Van oude holdings en dingen die voorbij gaan

In de beursarena is het publiek nooit tevreden. Geef beleggers zeggenschap en zij klagen dat zij te weinig geld voor hun effecten krijgen. Geef beleggers geen zeggenschap en ze klagen dat zij geen stemrecht hebben én extra opbrengsten mislopen.

Heineken Holding, een beleggingsmaatschappij in aandelen van het Heineken concern, worstelt met de eerste klacht. Kantoorinrichters Ahrend en Samas, die hun fusie doorkruist zien door onwelgevallige bieders, trotseren het tweede ongenoegen.

De groeiende pressie van beleggers concentreert zich op de hervormingsgezindheid van ,,beroepscommissarissen'' als T. Risseeuw, voormalig bestuursvoorzitter van automatiseringsbedrijf Getronics. Hij is onder meer commissaris bij Samas en het Heineken concern.

Bij Samas zijn beleggers monddood. Stemmen kan alleen een directie-vriendelijke stichting. Bovendien heeft het bedrijf zichzelf voorafgaand aan het officiële bod van belager Buhrmann beschermd door de uitgifte van goedkope aandelen bij een andere bevriende stichting.

Bij Heineken hebben beleggers alle zeggenschap die zij zich kunnen wensen. In de ranglijst van het Belgische adviesbureau Déminor op het gebied van ondernemingsbestuur (corporate governance), dat deze week verscheen, krijgt Heineken een eervolle vermelding. Onder grote Nederlandse bedrijven springt het concern eruit met zeggenschapsrechten voor beleggers.

Jammer alleen dat er natuurlijk weinig te kiezen valt op de aandeelhoudersvergadering van het concern. Een nipte meerderheid van de aandelen is in handen van Heineken Holding en een nipte meerderheid van die holding is uiteindelijk weer in handen van A. Heineken (77). Zo controleert Heineken met een kwart van de aandelen het hele concern. Jaarlijks geven de aandeelhouders Heineken dispensatie voor het feit dat hij de leeftijdsgrens voor een benoeming in de Raad van Beheer van de Holding is gepasseerd.

Déminors lof voor de on-Nederlandse constructie van gestapelde Heineken holdings onderstreept de kracht en de zwakte van zulke rapporten. Het leuke is dat Déminor talloze, zelfs binnen individuele landen verschillende (wettelijke) regelingen en praktijken langs een uniforme meetlat legt.

Dat schept duidelijkheid. Het Nederlandse bedrijfsleven vindt dat zij het heel behoorlijk doet in corporate governance, maar valt steevast door de mand. Vorig jaar was Nederland hekkesluiter bij zes onderzochte landen, dit jaar nummer acht van negen.

De druk vanuit Brussel op Nederland om een deel van de juridische bescherming bij overnames te schrappen doofde overigens deze week, toen het Europees Parlement zich diametraal tegenover een inperkende richtlijn van de Europese Commissie opstelde.

Het Déminor-rapport praat over rechten, niet over werkelijke invloed van beleggers. Een opeenstapeling van holdings, zoals bij Heineken, slaat hoge ogen, terwijl de beleggers die geen Heineken heten per saldo net zo weinig invloed hebben als bij Samas.

Staan directeuren en commissarissen van gestapelde holdings bloot aan grotere beleggersdruk dan de beslissers bij juridisch beschermde vennootschappen? Het lijkt er wel op. In Nederland zijn al twee holdings, die in aandelen Koninklijke Olie belegden, gesneuveld. Onbekende beleggers confronteren Heineken Holding nu ook met zijn lage beurswaardering.

Zulke holdings zijn een aantrekkelijk doelwit: doorgaans is de beurskoers lager dan de waarde van de bezittingen, zelfs bij een fiscale claim wegens ,,bedrijfsbeëindiging''. Holdings hebben bovendien weinig echte werknemers. Vakbonden liggen niet dwars.

Aandelen als Heineken Holding zijn iets voor zuinige beleggers. Meer rendement voor minder geld. Vorige maand kietelde Heineken-commissaris Risseeuw de fantasie toen hij 3.425 aandelen Heineken verkocht en met de opbrengst van ruim een half miljoen gulden 5.475 aandelen Heineken Holding aanschafte.

Maar beleggers willen nu minder dan vroeger wachten tot marktkrachten de koers van de Holding optrekken. Zij willen meer geld zien. En snel een beetje. Sterker nog: eigenlijk moeten de Holding-aandelen een premie hebben ten opzichte van de reguliere Heineken-koers. De holding heeft immers de zeggenschap.

Waarom gebeurt dat niet? Beleggers zijn nooit zeker dat een koper van het aandelenpakket van de familie Heineken ook een bod op de rest van de Holding-aandelen zal doen. De hopeloos verouderde Nederlandse regelgeving kent geen biedplicht en Brussel laat na de inverventies van het Europees Parlement weer op zich wachten.