Barend en Van Dorp

Ik wil eerst mijn solidariteit betuigen met Henk van Dorp en Frits Barend. Het is schokkend en traumatisch wat hun is overkomen. Zij werden dinsdag, voorafgaande aan de rechtsstreekse uitzending van hun RTL-televisieshow, door een groep Hells Angels geconfronteerd met fysiek geweld en bedreiging. Zij hebben zich daarna niet als martelaars of nephelden willen gedragen. Daar kan ik inkomen. Je mag van niemand vergen zichzelf, mogelijk ook andere aanwezigen of zelfs gezinsleden, bloot te stellen aan lijfelijk gevaar. Die keuze kan niemand voor een ander maken.

Vervolgens mag je, denk ik, toch wel de vraag stellen of er voor Barend en Van Dorp, zonder hun persoonlijke veiligheid verder op het spel te zetten, een andere reactie mogelijk was geweest dan de Hells Angels hun zin te geven en voor de camera te verklaren dat deze motorclub geen criminele organisatie is. Dat hoeft niet per se een kwestie van moed of lafheid te zijn. Men had weloverwogen andere maatregelen kunnen treffen. Bijvoorbeeld het uitstellen van de uitzending totdat er voldoende politiebescherming was gearriveerd. Of het demonstratief afgelasten van de uitzending. Of het staken van het programma net zolang tot de overheid en de leiding van RTL afdoende garanties voor de journalistieke vrijheid en de veiligheid van de presentatoren geven. Laat desnoods, liever dan te zwichten voor intimidatie, alle Hilversumse studio's omsingelen door de luchtmobiele brigade totdat de motorengerds als criminele organisatie zijn verboden en ontbonden.

Wat dinsdag gebeurde, is erger dan de rellen in Den Bosch. Erger ook dan het besluit van bioscoophouders de Ajaxfilm niet te vertonen wegens bedreigingen door hooligans. In Den Bosch ging het om de openbare orde. De verstoring daarvan is ernstig, maar niet zo ernstig als ondergraving van de vrijheid van meningsuiting. Bij de Ajaxfilm kwam dat grondrecht weliswaar ook al in het geding, maar niet het principe van de journalistieke vrijheid. Het is, lijkt me, niet van dezelfde orde: particuliere uitbaters van bioscopen die vrezen voor molest hebben een andere en minder verstrekkende verantwoordelijkheid dan de media waarvan de inhoud nu door geweld en bedreiging blijkt te kunnen worden beïnvloed.

Er is dinsdag een grens overschreden. Nogmaals, ik wil geen verwijt maken aan Barend en Van Dorp, die persoonlijk al ellende genoeg van de zaak hebben ondervonden (donderdag werden ze ook nog geconfronteerd met een bommelding in hun studio), maar het andere uiterste is net te doen alsof er niets aan de hand is en over te gaan tot business as usual. Het meest typerend hiervoor was, helaas, de uitzending van Barend en Van Dorp van woensdag.

Het moest vooral gezellig blijven. Daar heeft men in Hilversum Vanessa voor die reclame maakt voor een trilmachine tegen cellulitis. En haar echtgenoot die rijk is geworden met platenzaken. En Jan Mulder, de zelfgenoegzame side kick van Barend en Van Dorp, die van de platenhandelaar wilde weten of je beter met een ton of met een paar miljoen naar de beurs kunt gaan. Op de vraag van de gemaltraiteerde presentatoren of zij van het tegen hen gepleegde geweld aangifte moeten doen, bleef Mulder het antwoord schuldig. Enerzijds wel, anderzijds niet. De volgende dag besteedde hij zijn column in de Volkskrant aan... het weer. Waarom moet ik bij Mulder toch altijd denken aan Willy Alfredo ('Roept u maar... En wat zitten we hier gezellig. En wat zitten we hier oké... Ja, roept u maar!')

De laatste tien minuten van de uitzending waren ingeruimd voor een gesprek over criminaliteit naar aanleiding van de gebeurtenis van een dag tevoren. Geen minister van Justitie te bekennen, geen procureur-generaal, geen hoofdcommissaris van politie, ook geen RTL-baas en zelfs niet de voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Journalisten.

Wel was het Tweede Kamerlid Hofstra (VVD) verschenen om te klagen over te lichte taakstraffen. Hij bracht het niet op recht in de camera te kijken (waar VVD'ers zo behendig in zijn) en luid en duidelijk te zeggen: ,,Namens de VVD-fractie in de Tweede Kamer deel ik u mee dat, zoals wij in het parlement tijdens de IRT-enquête formeel hebben vastgesteld, de Hells Angels een misdadige organisatie vormen. Mijn adres is Tweede Kamer, Plein 2 in Den Haag en kom maar op, tuig!''

Ondanks mijn begrip voor de dwangpositie waarin Barend en Van Dorp verkeerden, kan ik me niet onttrekken aan een gevoel van teleurstelling over de miezemuizerige reacties zowel van politieke zijde als van de kant van de media.

Volgens De Telegraaf wilde niemand in de omroepwereld, met uitzondering van misdaadverslaggever Peter R. de Vries, de Hells Angels afvallen. Wat volgens het ochtendblad overheerste, is angst. `Ik heb ook vrouw en kinderen', luidde de meest gehoorde verklaring. Misschien een voorstelbare terughoudendheid, maar laten we ons niet vergissen: zodra media beginnen te zwichten voor terreur, bevindt de democratie zich op een hellend vlak.

Journalistiek kan een gevaarlijk vak zijn. Soms betalen reporters onthullingen met hun leven. Ik zou me daar niet voor aanmelden, maar heb er wel diepe bewondering voor. In het jaar 2000, zo maakte de Internationale Federatie van Journalisten deze week bekend, zijn 68 journalisten vermoord bij de uitoefening van hun beroep. Geen RTL-show is het natuurlijk waard dat Frits Barend en Henk van Dorp als de nummers 69 en 70 aan deze afschuwelijke lijst waren toegevoegd. En het is hier tenslotte nog geen Colombia, Oekraïne of Sierra Leone. Maar de lamlendige werkelijkheid is inmiddels wel dat de Hells Angels zich sinds dinsdag de baas kunnen wanen. Ik begrijp werkelijk niet dat deze gebeurtenis niet veel hoger is opgenomen dan als een vervelend incident.

Waarom bewaarde de RTL-leiding het stilzwijgen? Waarom niet alle Nederlandse zenders uit protest een uur op zwart gegooid? Waarom geen noodverordening van de burgemeester van Hilversum? Waarom geen verklaring van de minister van Justitie waarin de regering aankondigt de vrijheid en veiligheid van de media met alle haar ter beschikking staande middelen tegen de onderwereld te zullen verdedigen?