`London good, London money'

Europa weet geen raad met illegalen: opvangen mag vaak niet, terugsturen lukt meestal niet. De controle verscherpt, maar lost het echte probleem niet op. Een bericht uit de praktijk

,,Kom er maar onder vandaan, jongens'', zegt de man van de veiligheidsdienst, op zijn knieën met een zaklamp. Vier mannen kruipen onder de vrachtwagen uit. Ze hadden zich boven de wielen verstopt, in de hoop dat ze hun schuilplaats pas na de boottocht naar Dover zouden hoeven verlaten. Maar ze zijn gesnapt op de kade van Calais, pal naast de veerboot waar ze zo graag op hadden willen zitten. Vier jonge mannen, met sneakers en dikke jacks. Ze staan emotieloos in de stromende regen.

Het zijn Afghaanse verstekelingen, zo blijkt als de Franse politie is gearriveerd. En wat doet die met ze? In een busje laden en ze even buiten de haven langs de snelweg neerzetten. ,,Die vissen we morgen weer uit een andere truck'', zegt Jean-Marie Inglis van de veerdienst P&O Stena Line.

Als ergens de Europese asiel- en immigratiepolitiek zichtbaar is, dan is het wel in Calais. Net als in andere havens van waaruit veerboten naar Engeland varen zoals Le Havre, Zeebrugge, Duinkerken of Cherbourg proberen illegale migranten hier de oversteek te maken. De meesten zeggen dat ze politiek asiel willen aanvragen in Engeland. De Britten krijgen schoon genoeg van die toestroom, en beboeten veerdiensten en vrachtwagenchauffeurs die illegalen vervoeren tweeduizend pond (circa zevenduizend gulden) per verstekeling voor de veerdienst, tweeduizend voor de chauffeur. De veerdiensten betalen ook tijdelijke opvang in Engeland, en eventuele repatriëringskosten. Dat kan oplopen tot vijfduizend pond per persoon. P&O Stena, zegt Inglis, heeft afgelopen jaar al honderdduizend pond aan boetes betaald. ,,En er staan nog miljoenen uit.''

De Franse autoriteiten controleren mondjesmaat. De haven van Calais voert sinds vorig jaar, op verzoek van gefrustreerde transporteurs, controles uit op vrachtwagens. Die controles zijn vrijwillig. Veel chauffeurs hebben haast of zien de ernst van de situatie (nog) niet in. Vandaar dat P&O Stena sinds ruim een week zélf controles uitvoert. Met een particuliere Franse beveiligingsdienst.

Alle trucks, personenauto's en busjes worden op verstekelingen gecheckt voordat ze aan boord rijden. Veertig mannen, gewapend met CO2-meters, ladders en zaklampen kammen elk voertuig uit. Die operatie kost de veerdienst een half miljoen pond per jaar. Veel geld, maar altijd nog minder dan de Britse boetes. ,,Dat is ook het enige voordeel'', zegt Inglis. ,,Het probleem zelf wordt er absoluut niet mee opgelost.''

De verstekelingen die worden gepakt, zeggen dat ze uit Irak, Afghanistan of Sri Lanka komen landen waarnaar ze moeilijk teruggestuurd kunnen worden, vanwege de politieke situatie daar. Ze hebben geen van allen papieren. Politiek asiel aanvragen in Frankrijk willen ze niet, en dus komen ze niet in aanmerking voor opvang elders in het land. Ze willen maar één ding: naar Engeland varen. ,,London good, London money'', zeggen ze. ,,Calais no good, Calais no money''. In Engeland hebben ze familie of contacten, in Engeland is meer zwart werk dan op het continent, in Engeland willen ze asiel aanvragen omdat ze daar, terwijl de procedure loopt (en langdurig loopt), goede opvang krijgen.

Of ze nu echt politieke vluchtelingen zijn of niet, illegaal komen en dan asiel aanvragen is ongeveer hun enige mogelijkheid om Europa binnen te komen. De lidstaten van de Europese Unie zitten in hun maag met de illegalen en het groeiend aantal asielzoekers die eigenlijk geen asielzoekers zijn. Maar elke poging om er gezamenlijk iets aan te doen, faalt: er is altijd wel één lidstaat die de voorgestelde maatregelen blokkeert.

Frankrijk kan de illegalen in Calais het land uitzetten noch officieel opvangen. Ook terugsturen naar het Europese land waar ze vandaan kwamen, heeft geen zin: aan de binnengrenzen van de Europese Unie wordt niet gecontroleerd. Een illegaal die `terug' wordt gestuurd naar, zeg, Duitsland, loopt de volgende dag weer in Calais.

Tot een jaar of twee geleden sliepen de illegalen, met hele gezinnen soms, in parken in Calais. Maar de inwoners vonden dat inhumaan. Er waren geen wc's, dus het gaf ook viezigheid. Uit arren moede huisvest de regering ze nu in een enorme hangar in de duinen bij een badplaatsje onder Calais, waar vroeger ijzeren frames voor de Eurotunnel werden gelast. Een politieagent zegt: ,,We zitten met de handen in het haar. Stena belt ons als er weer illegalen worden gevonden. Wij zetten ze af in het kamp, of onderweg naar het kamp, meer kunnen we niet doen. Daar krijgen ze eten van het Rode Kruis, slapen ze wat, en lopen vervolgens weer vijf kilometer door de velden naar de haven. Daar kruipen ze in een truck, en vist Stena ze er weer uit. Zo gaat het, dag in dag uit''.

Vooral bij donker zie je overal in de haven schimmen. Ze kruipen door de velden, klimmen over het hek, lopen over de fly-overs van de vele snelwegen die naar de veerboten leiden.

Terwijl de chauffeurs koffie drinken of liggen te slapen (ze mogen maar een aantal uur achter elkaar rijden), kruipen ze tussen de vracht. Ze worden almaar slimmer. Ze scheuren de plastic bedekking open en plakken die onzichtbaar vast. Anderen ademen in zakken uit of kruipen in koelkasten aan boord, in de hoop dat de CO2-meter van de controleur hen niet registreert.

Toen Stena met controleren begon, was het meteen raak: acht verstekelingen in de eerste vrachtwagen, zes in de tweede. In totaal zijn er nu 151 illegalen gevonden. Het aantal daalt, de laatste paar dagen. ,,Maar dat zegt niets'', zegt Inglis. ,,Ze gaan gewoon met Sea France, de andere veerdienst die van hieruit naar Dover vaart.''

In de grijze hangar bij het badplaatsje Sangatte verblijven nu zo'n zevenhonderd illegalen iets minder dan een paar weken geleden. Het is er koud en vochtig. Het stinkt naar urine en zweet.

Een busje levert dozen babyluiers af, een kind kruipt over de betonnen vloer tussen mensen door die op plastic stoelen wezenloos tv kijken. Buiten is een politiebus geparkeerd, van waaruit een tiental agenten toeziet hoe groepjes illegalen het terrein verlaten.

Twee Arabisch-sprekende mannen vragen rillend een lift. Ze hebben net vanuit de telefooncel naast de hangar een familielid in Engeland gebeld: hun bagage is goed aangekomen. Twee vrienden ook. Nu zijzelf nog, zeggen ze monter. Dit wordt hun derde poging.