Cohen naar Amsterdam

EEN VERRASSING is het allerminst: staatssecretaris Cohen (Justitie) wordt burgemeester van Amsterdam. Voordat Patijn zijn tussentijdse vertrek had aangekondigd, waren bijna alle ogen al op hem gericht. Het gevolg was dat er uiteindelijk slechts zes mensen solliciteerden, van wie er vijf op voorhand amper in hun eigen kansen geloofden. Burgemeester Stekelenburg van Tilburg was eerst in de wandelgangen uitgeschakeld omdat de hoofdstedelijke VVD zich daar uitsprak voor Cohen en rangeerde daarna zichzelf uit met een noodlottige combinatie van gretigheid en onverschilligheid. De drie andere mannen zwegen. Ook de enige vrouwelijke kandidaat stak nimmer haar hoofd boven het maaiveld uit.

Het is bij de strijd om het burgemeesterschap in Amsterdam wel eens anders geweest, bijvoorbeeld in 1983 toen de twee sollicitanten Van Thijn en Van Kemenade er geen doekjes om wonden dat ze wilden. Waarom dat patroon zich niet heeft herhaald is een raadsel. Nooit is de procedure in Amsterdam zo omstreden geweest als dit keer. De vertrouwenscommissie uit de gemeenteraad was kleiner dan ooit. Ze bestond uit slechts vier fractievoorzitters (van PvdA, VVD, CDA en Mokum Mobiel). De andere vier (GroenLinks, D66, SP en Groenen/Amsterdam Anders) weigerden deel te nemen, toen bleek dat er geen sprake zou zijn van enige vorm van volksraadpleging. Van Kemenade, commissaris van de koningin in Noord-Holland, blokkeerde dat met een beroep op de huidige wetgeving.

Van Kemenade had gelijk. Maar daarmee is niet gezegd dat elke publieke discussie over de toekomstige burgemeester van Amsterdam vervolgens ook had moeten worden gesmoord. Dat dit wel is gebeurd, is vooral op conto van GroenLinks en D66 te schrijven. Hun ogenschijnlijk principiële positie was kennelijk niet veel meer dan een alibi om er verder het zwijgen toe te doen. De enige die nog heeft geprobeerd politiek te bedrijven, was VVD-leider Dijkstal. Zijn bezwaar tegen een voortijdig vertrek van Cohen uit Den Haag is niet ongegrond. Wie staatssecretaris wordt, doet dat in principe voor vier en niet voor twee jaar. Tijdstip en toonzetting van Dijkstal deden echter vermoeden dat het meer ging om ketelmuziek binnen de regeringscoalitie dan om de zaak zelf.

De keuze voor Cohen is desondanks logisch. Cohen is een politieke bestuurder van deze tijd en wordt daarom wel eens genoemd als mogelijke opvolger van zijn partijleider Kok. Hij staat met beide benen in de polder, zonder al te snel uit koers te raken. Hij is beminnelijk, zonder slap te worden.

DE VRAAG IS hoe lang Cohen deze houding kan volhouden. Amsterdam worstelt namelijk met gecompliceerde problemen. De inactieven worden onvoldoende gestimuleerd, waardoor hun arbeidsparticipatie achterblijft. Het onderwijs kampt met verwaarlozing. De woningmarkt is ontoegankelijk aan het worden voor de middengroepen. `Outlaws' worden van heinde en verre aangezogen om op straat de zelfmedicatie voor hun psychose bij elkaar te scharrelen dan wel gewapenderhand criminele conflicten af te rekenen. Het centrum zucht intussen onder een walmende feestcultuur. En dat in een stad die aan oude en nieuwe `goudkusten' ongekende welvaart genereert, maar niet in staat is goede ambtenaren te werven.

Deze stad wordt sinds 1998 bestuurd door een regenboogcoalitie van PvdA, VVD, GroenLinks en D66. De oppositie is tandeloos. Het gevolg is een hybride bestuurscultuur. Het grootste nadeel daarvan is dat het college van B en W onzichtbaar is geworden voor de burgers. Patijn liet dat op zijn beloop. Hij wilde een echte burgervader zijn en is daarin geslaagd.

Cohen kan zich geen terughoudendheid veroorloven. Amsterdam heeft behoefte aan een burgemeester die zich niet beperkt tot het voorzitterschap van de raad en zijn eigen portefeuille (openbare orde), maar zich ook bemoeit met andermans zaken. Dat kan tot conflicten leiden met de zittende wethouders die gewend zijn geraakt aan verkokering. Het zij zo. De herovering van het publieke domein mag niet op de politie worden afgewenteld, maar moet ook door de politiek ter hand worden genomen. Aan Cohen de taak daaraan leiding te geven.