Wahid predikt verzoening: `Atjehers zijn niet onze vijand'

President Wahid van Indonesië was vandaag in Atjeh. Onschuldigen, hield hij het leger voor, mogen nooit slachtoffer worden van veiligheidsmaatregelen.

Vorige week donderdag, halverwege de vastenmaand Ramadan, herdachten moslims Nuzul al-Qur'an, de openbaring van het Boek aan de profeet Mohammed. Op die dag had president Wahid naar Atjeh gewild, maar schietpartijen tussen leger en rebellen vlakbij de provinciehoofdstad Banda Atjeh noopten tot uitstel. Er werden tweeduizend man militaire versterkingen naar Atjeh gestuurd; dit weekeinde bezetten zwaar bewapende soldaten en politiemannen pleinen en straathoeken van de hoofdstad en vandaag kon de president komen.

Wahid en enkele leden van zijn kabinet werden met een legerhelikopter van het vliegveld naar het centrum gevlogen en landden voor de Baiturrahman-moskee, de heiligste plek van Atjeh. Alleen streng geselecteerde notabelen mochten naar binnen. De gelovigen waren aangewezen op luidsprekers buiten en op het rechtstreekse verslag van de staatstelevisie.

De president kwam naar Atjeh om aan het provinciebestuur een bedrag van 100 miljard roepia (27 miljoen gulden) te overhandigen ter leniging van de nood als gevolg van recente overstromingen. Hij kwam ook bevestigen dat Atjeh begin volgend jaar speciale autonomie krijgt en in dat kader de shari'a (islamitische wet) mag toepassen.

De gewapende Beweging voor een Vrij Atjeh (GAM), het Atjehse Studentenforum voor Hervorming (Farmidia) en het Informatiecentrum voor een Referendum (SIRA) hadden opgeroepen het presidentiele bezoek te negeren. Niet iedereen gaf daar gevolg aan, maar groot was de opkomst niet. Atjeh, beurs gebeukt door jaren van geweld, zowel van de GAM als van leger en politie, bleef onverschillig onder Wahids komst.

In zijn toespraak tot de genodigden in de moskee — en via de elektronische media tot de Atjehers — bestreed Wahid dat de shari'a in strijd is met de grondwet van de republiek. ,,Godsdienstige beginselen passen in onze staatsfilosofie,'' zei hij. ,,Mijn regering respecteert de regelgeving van een autonoom Atjeh, voor zover die niet in strijd is met de grondwet van 1945. Dat is belangrijk, want in 1945 werden we het eens over een eenheidsstaat. Rond die eenheid bestaan misverstanden. We dienen `verenigd' te zijn maar niet `eender'. Verschillen die door de Koran worden erkend, zijn door Indonesische regeringen in het verleden niet erkend. Dat zullen we voortaan wel doen.''

Wahid stak de hand in eigen boezem. ,,Als uitvoerder van de wet maak ik veel fouten, ik leer nog. Zo is het een zonde dat er vandaag in deze fraaie moskee geen gelovigen worden toegelaten, om veiligheidsoverwegingen. Ik moet vandaag ook een kogelvrij vest aan.'' Hij klopte op zijn zichtbaar bollende batikhemd. ,,Aan veiligheidsmaatregelen is niets verkeerd, zolang ze niet uit de hand lopen. Ze dienen gericht te zijn tegen de schuldigen. Maar hier in Atjeh ging en gaat het anders; onschuldigen worden evengoed getroffen. Dat mag niet meer gebeuren. Onschuldigen (met stemverheffing) mag niets overkomen. Dat is een voorschrift van de grondwet en een gebod des geloofs. Daarmee is de hand gelicht, ook door mij, want ik heb het laten gebeuren. Dat is een bittere waarheid, en als ik geen moslim was, had ik misschien wel zelfmoord gepleegd.''

Wahid toonde begrip voor de afkeer tegen het centrale gezag. ,,Dat Atjehers niet meer wensen op te komen voor hun regering is het gevolg van angst, van meer dan tien jaar geweld. De Atjehers zijn bang. Ik vraag aan het hele regeringsapparaat: behandel uw volk niet als de vijand, maar als kameraad. Ook de GAM is niet de vijand, ook zij zijn onze broeders. Ze hebben hun eigen eisen, maar je hebt nu eenmaal mensen in soorten.''

Wahid leek te reageren op de jongste arrestatie van Muhammad Nazar, voorzitter van de SIRA, toen hij zei: ,,Er zijn er die protesteren tegen onrecht uit het verleden. Dat moet kunnen. Tegen degenen die uit zijn op een Atjeh dat zuiver islamitisch is, zeg ik: dit is geen islamitische staat. Zuiverheid mag niet in de plaats komen van pluralisme. Maar wie dat wel willen, zijn toch niet onze vijand. Over drie weken loopt het bestand met de GAM af. Maar we blijven praten over een vrij Atjeh, binnen de republiek Indonesië. Wie dat niet willen, zullen we overtuigen. Dat is mijn taak als uitvoerder van de grondwet.''