Verwarring in Israël helpt Palestijnen

Israëlische en Palestijnse onderhandelaars gaan vanavond naar Washington om in voorlopig afzonderlijke gesprekken met Amerikaanse functionarissen het vredesproces te hervatten.

De Israëlisch-Palestijnse marathon naar vrede gaat in de schaduw van verkiezingen in Israël en het einde van het tijdperk-Clinton in Washington de laatste kilometer in. Deze twee elementen plus het diepte-effect van de Palestijnse opstand op zowel de Israëlische als Palestijnse samenleving geven de deelnemers extra kracht. Toch blijft onzeker of ze de meet halen.

De uitgangspunten van de mislukte vredestop van afgelopen zomer in Camp David zijn niet wezenlijk veranderd. De Israëlische en Palestijnse onderhandelaars kijken nu echter door een door bloed, economische misère en wanhoop gekleurd prisma naar elkaar.

De Palestijnse leider Yasser Arafat heeft ondanks Israëls militaire en economische overwicht de eerste ronde van de drie maanden geleden uitgebroken tweede intifadah in tactisch opzicht gewonnen. Terwijl de Palestijnen de zware slagen incasseerden die het Israëlische leger en economische strafmaatregelen hun samenleving toebrachten, raakte het Israëlische volk de kluts kwijt.

De verwarring en wanhoop in het joodse land is nooit groter geweest. Israëliërs gingen twijfelen aan de leefbaarheid en toekomst van hun land. Ten tijde van de Romeinse overheersing van Judea en nog sterker na de verwoesting van de tweede tempel in Jeruzalem door de Romeinen klonk in de joodse wereld de roep om de Messias. Nu wordt de rechtse ex-premier Benjamin Netanyahu, na een vernederende nederlaag in 1999 tegen Ehud Barak weggestuurd, volgens alle opiniepeilingen als de redder des vaderlands door het volk teruggeroepen uit politieke ballingschap. Geen politicus of gezaghebbende commentator zet nog op Barak in een nieuwe ronde tegen Netanyahu in. Het is dit Messianistische verlangen naar ,,zekerheid en veiligheid'' onder de warme vleugels van Netanyahu dat naast de pijn van de intifadah het Israëlisch-Palestijnse vredesproces een nieuwe kans geeft.

Premier Barak heeft dit weekeinde gezegd bereid te zijn ,,mijn stoel'' voor vrede met de Palestijnen te offeren. Dat is politiek lef omdat hij zonder een vredesregeling met de Palestijnen in de komende verkiezingen geen andere kaart heeft om tegen Netanyahu uit te spelen.

Voor Barak zijn deze verkiezingen of ze nu voor het premierschap of het parlement worden gehouden (die beslissing valt morgen), een vredesreferendum. Zonder het ja-woord van Arafat is Barak verloren.

Helemaal uitknijpen kan de Palestijnse leider Barak echter niet. Als hij het onderste uit de kan wil halen, kan Barak de voor Arafats politieke aspiraties dodelijke Netanyahu-kaart uitspelen en een verkiezingsnederlaag prefereren boven nationale vernedering.

Door de intifadah en ook door de dramatische ontwikkelingen in de Israëlische binnenlandse politiek is Barak voor een vredesregeling met de Palestijnen de komende dagen bereid verder te gaan dan in Camp David het geval was. Ingewijden lieten doorschemeren dat Barak Arafat 95 procent van de Westelijke Jordaanoever biedt in plaats van de 88 procent in Camp David en ook bereid is tot landruil in de Negev-woestijn ten gunste van de Palestijnen. Ook stelt Barak Palestijnse soevereiniteit over de Palestijnse wijken in Oost-Jeruzalem voor en een `vrije corridor' naar de moskeeën Koepel van de Rots en Al-Aqsa op Al-Haram al- Sharif/Tempelberg. Er circuleert in de politiek een suggestie dat Barak nu zelfs het principe aanvaardt van volledige Palestijnse soevereiniteit over het moskee-gebied in ruil voor Palestijns afzien van het recht op terugkeer. Barak ontkent dat overigens ten stelligste.

Voor Arafat is dat echter als vertegenwoordiger van de islam een sine qua non. Hoewel joden en moslims in één en dezelfde god geloven, vechten ze in Jeruzalem om diens gunsten. Een Israëlisch-Palestijnse vrede kan daarover ook onder de meest gunstige politieke en psychologische omstandigheden een fata morgana blijven.

Het is niet voldoende dat Barak bereid is voor vrede met de Palestijnen honderd nederzettingen in bezet gebied op te geven en andere concessies te doen die nog niet zo lang geleden ondenkbaar leken. Hij moet ook nog de horde van de islam nemen om Arafat de hand te kunnen reiken.