EU-hulp Balkan niet ten koste van armen

De Europese Unie trekt in 2001 jaar meer geld uit voor armoedebestrijding. Hulp aan de Balkan zal niet ten koste gaan van ontwikkelingslanden. Het Europees Parlement en de Raad van Ministers hebben hierover gisteren een akkoord bereikt, waarmee voorstellen van het Europarlement zijn gehonoreerd. De EU-ministers waren aanvankelijk van plan extra geld voor de Balkan (o.a. Kosovo) vrij te maken door te bezuinigen op ontwikkelingshulp. Ook de Europese Commissie verzette zich hiertegen. Het totale EU-hulpbudget bedraagt 12 miljard gulden. Op voorstel van socialistisch Europarlementariër Max van den Berg, rapporteur voor ontwikkelingssamenwerking, is binnen het hulpbudget het bedrag voor basis-onderwijs en basis-gezondheidszorg in Afrika, Azië, het Middellandse Zeegebied en Latijns-Amerika verdubbeld. Dit past in de wens om meer prioriteit te geven aan armoedebestrijding. De Raad van Ministers handhaaft het meerjarig budget voor de EU, maar maar maak geld voor de Balkan vrij uit de pot onvoorziene uitgaven. Die bereidheid was gegroeid door een snellere terugbetaling aan de lidstaten van overschotten, wat hun rentevoordeel oplevert. Voor de Balkan is in 2001 839 miljoen euro uitgetrokken, waarvan 240 miljoen euro voor Servië. Op verzoek van het Europarlement is de hulpbegroting transparanter gemaakt. Ook is afgesproken dat ongebruikte hulpgelden na drie jaar terugvloeien in het budget. Eurparlementariër Van den Berg sprak van een ,,grote uitdaging'' voor Commissaris Chris Patten (Buitenlandse Betrekkingen), die zelf grote kritiek heeft op de gebrekkige efficiency in de EU-hulpverlening.