümüs het land verlaten. De kleermaker kon niet aantonen dat hij een witte illegaal was, die ten minste zes jaar had gewerkt en altijd premies had afgedragen. Patijn probeerde tevergeefs toenmalig staatssecretaris Schmitz (Justitie) ervan te overtuigen dat dit gezin in Amsterdam hoorde. Een hongerstaking van vijftien illegale Turkse vrouwen inspireerde Patijn later tot de oprichting van de zogenoemde burgemeesterscommissie. Die adviseert de staatssecretaris over het verstrekken van verblijfsvergunningen aan illegalen die in Nederland zijn ingeburgerd. Tot dusver hebben zo'n tweeduizend illegalen die door deze commissie zijn beoordeeld, een legale status gekregen.

In het voormalige kledingreparatiebedrijf van Zekeriya Gümüs wordt de huidige eigenaar af en toe goed ziek. ,,Ik kan de naam Gümüs niet meer horen'', vertelt hij aan de burgemeester. ,,Nog elke dag gaat de telefoon. Hoe is het met Gümüs? Klanten komen binnen en zeggen: Hallo Gümüs. Ik ben Gümüs niet, zeg ik dan, maar bij het vertrek zeggen ze evengoed weer: Tot ziens, Gümüs.''

Patijn lacht om het verhaal. De eigenaar heeft verse koffie gezet voor het onverwachte bezoek en snel baklava gehaald. Een medewerker van het kledingatelier blijkt een bij Patijn bekende illegaal te zijn. ,,Ik heb laatst nog een aparte brief over jou geschreven. Je mist een maand of zo he?''

,,Ik gun het je van harte'', zegt Patijn tegen de man. ,,Maar ik ben afhankelijk van de dossiers die de IND (Immigratie en Naturalisatie Dienst, MS) mij opstuurt. En weet je wat het probleem is? De illusie bestaat dat als men nu maar nee tegen een illegaal zegt, de betrokkene wel afreist naar Turkije of Marokko. Maar dat is natuurlijk niet zo: die probeert toch zijn leven hier in te richten.''

Dan: ,,Je weet dat als Gümüs twee jaar geleden was ondergedoken bij een bollenboer in Hillegom, hij nu als witte illegaal was gelegaliseerd?''

En de vijftien Turkse vrouwen? Ze zijn bijna allemaal gelegaliseerd. ,,Ik zat vreselijk met die vrouwen in mijn maag'', zegt Patijn. ,,Later ben ik wel gaan denken: ik trok me dat zo aan omdat ik me toen al niet goed voelde. Twee maanden later werd ik geopereerd. Ik wist dat die vrouwen me forceerden. Ik wist dat ze 'snachts bouillon dronken of naar huis gingen en er 's ochtends weer gingen liggen, vlak voordat de media kwamen. Ik wist dat sommigen me belazerden. Maar door de hongerstaking bleek opeens de volle omvang van het probleem met de witte illegalen.''

Een Turkse man in pak komt binnen voor een praatje. Hij spreekt geen Nederlands. ,,Nog een illegaal'', zegt de eigenaar. De man gaat zitten. En wat doet het hoofd van de politie? ,,Ik doe niks'', zegt Patijn. ,,De Amsterdamse politie maakt geen jacht op illegalen.'' En tegen de man: ,,Redt u zich een beetje? Heeft u werk?''

De Wallen. In het hart van de stad speelt de politie hier sinds jaar en dag een kat-en-muisspel met dealers en verslaafden. In 1996 concludeerde de commissie-Van Traa dat criminele organisaties op de Wallen de macht van het stadsbestuur hadden overgenomen. Patijn richtte het Van Traa-team op dat met het vergunningenbeleid en door samenwerking met de fiscus een dam wil opwerpen voor criminelen. Afgelopen zomer pleitte Patijn voor harder politieoptreden tegen overlast van junks en dealers.

