Romeinen tussen de sfinxen

Gouden boot van Antonius en Cleopatra opgedoken! Grafveld met honderden mummies uit de Romeinse tijd blootgelegd! Romeinse mozaïeken gevonden onder de Bibliotheek van Alexandrië!

De krantenkoppen wonden er de afgelopen jaren geen doekjes om: in Egypte wordt in een hoog tempo het Romeinse verleden herontdekt. Eeuwenlang is het populaire beeld van Egypte beheerst door sfinxen en piramides. Dat `het land van de farao's' vanaf 30 voor Christus meer dan driehonderd jaar onder Romeinse heerschappij stond, is pas populaire kennis geworden door de recente opgravingen van (Franse) archeologen als Jean-Yves Empereur en Franck Goddio.

Romeins Egypte is dus een mooi onderwerp voor een tentoonstelling – en waar kan die beter gehouden worden dan in het Amsterdamse Allard Pierson Museum, dat al sinds de jaren dertig een uitgebreide collectie post-faraonische oudheden bezit? In samenwerking met de archeologische musea van Tongeren en Valenciennes werden ongeveer 250 kunst- en gebruiksvoorwerpen bij elkaar gebracht voor de prestigieuze tentoonstelling Keizers aan de Nijl. Een enigszins misleidende noemer, want afgezien van een half dozijn gipsen afgietsels van Romeinse keizers die Egypte hebben bezocht, schitteren de cesaren door afwezigheid. Alexandrië was geen keizerlijke residentie, en de nadruk ligt op het dagelijks leven in de eerste eeuwen van onze jaartelling, toen Hellenistisch Egypte de bescheiden invloeden onderging van de ingekwartierde Romeinse legioenen en bestuursambtenaren.

De multiculturele samenleving van Romeins Egypte (drie talen, vier alfabetten, religies uit alle windstreken) komt in bijna iedere Amsterdamse vitrine tot uitdrukking. Er zijn mooie voorbeelden van zogeheten Fajoem-portretten (schilderingen op hout die op de hoofden van mummies werden gelegd), waarop de Romeinse realistische portrettraditie zich mengt met Griekse motieven en Egyptische gelaatstrekken. Er is een kleurrijke gipsschildering van een man die loopt als een Egyptenaar (en profil, schouders in vooraanzicht) maar die is gekleed volgens de Griekse mode. En er zijn twee gave beeldjes die Romeins militarisme paren aan Grieks-Egyptisch godendom: de ene stelt de stier-god Apis voor in de toga van een Romeinse veldheer, de andere toont Harpochrates (de Griekse versie van de god Horus) als generaal.

De dodencultus en de godenwereld vullen slechts enkele van de twintig staande vitrines. Egypte was een economische toplocatie, en er is op Keizers aan de Nijl dus veel aandacht voor landbouw en export. De expositie begint zelfs met een `landbouwersalmanak' waarop de verschillende oogsten (olijven, graan en druiven) zijn gerelateerd aan het stijgen en dalen van de Nijl; het laatste werd bijgehouden met zogeheten `nilometers', die elegant afgebeeld zijn op twee rood-zwarte weefsels in medaillonvorm uit de zevende eeuw na Christus. Het `gouden slib' maakte Egypte tot de grootste graanexporteur van de Oudheid; na de introductie van de wijnstok onder de Grieks-Ptolemaeïsche farao's werd de Nijldelta ook de belangrijkste producent van goedkope wijn – en dat terwijl Egypte van oudsher juist een bierdrinkend land was geweest!

Behalve op wijn, graan en olijfolie legde Egypte zich toe op de veehouderij. Niet omdat er zoveel vlees gegeten werd, maar omdat er grote behoefte was aan offerdieren en ander basismateriaal voor de ontelbare religieuze cultussen. Bij een gipsen kop van een krokodillenmummie vertelt een geestig tekstbordje over de uit de hand gelopen dierenverering: `Miljoenen dieren zijn gemummificeerd en begraven: sommige dieren werden alleen maar gefokt om te worden gedood en gemummificeerd.' Waarmee Romeins Egypte plotseling een pionier blijkt van de bio-industrie.

Niet alle tentoonstellingsteksten zijn om over naar huis te schrijven. Wat om te beginnen ontbreekt, is een goede inleiding op de tentoonstelling. Die is wel te vinden in een begeleidend krantje; maar wie geen zin heeft in een leeslesje loopt het risico om gedesoriënteerd door de vier zaaltjes rond te dwalen. Daar komt bij dat de tentoongestelde voorwerpen zeer summiere uitleg hebben gekregen (wat zit er bijvoorbeeld in een `graanmummie'?) en dat bij sommige vitrines iedere toelichting ontbreekt. De van de expositie in Tongeren afkomstige tekstborden zijn trouwens niet altijd aangepast aan de situatie in Amsterdam. `Hier geeft de computer orakels in de oorspronkelijke taal,' luidt de tekst bij een vitrine met religieuze parafernalia; het cd-romprogramma waarop gedoeld wordt bevindt zich twee zalen verder.

Keizers aan de Nijl ontbeert context en museale Schwung; de makers hebben afgezien van maquettes, reconstructies en tot de verbeelding sprekende historische verhalen. De tentoonstelling valt het best te genieten als l'art pour l'art. Wie zich verder niet bekommert om de geschiedenis, heeft veel om naar (uit) te kijken: beeldschone pionnetjes met spiraalmotieven uit een kindergraf, een gaaf bewaarde Koptische mummiewade, een gekleurde aardewerken voorstelling van een jongetje op een krokodil, en niet te vergeten een (jammer genoeg beschadigd) beeldje van een aap en een vrouw die zich overgeven aan kinky sex. In de catalogus valt te lezen dat het dromen van dit soort standjes als een heilzaam voorteken werd beschouwd.

Tentoonstelling: Keizers aan de Nijl – Egypte in de Romeinse tijd. Amsterdam, Allard Pierson Museum. T/m 11 maart.

Di-vr 10-17u, za en zo 13-17u. Cat. ƒ 65,-.