Kamer vreest voor verlies open ruimte

De plannen voor de verdeling van de ruimte in Nederland tot 2030, die het kabinet gisteren na jaren van discussie presenteerde, zijn onmiddellijk op scherpe kritiek van de Tweede Kamer gestuit.

De Kamer is in meerderheid bevreesd dat de resterende open ruimte zal dichtslibben.

Bij de presentatie van de hoofdlijnen van de zogeheten Vijfde Nota maakte het kabinet bekend dat veel extra ruimte ter beschikking zal worden gesteld voor woningbouw, bedrijventerreinen, infrastructuur, recreatie, nieuw aan te leggen natuurgebieden en wateropvangplaatsen.

De hiervoor benodigde extra ruimte zal deels komen van terreinen die nu nog in gebruik zijn voor de landbouw, terwijl een ander deel afkomstig zal zijn van gebieden die nu nog open zijn.

De exacte verdeling zal overigens pas in een later stadium volgen. Hierbij zal een hoofdrol zijn weggelegd voor de gemeenten en de provincies. Minister Pronk (VROM), de architect van de zogeheten Vijfde Nota voor de Ruimtelijke Ordening, verklaarde gisteren dat alle steden en dorpen uiterlijk in 2005 een grens om de eigen plaats moeten hebben getrokken.

Buiten deze `rode contour' zal dan in principe tot 2015 niet mogen worden gebouwd, al zullen uitzonderingen mogelijk blijven. Daarna zal de situatie opnieuw worden bekeken.

Om waardevolle natuurgebieden zal een `groene contour' worden getrokken, waarna daarbinnen geen nieuwe bebouwing meer zal zijn toegestaan.

Ook zullen er geen nieuwe wegen en spoorwegen mogen worden aangelegd. Onduidelijker is intussen wat er met de tussenliggende open gebieden zal gebeuren, in totaal bijna de helft van het oppervlak van Nederland. Onder bepaalde voorwaarden zal daar nog steeds nieuwe bebouwing mogelijk blijven.

De Tweede Kamer reageerde gisteravond ongerust op de plannen van Pronk. PvdA, D66, GroenLinks, ChristenUnie en SP spraken de vrees uit dat door het nieuwe kabinetsbeleid de resterende open ruimte in Nederland verder zou dichtslibben. Zij zouden graag scherpere grenzen zien gesteld aan de rode contouren rond steden en dorpen.

VVD en CDA toonden zich daarentegen verheugd dat het kabinet de regie over de ruimtelijke ordening niet te strak in eigen hand wil houden.

Ook natuur- en milieu organisaties reageerden verontrust op de plannen van het kabinet. ,,Het is paars op zijn slechtst'', stelde Milieudefensie. A. den Biggelaar van de Stichting Natuur en Milieu sprak van ,,een gemiste kans''.

De provincies zullen er in de plannen van het kabinet op moeten toezien dat de gemeenten geen misbruik maken van de vrijheid die Pronk hen wil gunnen. De plannen van de gemeenten zullen door de provincie moeten worden getoetst aan criteria die door het rijk zijn vastgesteld. Pronk wees erop dat niet langer alle claims van gemeenten voor nieuwe ruimte kunnen worden gehonoreerd. ,,Dat kon in het verleden'', aldus Pronk, ,,nu moeten we voor het eerst kiezen.''

De keuze zal aan de hand van enkele criteria geschieden. Zo moet de ruimte intensief worden gebruikt, bij voorbeeld door parkeerplaatsen onder een gebouw aan te leggen en kantoren boven een weg te bouwen. Ook moeten de lokale en regionale overheden er naar streven om de beschikbare ruimte zo in te richten dat gebieden tegelijk voor recreatie en waterberging worden gebruikt. Voorts mag er niet gebouwd worden zolang er nog oude bedrijventerreinen beschikbaar zijn.

Het kabinet heeft besloten een aantal zogeheten nationale landschappen aan te wijzen, die van bijzonder landschappelijke of cultuurhistorische waarde zijn. In deze gebieden zal slechts bij hoge uitzondering nieuwe bebouwing mogen worden toegevoegd. Het gaat hierbij vooralsnog om het Groene Hart, de Hoeksche Waard en het Noordhollands Midden. Zoals reeds eerder was uitgelekt, wil het kabinet aan de randen van het Groene Hart bebouwing toestaan. Om de druk op het Groene Hart iets te verminderen zal het marinevliegkamp Valkenburg worden overgebracht naar Den Helder. Rond 2010 zou er op Valkenburg met de bouw van een woonwijk kunnen worden begonnen.