Vijf eeuwen geschiedenis midden in het culturele hart

Vandaag opent de door architectenbureau Mecanoo ontworpen nieuwbouw van het Stedelijk Museum in Alkmaar. ,,Mensen moeten hier vaak even slikken,'' zegt directeur De Vries.

Het Stedelijk Museum van Alkmaar bestaat al 125 jaar, maar tot voor kort wisten alleen ingewijden het te vinden. Sinds 1968 was het museum gehuisvest in de Oude Doelen, een 17de- eeuws schuttersgebouw met bijbehorend hofje. ,,Een pittoresk plekje, maar voor een goede museale opstelling was het te klein en te onoverzichtelijk'', zegt directeur Sandra de Vries. ,,Bovendien lagen de Oude Doelen uit de route.'' De Vries is blij met de verhuizing van haar museum, dat vandaag wordt heropend met een tentoonstelling over kinderboekenschrijfster Thea Beckman. Het museum ligt nu in wat het culturele hart van de stad moet worden: het Canadaplein, sinds kort ook wel Cultuurplein genoemd, pal naast de Hema, de cafés en de grote kerk. Door de centrale ligging hoopt De Vries op een verdubbeling van het aantal bezoekers van 20.000 naar 40.000.

Architectenbureau Mecanoo zette op het Canadaplein een nieuw gebouw neer waarin nu een bibliotheek, een amateurcentrum voor kunstzinnige vorming, de nieuwe zaal van het stadstheater én het Stedelijk Museum huizen. Deze sandwich-constructie heeft de indeling van het museum mede bepaald: zo heeft een van de zalen een laag, schuin plafond omdat pal erboven een groot auditorium hangt. Ook bij de inrichting moest rekening worden gehouden met de dwingende visie van de architecten. Michel Tombal en Henk Döll van Mecanoo wilden dat het cultuurcomplex zouden worden doorkruist door een dikke muur van onbewerkt beton. In het museum hangt nu een doek van Saenredam tegen een kale, grijze achtergrond. ,,Mensen moeten hier vaak even slikken, omdat ze van een ons een popperiger inrichting verwachten. Maar ik vind het mooi,'' aldus De Vries, die zegt dat haar nauwe samenwerking met Mecanoo `probleemloos' verliep.

Ondanks de moderne accenten is het geen kil, ontoegankelijk museum geworden. Integendeel. De Vries weet precies wie haar publiek is: ,,Wij moeten het hebben van toeristen, gezinnen en schoolklassen. Op de vorige locatie bestond een kwart van onze bezoekers ook al uit kinderen.'' Dus zijn er nu lage wc-tjes en trapleuningen, en staan de teksten op kaartjes in lage vitrines. In de ontvangstruimte houdt een (mechanische) klaroenblazer een kort historisch exposé over Alkmaar. In vijf zalen trekt vervolgens de stadsgeschiedenis in duidelijke thema's voorbij: rechtspraak en bestuur, sociale zorg en religie, het dagelijks leven, handel en kunst. Er zijn gebruiksvoorwerpen en gevelstenen, foto's en filmpjes, maquettes en opstellinkjes zoals een ontroerend eerbetoon aan de `dames Vlaanderen', twee lokale beroemdheden die jarenlang een fotostudio dreven. Hoewel het museum belangrijke schilderijen bezit, zoals 16 schuttersstukken in hun originele lijsten en een paar prachtige doeken van Charley Toorop, heeft de kunst er volgens De Vries een `documentaire functie'. ,,Het gaat ons om de plaats van het werk in de stadsgeschiedenis. Niets wordt buiten zijn historische context getoond.''

Drie keer per jaar wil het Stedelijk Museum Alkmaar een grotere tentoonstelling organiseren, met een breder bereik. De eerste daarvan is `Van Pietje Bell tot Kippenvel'. Het is een eerbetoon aan het bedrijf van Pieter Kluitman, een Alkmaarse onderwijzerszoon die in 1864 een uitgeverijtje annex boekwinkel begon dat later uitgroeide tot een van 's lands grootste uitgeverijen van kinderboeken. Dik Trom, Afke's tiental, Kruimeltje en De Kameleon zijn allemaal kassuccessen van Kluitman, waarvan de originele uitgaven voor de tentoonstelling zijn verzameld. Het Stedelijk Museum Alkmaar nieuwe stijl wordt vandaag geopend door kinderboekenschrijfster Thea Beckman.

Stedelijk Museum Alkmaar, Canadaplein 1, Alkmaar. Open di-vrij 10-17u, za-zo 13-17u. Inl:tel. 072-5110737 of museum@alkmaar.nl.

    • Sandra Heerma van Voss