`Keuring voor WAO wordt inefficiënter'

Het experiment om WAO-keuringen door niet-artsen te laten doen, kan leiden tot meer arbeidsongeschikten en tot een minder efficiënte uitvoering van deze keuringen.

Dat schrijft het College van Toezicht Sociale Verzekeringen (CTSV) in het rapport Verbetering Claimbeoordeling WAO dat vanmiddag is gepubliceerd.

Het CTSV heeft hierin grote kritiek op het experiment van uitvoeringsinstelling Cadans om maatschappelijk werkers, fysiotherapeuten en verpleegkundigen WAO-keuringen te laten verrichten. Zij worden aangesteld als medewerker-verzekeringsarts en gaan onder verantwoordelijk van de arts eenvoudige keuringen verrichten. Cadans gaat hiermee per 1 januari beginnen in de vestigingen in Breda, Enschede, Heerlen en Groningen. Doel is om de achterstanden bij de keuringen weg te werken. Landelijk is er een tekort aan ongeveer 150 keuringsartsen, ook wel verzekeringsartsen genoemd.

Toen het experiment in september bekend werd, kreeg Cadans al veel kritiek. Met name verzekeringsartsen waren beducht voor een te lichtvaardige WAO-keuring.

Het CTSV betwijfelt nu ook of de medewerker-verzekeringsarts voldoende sterk in zijn schoenen staat om de cliënt een onwelgevallige boodschap te brengen. Het CTSV acht het niet ondenkbaar dat hij lopende het gesprek steeds meer opschuift in de richting van het standpunt van de cliënt. Dit kan volgens het CTSV leiden tot een groei van het aantal arbeidsongeschikten (nu circa 930.000).

Omdat de vezekeringsarts altijd eindverantwoordelijk blijft, betekent dit volgens het CTSV een omslachtiger werkproces, met een toename van het aantal `overdrachtsmomenten' van een dossier. Het toezichtsorgaan vraagt zich af of Cadans niet heeft gekozen voor een te ingrijpend experiment, zonder dat uitputtend is gekeken naar andere mogelijkheden om het werk van de verzekeringsarts te verlichten.

Andere uitvoeringsinstellingen zoals het Gak en USZO doen experimenten op dit terrein, zoals de inzet van paramedici en andere medewerkers bij het voor- en nawerk van de keuringen.

Overige maatregelen die dit jaar zijn getroffen om de kwaliteit en tijdigheid van de keuringen te verbeteren, hebben ook nog weinig resultaat, stelt het CTSV in het rapport. Van het bedrag van 50 miljoen gulden dat staatssecretaris Hoogervorst (Sociale Zaken) hiervoor extra beschikbaar heeft gestelt, kan niet worden vastgesteld waaraan het precies is besteed, aldus het CTSV.

De uitvoeringsinstellingen hebben nu te maken met een achterstand van 18.000 zogeheten eindewachttijdbeoordelingen (de eerste WAO-keuring na één jaar ziekte) en 70.000 herbeoordelingen.