Patijn poseert voor de foto op de Pillenbrug. Zonder woordvoerder. Zonder bewaking. Achter zijn rug hosselt een groepje junks voor de Febo. Al snel verzamelen zich rondom de burgemeester buurtbewoners en junks. Een oudere vrouw vertelt dat het niet de junks zijn van wie ze last heeft, maar de studenten. ,,Als je wat van hun gebral zegt, roepen ze: Dan moet je hier maar niet gaan wonen, ouwe. Dat zou een junk nooit zeggen.'' ,,Heeft u dat gehoord'', zegt een Surinaamse verslaafde met een wollen muts en een gouden brilletje. Een jongen met een sjaal om zijn hoofd heeft zich inmiddels losgemaakt uit het hosselende groepje.

Hosselaar: ,,Waarom ga je weg? Ik ben juist aan jou gewend.''

Burgemeester: ,,Ik ben al 64 jaar.''

Andere hosselaar: ,,Hoe doet u dat toch?''

Burgemeester, tot grote hilariteit van de verslaafden: ,,Ik rook niet.''

Afgelopen zomer reed Patijn met de politie in een busje over de Wallen en het leek alsof hem de schellen van de ogen vielen. Tegen de buurtbewoners zou hij later zeggen: die nacht ben ik tot de overtuiging gekomen dat u gelijk heeft. De overlast van verslaafden en dealers was inderdaad ,,afschuwelijk''. ,,Ach, dat was onderdeel van een mediaoorlog tussen bestuur en bewoners'', zegt hij nu. ,,Zij dachten dat ik niets zag, en ik ontkende dat niet. Natuurlijk had ik al eerder gehoord dat het niet goed ging. Ik ben niet helemaal van gisteren.''

Maar: ,,Je moet van de Wallen geen Rivierenbuurt willen maken. Ieder deel van de stad heeft een andere functie. Hier gaat het vooral om recreatie. En met kinderen moet je niet op de Wallen gaan wonen. Je gaat toch ook niet op het Rembrandtplein wonen?''

Het monument in de Voetboogstraat in het centrum van Amsterdam. Op 17 augustus 1996 werd hier de 26-jarige Joes Kloppenburg doodgeschopt nadat hij een groepje jongens had gemaand te stoppen met de mishandeling van een man. Zijn dood veroorzaakte landelijke verontwaardiging over `zinloos geweld'.

,,Even kijken of de lamp nog mooi boven de gedenksteen hangt.'' Patijn zat drie jaar geleden op het stoepje van de patatkraam toen twee mannen van het elektriciteitsbedrijf de neonletter HELP ophingen. Vlak na de moord was hij op bezoek gegaan bij de ouders in Badhoevedorp.

Is er een soort ongeschreven handboek voor burgemeesters waarin staat: `in geval van zinloos geweld huisbezoek aan ouders'? Hoe kiest Patijn? ,,Je gaat af op de werking van je nieren'', zegt hij. ,,Als je het gevoel hebt: hier moet ik iets doen. Dat verzin ik meestal zelf, maar ik kan van tevoren meestal moeilijk voorspellen hoe het loopt. Na de dood van Joes Kloppenburg ging er een golf door de stad van mensen die razend waren en diep ongelukkig. Niet dat ik op die golf heb meegesurfd. Mijn betrokkenheid staat los van de publieke opinie. Het raakt bij mij iets. En dan ga ik gewoon.''

De moord op Kloppenburg was zo ,,on-Amsterdams'' zegt Patijn. ,,Zo vreselijk on-Amsterdams. Vijfennegentig procent van de moord en doodslag in deze stad is doelgericht, niet tegen een willekeurige omstander. En het uitzonderlijke hier was: deze jongen had ingegrepen toen een weerloze man werd mishandeld. Wat weer wel typisch Amsterdams is: je overal mee bemoeien. Ik ben zo bang dat veel mensen dat nu niet meer durven.''

De avond is gevallen. De neonletters branden. Patijn: ,,Die jongens en meisjes op dat stoepje denken vast dat hier een café zit dat HELP heet.''

Zal Patijn zijn rol van burgervader missen?

,,Geen dag. Op 31 december 24:00 gaat de knop om. Ik ben verantwoordelijk voor het vuurwerk voor twaalf uur en het vuurwerk na twaalf uur is voor waarnemend burgemeester Jaap van der Aa. Ik sta op het punt mijn vrijheid te hernemen.''