MARTELGANG

Judith (2000)

Schrijver en vertolker: Maarten van Roozendaal

,,Ze kon alleen maar Judith heten. Geen Anita of Carla, nee, een Júdith gaat met haar zoontje naar de camping. Ik zie haar voor me, herken haar soms op straat, net als de andere personen in het lied. `Hé, daar loopt een Frans', zeg ik dan tegen mijn vriendin. En zij ziet het ook.

,,Frans is een triest geval. Hij zit gevangen in een leven met zijn vrouw, twee kinderen en een caravan. Als ik iets tegen Frans zou kunnen zeggen, zou ik roepen: wegwezen! Maar dat zou voor dit levenslied natuurlijk niet bevorderlijk zijn, dus ik ben blij dat hij gelaten zijn lot ondergaat.

,,Ik laat Frans in het lied niet praten, want Frans is een denker. Hij leeft zoals dat van hem wordt verwacht, maar zijn geest is vrij. In Judith ziet hij zijn vrijheid. Aanvankelijk wilde ik ze verliefd op elkáár laten worden, maar een vriend zei: `Weet je wat nog erger is? Als Judith niet eens enig idee heeft van Frans' liefde.'

,,Het was een martelgang, dit lied. Ik liep al ruim een jaar met het beeld in mijn hoofd. Afgelopen zomer ben ik drie dagen op een camping gaan staan, wachtend op Frans, Marijke en Judith. Die kwam ik niet tegen, maar wel campingdingen zoals gekuch in tenten - mooi detail in het lied.

,,De tekst heeft twee kladblokken en vele uren gelul met vrienden gekost. Wat nu het eerste couplet is - de situatieschets - bestond in mijn eerste versie uit zes coupletten. Ik moest enorm schaven, versimpelen en daardoor is het een sterke tekst geworden.

,,Het is een levenslied omdat het een verhaal met kop en staart bevat. En het is herkenbaar. Als ik het in het theater zing, zie je het publiek denken: god, ik ken ook een Frans. En misschien bedoelen ze zichzelf dan wel.''