De kerstboom

Max en Vera waren in het bos. Ze zochten een kerstboom. Dat was makkelijker gezegd dan gedaan, want wat ze ook vonden, geen boom die op een kerstboom leek.

,,We zijn in het verkeerde bos,'' zei Vera toen ze voor de derde keer langs dezelfde groep paddestoelen kwamen.

,,Een bos is een bos,'' zei Max. Hij kon soms heel koppig zijn en vandaag was het zo'n dag dat hij niet van ophouden wilde weten. Het was bijna kerst en er moest een boom komen. Zonder boom geen feest, zo simpel was het. En hij was niet voor niets met zijn zaag op stap gegaan.

Vera keek hem aan. Wat was er met Max? Hij wist de hele tijd alles beter. En toch had hij geen gelijk. Hij kon wel zeggen dat een bos een bos was, maar toch was het ene bos het andere niet, dat was toch niet zo moeilijk? Je had grote bossen, kleine bossen, bossen met mooie, brede lanen en bossen met kronkelige paadjes, bossen met modder onder de bomen en bossen met alleen maar dennenaalden op de grond. En dit bos was niet het goeie bos om naar een kerstboom te zoeken. Anders hadden ze er al lang eentje gevonden.

,,Kom op,'' riep Max. Hij vond het niet leuk als Vera hem zo aankeek.

Net of ze hem niet geloofde. ,,We moeten van het pad af.''

,,Verdwalen we dan niet?'' vroeg Vera. Ze had helemaal geen zin om van het pad af te gaan. Ze wilde het liefst naar huis. Ze konden ook een kerstboom knutselen, van hout en groen crèpepapier.

,,Tuurlijk niet!'' Max trok Vera aan haar mouw.

Ze doken de struiken in. Max zwaaide met zijn zaag, zodat de takken aan de kant gingen. Na een tijdje werden de struiken minder dik en kwamen ze op kleine, open plekken waar jonge boompjes stonden. Vergeleken met de grote bomen waren ze piepklein. Iedere keer als Max en Vera omhoog keken, werden ze er stil van, zo hoog als bomen konden worden. Dat uit een eikel een eikeboom kon groeien, ongelofelijk. Toen stootte Vera Max aan.

,,Daar Max.'' Ze wees.

Max keek en hij voelde zijn hart ineens bonken.

Daar stond hún kerstboom. Hij wist het meteen. Het was een prima boom. Niet te groot, niet te klein – een echte kerstboom. Hij zag de ballen al bijna hangen. Hij holde erheen. ,,Zie je nou wel!'' riep hij naar Vera.

Vera sukkelde achter Max aan.

,,Vind je hem mooi?'' vroeg Max opgewonden. Wat was er nou weer met Vera?

,,Hij is heel mooi,'' zei Vera. Ze dacht na. ,,Maar is het niet zielig om hem om te zagen?" Ze wist dat het een gemene vraag was, maar ze moest hem stellen.

Waarom eigenlijk? Dat wist ze niet. Het was een beetje om Max te plagen. Maar ook omdat ze zich zorgen maakte. Als iedereen maar bomen ging omzagen, waren de bossen snel weg.

,,Het is maar een boom,'' mompelde Max. Hij begreep plotseling wat Vera bedoelde. Maar ze hadden ook een kerstboom nodig, want het was bijna kerst. En dit was een hele mooie.

,,Maar een boom...'' herhaalde Vera langzaam.

,,En jij vindt hem toch mooi,'' drong Max aan. Hij stond al klaar met zijn zaag. ,,Anders hebben we geen kerstboom hoor...''

Vera aarzelde. Ze moest een beslissing nemen. Zo heette dat. Een beslissing. Ze wist heus wel wat dat was, en ze was er ook niet bang voor, want dat had je met beslissingen – soms durfde je hem gewoon niet te nemen.

,,Goed, doe maar,'' zei ze toen.

Opgelucht begon Max te zagen en al snel moest Vera hem helpen. Ze kregen het er zo druk mee dat ze alles vergaten. Zweet druppelde van hun neus en de heerlijke geur van dennenhout drong er in binnen. Het was bijna kerst.