Een troosteloos kerstfeest

In het Palestijnse stadje Bethlehem op de Westelijke Jordaanoever is de kerst dit jaar somber: de Palestijnen betreuren de doden van de intifadah èn de toeristen komen niet. De bezettingsgraad in de hotels die nog open zijn is tot 5 procent gedaald.

Om elf uur 's ochtends begint het in het Palestijnse stadje Bethlehem te regenen. In een ommezien is de Milk-Grottostraat nog troostelozer dan kort ervoor. Er lopen twee toeristen, een non, een pater en een Amerikaanse journalist uit Texas, begeleid door een gids, door dit mooi gerestaureerde winkelstraatje bij het grote Plein van de Kribbe voor de Geboortekerk van Christus. Als de regen doorzet verdrinkt het straatje in zijn ellende. Drie winkeliers, die de groen geschilderde metalen luiken voor de etalages van hun souvenirzaakjes hadden opengeslagen, staan met lange gezichten achter de ramen. Ze kijken in de leegte, zoals iedere dag sedert het uitbreken van de Palestijnse opstand en de Israelische omsingeling van Bethlehem. ,,Geen pelgrims en toeristen. En dat net voor kerstmis. Het is een ramp'', zegt een winkelier. ,,Ik open om de spullen af te stoffen'', zegt een andere winkelier. ,,Gelukkig werkt mijn vrouw als lerares. Anders zou er geen cent in het laatje komen.''

Tegen de muren en op de winkelluiken in het straatje zijn foto's geplakt van Hussein Mohammad Abayat, een bekende Palestijnse strijder die in het begin van de Palestijnse opstand door schoten uit een Israelische helikopter bij Bethlehem werd gedood. Trots houdt deze Palestijnse held zijn automatische geweer vast, de loop omhoog gericht

Yosef Giacaman, die de grootste souvenirwinkel drijft aan het Plein van de Kribbe, volgestouwd met uit olijfhout en paarlemoer gesneden bijbelse voorstellingen, vertelt dat hij voor het uitbreken van de intifadah heel goede zaken deed. ,,Het millenniumfeest en het bezoek van paus Johannus Paulus II aan Bethlehem deden wonderen. In mijn fabriek maakten mijn tien arbeiders overuren. Ik investeerde grote bedragen in het aanleggen van een voorraad spullen. Die raak ik nu niet kwijt. Mijn arbeiders werken nog maar drie dagen per week. Ik betaal hun salarissen nu van mijn spaargeld. Als dat nog een paar maanden zo doorgaat moet ik ze ontslaan.''

Yumana Abas, de woordvoerster van het Bethlehem 2000-project, heeft de cijfers die de economische noodtoestand deze kerst verduidelijken, bij de hand. ,,De hotels die nog open zijn hebben een bezettingsgraad van slechts vijf procent. Het aantal afzeggingen is tot 80 procent opgelopen. Sedert december 1997 tot het begin van de opstand deden 88.000 toeristen per maand Bethlehem aan. In oktober kwamen nog 27.000 toeristen en in november slechts 3.200'', zegt ze. ,,Deze kerst in Bethlehem wordt een trieste vertoning. Wij Palestijnen hebben zoveel doden en gewonden dat we niet in de stemming zijn uitbundig het kerstfeest te vieren. Veel festiviteiten hebben we dan ook afgelast. We rekenen ook niet op veel pelgrims in de kerstnacht. Geen 15.000 zoals in normale jaren. Misschien toch nog een paar duizend. Laten we het hopen.''

Ook op de deur van het stadhuis van Bethlehem, schuin tegenover de Geboortekerk, zijn foto's geplakt van Palestijnen uit het stadje die tijdens de intifadah zijn gedood. ,,Het zijn heel moeilijke tijden voor ons'', zegt Hanna J. Nasser, de katholieke burgemeester van Bethlehem (28.000 inwoners van wie 42 procent christenen). ,,We zullen ondanks de moeilijkheden en het Israelische beleg van Bethlehem de traditie van het kerstfeest voortzetten. De nachtmis in de Geboortekerk gaat natuurlijk door, in aanwezigheid van de consuls in Jeruzalem van de katholieke landen. Aan de verlichting van de twee kerstbomen op het Plein van de Kribbe wordt gewerkt. Maar dit jaar versieren en verlichten we de straten in de stad niet. We houden het sober, uit respect voor onze doden. Weet U dat er al 320 Palestijnen onder wie veel kinderen, zijn gedood en 11.000 gewond? Onder de doden zijn er 22 uit het district Bethlehem, dat 140.000 inwoners telt. Vlabij, in Beit Jalla en Beit Sahour, zijn veel huizen door Israelisch vuur verwoest. Zelfs in Bethlehem is op huizen geschoten'', zegt de burgemeester. De economische situatie in zijn stad omschrijft hij als ,,een catastrofe''. ,,In november heb ik geen salarissen aan de ambtenaren en ander personeel in dienst van de gemeente kunnen betalen. En ik weet vandaag nog niet of ik dat wel deze maand kan doen. We rekenen op geld dat Arabische landen de Palestijnen tijdens recente de Arabische top in Kairo hebben beloofd'', zegt hij.

Burgemeester Nasser legt de verantwoordelijkheid voor de economische misère in Bethlehem bij de Israelische strafmaatregelen tegen zijn stad. ,,De afgrendeling van Bethlehem en de verdeling van het district Bethlehem in tweeën door het Israelische leger is een daad van agressie'', zegt hij.

Op 1 december heeft burgemeester Nasser tijdens een audiëntie bij de paus zijn beklag gedaan over de Israelische sancties tegen Bethlehem. ,,Ik vertelde hem dat Bethlehem zelfs voor pelgrims niet bereikbaar is. De paus was heel erg bedroefd dat te horen. Ik hoop dat de pauselijke diplomatie er iets aan doet'', zegt hij. ,,Maar veel pelgrims verwacht ik niet op de kerstnacht in Bethlehem,'' voegt hij er snel aan toe.

Ondanks alle ellende die de Palestijnse opstand en de Israelische militaire tegenmaatregelen over Bethlehem hebben gebracht is burgemeester Nasser er van overtuigd dat uitsluitend onderhandelingen tot een oplossing van het Israelisch-Palestijnse conflict kunnen leiden. ,,Er is gewoon geen ander alternatief. Ik hoop dat de nieuwe onderhandelingsronde in Washington wat zal opleveren en dat er een Palestijnse staat komt die in vrede en op voet van gelijkheid naast Israel kan floreren. Er moet met kerstmis nabij een einde komen aan het lijden. Dat moet het resultaat zijn van historische verzoening tussen Palestijnen en joden.''

Burgemeester Nasser vindt het een goede zaak voor de vrede dat de rechtse ex-premier Netanyahu zich niet kandidaat heeft gesteld voor het premierschap van Israel. ,,Hij heeft gezegd als premier een vredesverdrag tussen Israel en het Palestijnse zelfbestuur niet te zullen erkennen. Dergelijke radicale uitspraken spelen in Israel en bij ons de extremisten in de kaart. Vrede wordt niet door dergelijk gebral gediend.''