Braaf Assepoesje

Het sprookje van Assepoester is bekend: een meisje wordt gekoeionneerd door haar gemene stiefmoeder en twee stiefzusjes, maar uiteindelijk trouwt het sloofje met de prins, dankzij het glazen muiltje dat haar als enige in het hele land past.

In Pamela Koevoets Assepoester gaat het ook ongeveer zo. Het glazen muiltje is een klompje geworden, maar het is wel zo, dat het alleen dat ene meisje past. Deze navertelling is vooral anders door de uitvoerigheid. Waar de gebroeders Grimm kort zijn over alles en iedereen heeft Pamela Koevoets moeite gedaan om omstandigheden, voorwerpen en personages tot hun recht te laten komen.

Het verhaal begint bij een gelukkig gezin: het kleine meisje, haar vader en haar moeder. Maar er breekt oorlog uit, waardoor de brave handelaar die vader was, met `een goede neus' voor `ham en kaas en fijne oliën, voor ruwe wol en voor doeken die niet te strak en niet te los waren geweven' niet meer zoveel negotie heeft. Moeder gaat dood. Vader verslingert zich aan een vrouw met rode haren en twee beeldschone dochters. Hij is zo verliefd op zijn nieuwe vrouw, die haar haren maar los hoeft te maken om hem tot haar willoze slaaf te maken, dat hij verkiest niet te merken hoe zijn eigen dochter behandeld wordt.

In het oorspronkelijke sprookje bidt het meisje geregeld op het graf van haar moeder, hier is het graf in de tuin een regelrechte cultusplaats voor het verwaarloosde dochtertje. De sfeer is toverachtig zonder directe tovenarij, al is de stiefmoeder beslist een soort heks, komen er pratende muizen en vogels voor, en tovert de maan het vieze vormeloze jak van het meisje en haar eenvoudige klompen om tot een chic feestgewaad. En de prins heeft ineens iets van diepte gekregen, zij het niet veel. Hij is geschokt door zijn eerste oorlogservaringen, hij is eenzaam, hij verlangt naar iemand die de pijn in zijn hart zal genezen. Als hij meisjes ziet denkt hij: `Kon hij die eenzame pijn met hen delen?'

Of de hervertelling van Koevoets bedoeld is als kinderboek is onduidelijk, al lijkt het er wel op. Veel vierkleuren plaatjes, zij het vrij lelijke, gemaakt door Michiel Romeyn. Verder heeft de tekst een vorm zoals die in kinderboeken nogal gebruikelijk is: eenvoudige zinnetjes, tussen proza en poëzie in. De regels lopen nooit vol, zonder dat duidelijk is waarom niet.

`Ineens was ze weg uit zijn armen. Het donker

in, buiten, snel als een streep licht!

Of was ze er nog,

binnen ergens binnen?

De Prins duizelde even, wist het niet meer,

stond in tweestrijd.'

Het verhaal heeft als ondertitel meegekregen `Een lied van vertrouwen'. Het vertrouwen van het meisje dat ze ooit een prins zal tegenkomen, dat dan alles goed zal komen, dat het beter is om lief en zorgzaam en gevoelig te blijven in plaats van zich te pantseren.

Dat klinkt allemaal nogal braaf, en dat is het ook. Zó braaf dat dit wel een kinderboek moet zijn, want wie gaat volwassenen nu zo'n suikerzoet verhaal voorschotelen? Het kwaad is alleen maar kwaad, Assepoester is alleen maar goed, vader is verblind maar vindt zichzelf weer terug, de prins is een softie, veel meer valt er niet over te zeggen en dan is er natuurlijk nog een wijze oude man die veel ziet en begrijpt maar weinig zegt. De Nar, die nul grapjes maakt. Geen spoortje humor of relativering in dit boek te vinden.

Onwillekeurig gaan de gedachten terug naar Wim Hofmans bewerking van Sneeuwwitje, waarin hij de boze stiefmoeder veranderde in de èchte moeder van Sneeuwwitje, wat het allemaal veel schrijnender maakte. En ook aan zijn taal was zo veel te beleven, zoveel onverwachts en grappigs en vindingrijks. Hier is er van dat alles maar weinig te vinden.

Pamela Koevoets: Assepoes. Illustraties Michiel Romeyn.

De Bezige Bij, 107 blz. ƒ39,90