`Wij weten dat verpleegster fout zat'

Verplegers in asielcentra fungeren als poortwachter, om te voorkomen dat huisartsen overvraagd worden. Maakt dat de barrière tussen asielzoeker en arts niet te groot?

Als u ziek bent, gaat u naar de huisarts. Als een asielzoeker zich niet lekker voelt, moet hij eerst naar een verpleegkundige in het opvangcentrum. Die verpleegkundigen zijn in dienst van de GGD en bieden alleen preventieve zorg. Voor noodzakelijke reguliere hulp verwijzen zij de asielzoekers door naar de huisarts of de geestelijke gezondheidszorg.

Er zit, kortom, een extra schakel tussen de asielzoeker en de reguliere artsen. Een barrière, zou je ook kunnen zeggen. Want een belangrijke reden is dat de ervaring leert dat veel asielzoekers zich melden met psychosomatische klachten. ,,Het systeem is vanuit een typisch Nederlands pragmatisme geboren'', zegt arts Ivo Maas van de Medische Opvang Asielzoekers. ,,Er zijn weinig huisartsen, ze hebben het erg druk, dus is het begrijpelijk om te proberen hen te ontlasten.'' Ofwel: huisartsen hebben geen behoefte aan asielzoekers die voor elk wissewasje langskomen, de MOA-verpleegkundigen fungeren als poortwachter.

Een andere reden voor de extra schakel in de zorg aan asielzoekers is de expertise van verplegers en basisartsen op de asielcentra zelf. Zij kennen de bewoners, kennen de problemen van asielzoekers en kunnen – dat is althans de hoop – zorgen voor een betere `toeleiding' naar het medische circuit.

Op 1 januari ging, na jarenlang praten, het nieuwe systeem voor de gezondheidszorg aan asielzoekers van start. GGD's kregen de verantwoordelijkheid en brachten dit – om hun geld te beschermen – onder bij een aparte organisatie, de Medische Opvang Asielzoekers (MOA).

De MOA heeft nu een klacht ontvangen van de ouders van de driejarige Chinees-Iraanse Tina, die recent overleed aan maagproblemen. Volgens de ouders hield de MOA-verpleegster twee dagen de boot af, tot het te laat was. ,,Wij weten dat de MOA fout zit. Zij weten dat ook, maar ze willen het niet toegeven'', zegt de vader van het meisje, Medhi Heidari. Het was bovendien niet de eerste keer, zegt hij. ,,In het afgelopen jaar hebben wij regelmatig gevraagd om onderzoek, maar de verpleegster en de arts van de MOA zeiden steeds dat Tina perfect was.'' Een keer brachten de ouders Tina zelf naar het ziekenhuis. ,,Daarna zei de arts dat ik dat nooit meer mocht doen'', aldus Heidari.

Naar aanleiding van het overlijden van Tina klagen ook andere asielzoekers in het centrum in Vught over de zorgverlening. Twee maanden geleden overleed een Irakese man aan een hartstilstand. Volgens een goede vriend had de man meerdere malen vergeefs verzocht om doorverwezen te worden naar een dokter. ,,Uiteindelijk was het te laat'', aldus de vriend. Een Algerijnse man heeft een advocaat in de arm genomen om een schadevergoeding te eisen na het overlijden van zijn ongeboren kind. Zijn vrouw zou verschillende malen met klachten bij de MOA zijn geweest. ,,Ze zeiden telkens dat er geen probleem was, totdat mijn vrouw met spoed moest worden opgenomen en de baby dood was'',aldus de man, die anoniem wenst te blijven.

De Inspectie voor de Gezondheidszorg bekijkt de gang van zaken rond de dood van het driejarige meisje. Maas hoopt dat ook een andere vraag ook zal worden bekeken: ,,Deugt het systeem?'' Ofwel: verwijzen de verpleegers in de centra snel genoeg door, of nemen zij hun poortwachterfunctie iets te serieus. Volgens Marcel Babic, MOA-coördinator Zuid-Nederland is dat niet het geval. ,,De verplegers moeten zich aan strikte protocollen houden en zorgen juist dat gepaste hulp gegeven wordt.'' De stafarts van de MOA, Maas, zegt echter dat het goed zou zijn als de Inspectie de protocollen tegen het licht houdt. ,,En als er fouten zouden zijn gemaakt, zijn die dan als gevolg van het systeem of als gevolg van het tegenhouden van zorg door een individu?''