Ongedwongen kijken naar amateurfoto's

De argeloze blik van de amateur kan verrassend mooie foto's opleveren. Het leukst zijn ze als ze stammen uit het eind van de 19de of de eerste helft van de vorige eeuw; de tijd waarin er al wat haastiger gefotografeerd werd maar de techniek je nog in de steek kon laten en onhandigheid het nog niet had afgelegd tegen volautomatisch scherpstellen, belichten en doorspoelen.

Onder de titel Alpen aan de Rijn zijn momenteel zestig van zulke kunstwerkjes te zien in de Amsterdamse galerie Van Zoetendaal. De foto's zijn afkomstig uit de collectie van het recent in Haarlem op-gerichte Institute for Concrete Matters (ICM), een te grote naam voor een in een voormalige smederij ondergebrachte winkel in oude foto's. ICM, bestierd door reclameschetser Gilles Krantz en de kunsthistoricus Frido Troost (eerder samen met Van Zoetendaal oprichter van fotoboekenuitgeverij Basalt) moet nog officieel worden geopend, maar de tentoonstelling geeft alvast een voorproefje van het aanbod.

Het aardige van dit soort foto's is de ruimte die ze bieden aan het ongedwongen kijken. Ze hebben iets herkenbaar alledaags maar tegelijkertijd kun je naar hartelust je fantasie erop loslaten, al was het maar omdat de feiten reeds lang onder het stof verdwenen zijn en de bedoelingen vergeten. Wie bewandelde even later die vanuit zee gefotografeerde kustlijn vol wazige duinen? Waar ging die in haar mooiste jurk geklede mevrouw naar toe die nu nog zo onwennig op dat krappe balkonnetje staat?

Niet alle foto's zijn omgeven met raadsels. Van de naakt- en pornofoto's laat de bedoeling zich gemakkelijk raden, evenals van enkele medische foto's (een vrouw met een oog in, en niet boven haar jukbeen) en politiefoto's (een haastig weggevoerde meneer, een verdachte in de beklaagdenbank). En het atelier met de prachtige naam That Man Stone wilde natuurlijk gewoon reclame maken voor de National Oil Co. in Oklahoma, met een breed panorama waarop wel tien haarscherpe boortorentjes staan, plus nog een handvol half verscholen in de mist. Achteraf moet je er vooral om lachen, om die modderige toegangsweg, de wankele houten optrekjes, en de magere paaltjes waarmee hier en daar een perceel werd gemarkeerd - de kinderjaren van de olie-industrie in een notendop.

Wat deze foto's gemeen hebben met de amateurfoto's is dat ze afkomstig zijn uit de vergeten hoekjes van de grote fotogeschiedenis. Dat geldt ook voor het twintigtal Alpenlandschappen, eind 19de eeuw gemaakt door een anonieme fotograaf werkend voor het ook al lang vergeten Edition Photoglob. Een vijfdelig panorama van Grindelwald, Wetterhorn, Jungfrau en Silberhorn zit er tussen en een driedelige van de gletsjer Roseg, ingeklemd tussen de Piz Morteratsch aan de ene en de Piz Capütschin aan de andere kant. Oogstrelende foto's zijn het – de tentoonstelling ontleende er zijn naam aan – waarop het licht zelfs de meest duistere uithoekjes heeft weten te vinden. En niet alleen dat: in niets doen ze onder voor bijvoorbeeld de sneeuwlandschappen die werden gemaakt door de wél in de officiële canon van de fotografie opgenomen gebroeders Bisson.

Afgezien van de Alpenfoto's is het technisch allerminst volmaakt wat Van Zoetendaal toont en ook de conditie waarin de foto's verkeren kan de toets der museale kritiek lang niet altijd doorstaan. Maar dat is juist een deel van de aantrekkingskracht. En het heeft ook iets verfrissend relativerends. Het laat zien dat fotografie mensenwerk is en het maken van prachtige foto's niet alleen voorbehouden aan fotografen van naam.

Tentoonstelling: `Alpen aan de Rijn, foto's uit de collectie Krantz/Troost'. T/m 31 december in Galerie Van Zoetendaal, Lijnbaansgracht 109, Amsterdam. Open: do t/m zo 13-18 en op afspraak. Catalogus: ƒ 24,50. Inl.: 020-6249802.