Belgrado wil aanpassing van afspraken Kosovo

De Joegoslavische president Vojislav Koštunica wil dat de gedemilitariseerde zone langs de grens tussen Servië en Kosovo wordt versmald om de Servische politie en het Joegoslavische leger de mogelijkheid te geven Albanese ,,terroristen'' te verjagen.

Koštunica zei gisteren dat de internationale vredesmacht in Kosovo, KFOR, er niet in slaagt de grens tussen Kosovo en Servië af te dichten. ,,Integendeel'', aldus Koštunica, ,,de grens wordt steeds poreuzer''. Er is een wijziging van de afspraken over Kosovo nodig, want ,,we hebben [in het zuiden van Servië] nog steeds terroristische acties, we hebben moorden en ander geweld.'' Hij zei dat de vijf kilometer brede gedemilitariseerde zone langs de grens, die nu taboe is voor de speciale Servische politie en de Joegoslavische strijdkrachten, tot één of twee kilometer moet worden versmald. ,,Dat zou bijdragen tot een terugkeer van de stabiliteit in de zone.''

Later gisteren sommeerde de Veiligheidsraad van de VN unaniem de Albanese ,,extremisten'' zich uit de regio terug te trekken. Tijdens een debat over de kwestie werd niets gezegd over een aanpassing van de afspraken over Kosovo en de geëiste versmalling van de zone. Joegoslavië kreeg lof, onder andere van de VS, wegens de ,,aanzienlijke terughoudendheid'' en het ,,verantwoordelijkheidsgevoel'' dat door Belgrado wordt opgebracht in de kwestie.

In de grensstreek vecht een Albanees `bevrijdingsleger' voor de afscheiding van het gebied en aansluiting bij Kosovo. Dit `leger' wordt van manschappen, wapens en munitie voorzien door geestverwanten in Kosovo. KFOR tracht dit te verhinderen door een uitbreiding van de bewaking.