Geboeid door bidstoeltjes en gordijnen

Zes jaar geleden begon acteur Eric Schneider zijn toneelherinneringen als tekeningen vast te leggen.

In het Appeltheater in Scheveningen zijn ze tentoongesteld ter gelegenheid van zijn veertigjarige jubileum.

Het verrassendste aan de toneeltekeningen die Eric Schneider maakte, is de afwezigheid van de acteur zelf. Slechts een enkele keer beeldde hij zichzelf uit, bijvoorbeeld als Oedipus met een hemels hoofd vol wolken in plaats van de theatrale Oedipus met een hoofd vol bonzend bloed aan het slot van deze klassieke tragedie. Een andere maal als een personage uit Dodendans van Strindberg: de acteur houdt zijn gezicht voor de helft verborgen achter het tekstboek. ,,Ik had er geen behoefte aan mijzelf voor het voetlicht te plaatsen'', zegt Eric Schneider terwijl hij in de foyer van het Appeltheater in Scheveningen zijn tekenwerk toelicht.

Geen zelfportretten dus, eerder miniaturen of verfijnde stillevens van Schneiders herinneringen en associaties bij de talloze vertolkingen uit veertig jaar spel bij diverse gezelschappen en onder uiteenlopende regisseurs. Veel Tsjechov, Shakespeare, Sophocles. Wat hij toont is de prozaïsche kant van het acteren, getekend met inkt, krijt, potlood en soms verf vanuit het point-of-view van de acteur. De achterkant van een decor, de zetstukken en coulissen, rommelige elektriciteitsdraden, het verblindende theaterlicht waarin acteurs altijd kijken. En vooral ook de stoeltjes, waarop de acteurs wachten voordat ze opgaan.

,,Ik ben geboeid door stoelen, vooral bidstoeltjes,'' legt hij uit. ,,Op de eerste reeks tekeningen die ik maakte staan bidstoeltjes met daarover een jas of mantel gedrapeerd, een enkel attribuut en de tekst. Dat zijn de drie belangrijkste associaties die ik met toneel heb. Het bidstoeltje staat voor de meditatieve toewijding aan het spel, de mantel voor weelde, luxe en ook tijdelijkheid. Een toneeljas heeft buiten de Bühne geen enkele waarde. En dan natuurlijk de tekst. Hier heb ik Thomas Bernhard getekend, althans, zoals ik hem zie: een gammele stoel, dat vreselijke petje dat hij altijd droeg, zijn halfversleten mantel en dat heel erg Oostenrijkse geruite jasje. Oscar Wilde is anders. Rijke bontmantels, zijden sjaals, de eeuwige lelies.''

Schneider debuteerde in 1960 met Zuiden van Julien Green. Nu, veertig jaar later, speelt hij de titelrol in Minetti van Bernhard. De pentekeningen zijn zeer arbeidsintensief. Met duizenden fijne lijnen, hier en daar aangezet met kleur, roept hij vergeten voorstellingen in herinnering. Een fraai toonbeeld vormt het decor van Hamlet uit 1976 ontworpen door Nicolaas Wijnberg. De halve cirkel van de bakstenen muur van kasteel Elseneur zweeft vrij in de lucht. De acteurs kwamen op onder het geschilderde doek door. Eronder staat, zoals bij elke tekening, een toepasselijk tekstcitaat, ditmaal: ,,Denemarken is een gevangenis.'' Geheel aan zijn eigen fantasie ontsproot de tekening voor Bouwmeester Solness van Ibsen, een stuk over een megalomane architect. Schneider verbeeldde de toren die Solness aan het slot beklimt als een duizelingwekkende, wankele opeenstapeling van stoelen. We zien de bouwmeester de hoogte in gaan. Hier laat hij zijn hoed achter, een stoel verder zijn wandelstok. Helemaal in de hoogte wacht hem de strop. Het beklimmen van de toren wordt hem noodlottig.

De toneeltekeningen vertonen een opmerkelijke esthetische bekommernis. Minutieus tekent Schneider de voiles, gordijnen en de tafels met grote tafelkleden waaronder en waarachter bij Molière altijd van alles gebeurt. Door het gebruik van voiles ontstaat diepte en perspectief. Het kleine mannetje in gestreepte pyjama dat kruipend afgaat, is Schneider zelf. De tekst eronder geeft: ,,Mevrouw, u hier?'' Schneider zegt niet zonder ironie dat hij `in alle Molières altijd kruipend de aftocht blies'.

Voor Lange dagreis naar de nacht van O'Neill leende Schneider een bekend schilderij van Hopper met man en vrouw op de veranda. De mensen zijn verdwenen, de veranda tekende hij als een toneeldoek met op de voorgrond een grasveld met ligstoelen en tientallen lege flessen whisky: ,,Daar zit het personage Tyron dat ik speelde, bezeten van dromen van een huisje op het land maar ondertussen zijn leven kapot drinkend.'' Los van zijn eigen spel staat de tekening die gemaakt werd in Athene. Schneider zag een man bij de bushalte staan met twee doodskisten voor kinderen. Leeg vermoedelijk; misschien was de man timmerman. Schneider associeerde hem meteen met Jason die in de Medea zijn twee kinderen bloedig verliest, vermoord door zijn vrouw.

Opmerkelijk is de reeks kleedkamers. Voor Schneider is dit de meest intrigerende plaats: ,,In de vaak onttakelde ruimte van de kleedkamer bevind je je tussen de dagelijkse werkelijkheid en de illusie van het toneel. Een mantel, een hoed of kroon, een staf betekenen buiten het theater niets, maar binnen de omlijsting van het decor alles. Dat is het wonderlijke van toneel. Dat geloof in dromen en tegelijkertijd de vluchtigheid van die dromen. Hier, op deze tekening, houdt een acteur zich verborgen onder de schminktafel. Hij wil niet op, hij is opeens doodsbang. Ik heb zoiets meegemaakt. Het is goedbeschouwd verontrustend hoe snel voorstellingen voorbijgaan. Nu het nog kan wil ik alles vastleggen, niet als foto's of geschreven tekst, maar als tekeningen met een vrije verbeeldingskracht hoe ik mijn rollen en de decors waarin ik stond heb ervaren. Aanvankelijk lijkt een decorstuk aan de achterzijde lelijk, maar na verloop van tijd ontdek je de schoonheid en het rauwe ervan, het constructieve karakter, wars van elke weelde of opsmuk en daardoor zuiver en puur.''

Eric Schneider: Getekend toneelleven. Foyer Appeltheater. Gesigneerde map met 12 tekeningen: ƒ65,-. Minetti van Thomas Bernhard.

Titelrol: Eric Schneider. Première 15/12 Appeltheater, Duinweg, Scheveningen. Inl. (070) 3502200.

    • Kester Freriks