Japanse treinen zijn altijd op tijd

Deze week legde ik woordvoerder Yoshioka van JR East, vroeger onderdeel van de Japanse staatsspoorwegen, de vraag voor hoe hoog het percentage vertraagde treinen is bij zijn bedrijf dat de treinen in Tokio en omgeving beheert. ,,Hoezo?'', vroeg hij. Wel, in Nederland heeft 15 procent van de treinen een vertraging van drie minuten of meer. ,,Hier niet'', zei hij. Dat treinen op tijd zijn ,,spreekt voor zich''.

Ik kan me ook niet herinneren in acht jaar Japan – niet in bezit van auto dus regelmatig gebruikmakend van de trein – ooit een vertraagde trein te hebben meegemaakt. Nu maakt het in Tokio zelf ook niet veel uit of een trein wel of niet vertraagd is. Het net in en rond de metropool is eerder een bovengrondse metro dan een treinennet zoals Nederland heeft. Op de ringlijn rond centrum Tokio rijden de treinen met een interval van drie minuten dus een vertraging valt niet op. Toch gebeurt het met deze trein dat hij op een van de grotere stations juist even langer stilstaat dan normaal voor ,,aanpassing aan het rijschema'', zoals dan wordt omgeroepen. Dat wil zeggen dat ze dus regelmatig te snel rijden.

Maar ook bij gebruik van intercity's naar de provincie, of van een stoptrein op eenzaam platteland die maar drie keer per dag rijdt, is het me nimmer overkomen dat de trein vertraging heeft. Om maar niet te spreken van de shinkansen, de hogesnelheidstrein, die als een Zwitsers uurwerk functioneert.

Toch weet ik dat er nu en dan vertraging is. Soms bij het kijken naar ontbijttelevisie verschijnt er een tekstregel boven in beeld dat ,,lijn X vertraging heeft wegens een persoonlijk incident'', dat wil zeggen dat iemand zich voor de trein heeft gegooid. Er is een lijn in Tokio die onder inwoners hierom berucht is. Ook sneeuw, extreme regen of een aardbeving wil nog wel eens roet in het eten gooien maar dan kunnen de spoorwegen zich op overmacht beroepen.

Deze krant berichtte onlangs dat op station Groningen op 7 september werd omgeroepen: ,,We lopen wat vertraging op want we wachten op de machinist. De koffie zal wel te heet zijn.'' Ik vermoed dat in Japan de omroeper en de machinist gezamenlijk op het perron harakiri, rituele zelfmoord door het opensnijden van de buik, zouden mogen plegen. Hun baas zou vervolgens op een persconferentie diep het hoofd moeten buigen en met een van spanning vertrokken gezicht geduldig allerlei treitervragen van journalisten moeten beantwoorden.

Hoe komt het dat de treinen op tijd rijden? Een hoogleraar Japans gaf ooit als advies in het omgaan met Japanners: ,,Ga ervan uit dat ze allemaal neurotisch zijn.'' Natuurlijk is het onzin om een heel volk tot de divan te veroordelen. Maar zeker bij het spoor lijkt men zo volledig geregeerd door spoorboekje en andere regels dat het soms neurotisch overkomt.

En de voorschriften regeren niet slechts het spoorpersoneel, ook de passagier. Op stations en in treinen regent het mededelingen uit de luidsprekers als ,,alleen roken in de toegestane ruimtes'', ,,er arriveert een trein op perron X, graag afstand houden van de rand van het perron'', ,,het regent dus er blijven weer veel paraplu's liggen, niet vergeten aub'', ,,we naderen station X, in tegenstelling tot het vorige station zal de uitstap nu ter rechterzijde zijn''.

Het perfectionisme resulteert ook in het volgende gemak: aangezien metrotreinen al gauw een tien wagons lang zijn is het soms nodig op station van aankomst een zeer lang perron helemaal af te moeten lopen om bij de juiste uitgang of overstap te komen. Op mijn metrostation hangt daarom een schema waarop ik precies kan zien welke wagon ik moet hebben om op het aankomststation van keuze precies op de goede plek uit te stappen. Zo wint een passagier al weer gauw een minuut reistijd.

Dit perfectionisme zorgt ervoor dat de gezamenlijke Japanse spoorwegen in staat zijn elk jaar ruim 22 miljard mensen te vervoeren, vier keer de wereldbevolking. Het grootste station van Tokio verwerkt dagelijks 750.000 mensen, de tien grootste stations in de hoofdstad samen ruim vier miljoen. En ten slotte de metro van Tokio: per dag zo'n negen miljoen passagiers, de volledige bevolking van België. Zitten is bij zulke aantallen op korte trajecten vaak een onbereikbare luxe. Maar te laat komen gebeurt nooit.