Artsen zijn er ook om mensen te laten sterven

Artsen kunnen nog vele malen toegeeflijker zijn met hulp bij zelfdoding. Ze zouden daarmee maatschappelijk en persoonlijk leed reduceren, vindt Wim Köhler.

De nieuwe euthanasiewet, waarin ook hulp bij zelfdoding is geregeld, verschaft artsen een wettelijke basis om patiënten die daar uitdrukkelijk om vragen te doden. De wet is officieel nog niet in werking getreden, maar de grenzen die ze stelt worden al verkend. De wet is de neerslag van een zich ontwikkelende praktijk die niet stopt nu de wet er is. Artsen, zo heeft de wetgever bepaald, zijn de enigen die euthanasie of hulp bij zelfdoding mogen uitvoeren. Ook artsen en hun beroepsorganisaties moeten meedenken over de grenzen en hun werkwijze aanpassen in reactie op een veranderende maatschappelijke vraag.

Dat gebeurt onvoldoende. Artsen klagen dat er wel erg veel op hun bordje terecht komt. Voorzitter R. Hagenouw van de artsenberoepsorganisatie KNMG is bijvoorbeeld vooral bang voor `patiënt die vraagt en de arts die draait'. Dat was naar aanleiding van de zaak-Brongersma, de oud-PvdA-senator die het leven moe was en van zijn huisarts hulp kreeg bij zelfdoding. Brongersma was niet uniek. De vraag naar hulp bij zelfdoding door oude mensen die iedereen om zich heen al kwijt zijn en de aansluiting met de maatschappij verloren hebben, neemt toe. De ministers Borst en Korthals stelden naar aanleiding van de zaak-Brongersma in de Kamer, daartoe door verontruste Kamerleden geprest, dat levensmoeheid geen grond voor euthanasie is. Een medische diagnose is noodzakelijk, maar Borst voegde toe dat dat wel geen groot probleem zal zijn bij iemand die levensmoe is. Daarmee legt ze het probleem bij de artsen.

Medici zeggen graag dat ze zijn opgeleid om te genezen, niet om mensen dood te laten gaan. Dit is een romantisch beeld van het artsenberoep. Vrijwel alle mensen maken de meeste medische kosten in hun laatste levensjaar. Ergens in dat laatste jaar komt sterven meer voor de hand te liggen dan genezen. Op basis van koude financiële statistiek valt niet vol te houden dat artsen zich vooral met genezen bezighouden en niet met de dood. Als dat het idee is waarmee ze de praktijk in stappen, mankeert er iets aan de opleiding.

Thomas McKeown stelt in zijn klassieke boek The Role of Medicine (1979) ,,dat de taak van de geneeskunde is om ons veilig ter wereld te helpen en ons bij te staan het leven weer zo comfortabel mogelijk te verlaten. Gedurende het leven moet de geneeskunde de gezonden beschermen en de zieken en gehandicapten verzorgen.''

Door de wettelijke status die euthanasie in Nederland nu heeft, zullen niet alleen patiënten en hun familieleden vaker met indringende vragen bij hun arts aankloppen. De verzoeken om hulp bij zelfdoding zullen niet alleen van de ouderen komen die de pil van Drion willen. Ook een deel van de potentiële zelfdoders van jonge en middelbare leeftijd zal de druk op hun dokter of psychiater vergroten. In Nederland plegen jaarlijks ongeveer 1.500 mensen zelfmoord, op vaak gruwelijke wijze. Onder hen zijn veel mensen die al een medische diagnose hebben, meestal een psychiatrische, en die vinden dat ze ondraaglijk en uitzichtloos lijden.

Van der Maas en Van der Wal vonden in hun onderzoek naar de Nederlandse euthanasiepraktijk dat artsen jaarlijks 0,2 tot 0,4 procent van de overledenen assisteren bij zelfdoding, maar dat betreft over het algemeen mensen die bij uitblijven van die hulp niet de hand aan zichzelf zouden slaan. Het zijn mensen die bijna dood gaan maar liever zelf handelen en bij voorkeur niet aan de spuit sterven, of die een arts hebben met een voorkeur voor hulp bij zelfdoding. De zelfmoordenaars vormen een veel grotere groep, ongeveer één procent van het jaarlijks aantal overledenen.

Artsen zouden toegeeflijker kunnen zijn met hulp bij zelfdoding, en daarmee maatschappelijk en persoonlijk leed reduceren. Als die hulp tenminste terechtkomt bij mensen die anders zichzelf doden. De interessante vraag voor de toekomst is of mensen die voor de trein springen liever door hun arts zouden zijn geholpen. Er zijn impulsieve zelfdoders. Die zullen waarschijnlijk niet eerst naar de dokter gaan. Maar mensen die na veel pogingen, na jaren somber gepeins, of na jaren psychisch lijden in wanhoop de hand aan zichzelf slaan, hebben vaak hun arts van hun worsteling op de hoogte gebracht, om hulp gevraagd en nog niet gekregen.

Psychiaters hebben weliswaar richtlijnen opgesteld, maar patiënten gaan vaak shoppen. Uiteindelijk komen veel van hen voor hun zelfmoord bij de niet-medici van stichting De Einder terecht. De psychiaters zeggen dat bij De Einder de expertise ontbreekt om te oordelen of hulp bij zelfdoding terecht is, maar de tientallen mensen die jaarlijks door De Einder worden geholpen, en de frustraties bij artsen die horen dat een patiënt zelfmoord heeft gepleegd terwijl ze dat niet verwachtten, laten zien dat ook de expertise van medische kant tekortschiet. Het is beter, gezien de te verwachten vraag, de kennis over de motieven en kenmerken van potentiële en werkelijke zelfmoordenaars te vergroten.

Hagenouw haalt, met instemming, de oud-hoogleraar gezondheidsrecht H.J.J. Leenen aan. Leenen is, schrijft Hagenouw, niet tegen hulp bij zelfdoding in geval van levensmoeheid, maar hij zou de beslissing hierover graag gescheiden behandeld wil zien van beslissingen over euthanasie of hulp bij zelfdoding in geval van uitzichtloos (lichamelijk) lijden en actuele ontluistering. Er zijn meer gevallen waarin artsen een adviserende rol hebben bij een beslissing waarbij wetenschappelijke onderbouwing moeilijk is. Burgemeesters tekenen voor de door psychiaters geadviseerde gedwongen opname van psychiatrische patiënten. Rechters verklaren verdachten ontoerekeningsvatbaar, laten tbs'ers vrij, of kennen verzachtende omstandigheden toe wegens ziekte op advies van medici. Hulp bij zelfdoding vereist uiteindelijk echter een helpende hand, in elk geval aanwezigheid voor het geval er iets misloopt. En zulke hulp verwacht de maatschappij van de dokter. Het betekent actief meediscussiëren, inzicht krijgen in de motieven en vasthoudendheid van zelfdoders, en scholing en begeleiding organiseren. Wanneer artsen zich terugtrekken, groeien de brigades met `engelen des doods': zelfbenoemde hulpverleners die door het land trekken en aanwezig zijn bij zelfmoord. In het enige land met een goede euthanasiewet hoort euthanasie en hulp bij zelfdoding een normaal vervolg op de medische zorg in de laatste levensfase te zijn. Die zorg ligt bij voorkeur in de vertrouwde handen van de eigen huisarts.

Wim Köhler is redacteur van NRC Handelsblad.