Brusselmans overweegt hoger beroep

De Belgische schrijver Herman Brusselmans besluit pas in januari of hij in beroep gaat tegen zijn veroordeling gisteren wegens smaad. Dat zei zijn raadsman mr. Eric Vandermussele in Antwerpen vanochtend.

Herman Brusselmans is gisteren door een rechter in Antwerpen veroordeeld tot het betalen van 5.400 gulden (100.000 frank) schadevergoeding aan de Antwerpse modeontwerpster Ann Demeulemeester, omdat hij haar opzettelijk gekwetst zou hebben in zijn roman Uitgeverij Guggenheimer. De hoofdpersoon van de roman, de grofgebekte zakenman Guggenheimer, beschreef haar op pagina 42 als `zo'n dwergpoliep met puitenogen en haar van op haar pruim tot op haar rug' die `ze standrechtelijk moeten fusilleren'. De rechters van de Antwerpse rechtbank noemden de passage over Demeulemeester ,,beledigend en grievend'' en geschreven ,,met de bedoeling om Demeulemeester opzettelijk te raken.''

Het boek mag echter wel weer verkocht worden, inclusief de gewraakte passage. Eerder had Brusselmans aangeboden om die woorden eruit te halen. In België was het boek door een gerechtelijke uitspraak sinds vorig jaar november verboden, en in Nederland door Prometheus uit de handel genomen, uit angst voor gerechtelijke stappen. Of het boek nu weer in de handel komt is niet duidelijk. Prometheus heeft nog 5000 eexmplaren liggen die de uitgever vorig jaar zelf heeft teruggehaald uit de winkel. Bij Prometheus kon vanochtend niemand commentaar geven op de gerechtelijke uitspraak. Ook Brusselmans was niet bereikbaar voor commentaar.

Brusselmans' raadsman wil pas een beslissing nemen over een hoger beroep als hij op de hoogte is van de stappen van de tegenpartij. Ook Demeulemeester kan in hoger beroep gaan, maar haar woordvoerdster wilde vanochtend geen commentaar geven. De rechtbank stelt dat `het recht op de vrijheid van meningsuiting en een literair genre zoals scheldproza of satire geen vrijgeleide (zijn) voor het plegen van het misdrijf beledigen'. ,,Of we die principiële zaak aan willen kaarten, die een inperking van de vrije meninsuiting voor kunstenaars is, moeten we goed bespreken'', zei Vandermussele.