Succesvolle veteraan

Eenendertig jaar is de geofysicus en natuurkundige Phil B. Watts in dienst van Shell, dat hem per 1 juli volgend jaar beloont met de hoogste functie bij het concern. Voorzitter van het Comité van groepsdirecteuren heet die topbaan officieel.

In die positie komt het aan op coördinatie van wat dochterbedrijven over de hele wereld doen, harde beslissingen nemen over investeringsplannen en heel krachtig bijsturen als het fout gaat met de grote machine van Shell. Dat gebeurde in 1995 toen Watts nog regionaal coördinator was van Shell International. Het drama in Nigeria, de blunder met de voorgenomen dumping van de drijvende olieopslagtank Brent Spar in zee en sterk verslechterde resultaten hadden elkaar in hoog tempo opgevolgd.

Watts (55) hielp in verschillende hoge functies de ingrijpende reorganisatie die daarop volgde tot een succes te maken. In 1996 werd hij Corporate director Planning, Milieuzaken en Externe Betrekkingen. Ruim een jaar later volgde zijn benoeming tot Managing director van de Britse `poot' van Shell, de holding Shell Transport and Trading en tegelijk lid van de Groepsdirectie.

Als groepsdirecteur verantwoordelijk voor de exploratie en productie van olie en gas verdedigde hij het begrip personal accountability voor topfunctionarissen. Die moesten individueel worden afgerekend op de resultaten van hun projecten, want Shell liep sterk achter bij de winsten die door de rivalen Exxon-Mobil en BP Amoco werden behaald. De persoonlijke verantwoordelijkheid van managers werd onderdeel van een ingrijpende verandering van de traditionele Shell-cultuur uit de jaren vijftig die gebaseerd was op een matrix-organisatie. Watts zelf sprak in een interview met de Financial Times van bijna een jaar geleden nog van een ,,slappe houding'' in de afgelopen jaren, waar het ging om de inzet van kapitaal.

In het vervolg moest ieder bedrijfsonderdeel een rendement op geïnvesteerd vermogen van 15 procent per jaar kunnen halen. Gisteren maakte Shell bekend dat de bezuinigingsdoelstelling voor 2001 die in 1998 nog voor het hele concern werd gesteld, al binnen twee jaar zijn gehaald, net als de rendementsdoelstelling.

Persoonlijk beleefde Watts op 14 december 1998 de zwartste dag in zijn carrière bij het oliebedrijf, toen een afschrijving van 4,5 miljard dollar op de investeringen in exploratie en productie werd aangekondigd. Projecten met te hoge kosten werden verkocht en zijn intussen vervangen door veel goedkopere olie- en gasvelden.

Beschuldigingen dat Shell zijn groeistrategie had ingeruild voor een snel winstherstel op de korte termijn, deed Watts in april van dit jaar in de Financial Times nog af als: ,,Bullshit. We hebben de groei niet opgegeven en zullen volop blijven investeren in exploratie en productie.'' De cijfers die Shell gisteren bekendmaakte, geven hem gelijk.